Lezersrecensie
De kunst van het leven
Sipko Melissen is zeker geen veelschrijver: hij publiceerde in 1997 op 56-jarige leeftijd zijn romandebuut en is met “Oud-Loosdrecht” ondertussen toe aan zijn vijfde roman.
Schrijver Wijnand Brandt, een zestiger, beleeft moeilijke tijden: zijn schrijverscarrière lijkt op een dood spoor te zijn beland, zijn partner heeft hem verlaten en er zijn een aantal gebeurtenissen uit zijn verleden die hij nog steeds niet heeft verwerkt. Wijnand is een emotionele man, die het soms moeilijk heeft met de heftige (positieve en negatieve) gevoelens die in hem opwellen. Hij probeert hiermee om te gaan en deze te beheersen; niet omdat hij dit zelf wil, maar omdat hij vindt dat het zo hoort. Hij zoekt steun en roept de hulp in van o.a. zijn goede jeugdvriend Abe Stam, de stoïcijn Seneca, alsook zijn eigen romans en lezerspubliek. Het is een lastig proces van bewustwording, waarbij Wijnand reflecteert over een leven waarin hij zich geregeld afgewezen voelt: door Abe, zijn uitgeverij, zijn redacteur, zijn ex, zijn geliefden en eigenlijk ook door zichzelf.
Het boek baadt in een melancholische sfeer. De hoofdpersoon kijkt terug op flarden uit zijn leven en blijft mijmerend hangen in een verloren, ‘gemankeerd’ verleden. Bovendien dobbert hij wat verdwaasd en stuurloos rond in zijn huidige bestaan, vaak gehuld in zelfmedelijden en boordevol angst voor een onzekere toekomst.
“Oud-Loosdrecht” is een mooie ode aan een diepe, maar gecompliceerde vriendschap, maar graaft ook dieper en ontvouwt zich als een verwerkings- en ontvoogdingsproces van de hoofdpersoon: een zoektocht met als doel het terugvinden van essentiële zaken, zoals de persoonlijke vrijheid, de vrede met zichzelf, het vertrouwen in het leven, een lichtheid als een “ballonvaarder die alle ballast overboord heeft gegooid”. De weg naar de zelfverwezenlijking zal uiteindelijk niet uit de stoïcijnse hoek komen, maar vertrekken vanuit een terugvinden van een innerlijke kracht en autonomie als zelfdenkend en -beslissend individu. Hij neemt uiteindelijk afscheid van zijn verleden en maakt een afspraak met zijn eigen toekomst.
Sipko Melissen schreef een gelaagde roman over een schijver die schrijft over een schrijver die schrijft. Hij communiceert zijn inzichten vanuit diverse directe en indirecte perspectieven. Maar de belangrijke motieven keren steeds terug: het dualisme tussen lichaam en ziel, tussen fysieke en geestelijke genoegens, tussen de roes van Dionysus en het beheerste en harmonieuze van Apollo; de keuzes die we maken in het leven en de toevalligheden die hiervan vaak de aanleiding zijn; de zin van ons persoonlijke bestaan.
“Oud-Loosdrecht” is een sfeervolle en sensuele roman; een vrij klassieke bewustzijnsroman over een gewoon, menselijk leven. Melissen hanteert een rustige, weinig opvallende, maar wel betekenisvolle taal, vol rake opmerkingen van een ervaren, maar zoekend, twijfelend hoofdpersonage. Het boek kabbelt op een slimme en gevarieerde manier doorheen een reeks filosofische essays over liefde, schoonheid, bedrog, schuld, ethiek, ... toegepast op een individu dat op zoek is naar een nieuw houvast: zijn eigen plaats in zijn eigen leven.