Lezersrecensie

Tracey Lien: we love you!


Lion Lion
7 mrt 2023

Hoe toevallig: de Boekenweek 2023 kent als thema “Ik ben alles”. Het recent in Nederland uitgebrachte boek “Waar we niet over praten” van de Australische schrijver Tracey Lien omarmt hetzelfde. Ik benoem “Australisch” en schrijver, want waarom zou ik (als rebelse babyboomer!) toevoegen of substitueren: “….van Vietnamese origine” of “schrijfster”. Het gaat vanaf pagina 1 tot en met het eind om pluriforme identiteit. Om het verlangen erbij te horen. Om de vrees dierbaren te verliezen. Om de angst de controle over jezelf kwijt te raken. Om het reiken naar een ongewisse toekomst, want angsten en depressies liggen vlak onder het oppervlak. Wie bang en somber is, zal niet goed kunnen functioneren binnen een partnerrelatie, op het werk, in verhouding tot familieleden of andere naasten.
Tracey Lien schrijft in haar debuutroman niet autobiografisch. Hij is evenmin een voorbeeld van een klassieke “Who dunnit”-thriller. Wat is het dan wel?
Het is een cultuurpsychologische roman, waarin de lezer aan het denken wordt gezet. Het is een non-fictie pamflet wanneer ze generaliserend de attitude van de witte Australiër tegenover de aziatische bootvluchtelingen hekelt op het toppunt van de migratie begin jaren 90. Of inzoomt op de populistische (avant la lettre) Pauline Hanson. Of transgenerationele traumata beschrijft, met hard drugsgebruik en criminaliteit als uitwas. Het is het lot van vele First Nations-bewoners in Australië, en dat geldt zeker ook voor de nieuwkomers, die eind 20e eeuw vluchtten voor de verschrikkingen in de Balkan of Zuid-Oost Azië. Lien gebruikt verschillende hoofdstukken om de realiteit vanuit verschillende invalshoeken te bezien, ook vanuit het hiernamaals, in de eerste of derde persoon. In de derde persoon ook leven we mee met Ky (spreek uit: Kai) Tran, een onderzoeksjournaliste. Zij heeft zich weten te ontworstelen aan de beklemmende atmosfeer (armoe, onverholen racisme, criminaliteit, en twee goedwillende maar getraumatiseerde ouders) in Sidneys armenwijk Cabramatta door studie en job in Melbourne, en een vrijwel accentloos Australisch (terwijl ik dit schrijf, denk ik: oxford-engels zou de norm kunnen zijn). Ky maakt in contacten een eerste afstandelijke indruk. Niet voor niets haalt Lien steeds haar tandartsassistente-uiterlijk aan. Ze draagt een randloze hightechbril met dikke glazen. Ze drukt bij spanningen haar nagels in haar handpalmen. Ky moet na diens dood nolens volens in eigen kring en even terug in Cabramatta research gaan doen naar de omstandigheden waaronder haar 5 jaar jongere broer Denny is komen te overlijden omdat niemand anders dat doet. Omdat er een omerta heerst. Omdat de politiebeambten vanuit etnocentrisch oogpunt punt bezien snelle conclusies trekken. Simpel gezegd: de politie is liever lui dan moe. Halve pagina’s gaan op aan een beschrijving van Ky’s innerlijke wereld: haar gedachten en gevoelens, haar geweten, de stem van Minnie. Minnie is in real life sinds groep 4 de beste vriendin, en dat lijkt in beider belang te zijn. Minnie beschermt Ky tegen pesterijen van blonde, arrogante klasgenootjes. Minnie is een affectief verwaarloosd meisje, dat op haar beurt liefdevol wordt opgenomen in het gezin Tran. Helaas onttrekt ze zich rond haar 14e aan Ky’s wereld. Thrill seeking luidt de drijfveer met nadelige gevolgen voor Minnies persoonlijkheidsontwikkeling, zo lijkt het.
Er zijn soms lange zinnen, met even zo lange bijzinnen. De lezer wordt een beetje op de proef gesteld. Maar ik ben toch vooral blij met Liens boek. Er zijn soms letterlijk tussen de regels wetenswaardigheden te vinden. Dat Aziaten alcohol vaak traag afbreken. Dat Aziaten soms lactose-intolerant zijn. En dat Vietnam een groot land was/is. Dat de stroom vluchtelingen in een eerste Maleisische opvang (tussenstation op weg naar Australië) heel heterogeen samengesteld was met ook mensen uit Cambodja en Laos, ieder met een eigen cultuur, een eigen taal, een eigen overlevingsstrategie.
“Waar we niet over praten”/”All that’s left unsaid” is geen stilzwijgen, gelukkig maar. Een schitterend coming of age, waard om ooit verfilmd te worden. De taal van Lien is (en let op: ik geef geen spoiler) uiteindelijk verzoenend en verbindend. Met een thuis in Australië dat eindelijk “eigen” is. Tracey Lien: “we love you!”

Reacties

Meer recensies van Lion

Boeken van dezelfde auteur