Lezersrecensie

Macro-sociologische verkenningen


Roosje de Vries Roosje de Vries
13 apr 2017

‘Angst is aantoonbaar de meest sinistere van de demonen die zich genesteld hebben in de open samenlevingen van onze tijd. Maar het zijn de onveiligheid van het heden, en de onzekerheid aangaande de toekomst die de afschuwelijkste en ondraaglijkste van onze angsten veroorzaken en voeden.’ (p. 45)

Macro-sociologische verkenningen

Inleiding
In vijf hoofdstukken legt Zygmunt Bauman ons even haarfijn uit hoe het met onze wereld gesteld is. Het citaat boven draagt de belofte van een griezelige dystopie in zich. Het is een overkoepelende literatuurstudie en, naar ik aanneem, bedoeld voor de geïntereseerde leek en wellicht een ouderejaarsstudent maar misschien is het boek daar te essayistisch voor. Het is evident: Bauman is niet het veld ingetrokken om veldwerk te doen en interviews te houden. Een aantal collegae van Bauman passeren de revue. Ik herken nog wel wat namen: hé, daar zag ik Nobert Elias langskomen, Clifford Geertz en Erving Goffman.

Titel
Toen ik het boek in handen kreeg wist ik niet zo goed wat te verwachten. In zo’n geval kijk ik eerst eens goed naar de titel: Vloeibare tijden: dat lijkt of iets poëtisch of iets uit de fysica. De ondertitel: Leven in een eeuw van onzekerheid; dat zegt al iets meer. We leven in een tijd van onzekerheid, ja, daar kan ik me wel wat bij voorstellen. In mijn achterhoofd zoemde wel een beetje het genre van de zelfhulpboeken na. In dat soort boeken krijg je vaak eerst een analyse van de toestand, of jouw eigen toestand, maar de oplossing en de therapie volgen al snel. Dat zelfhulpboeken-gezoem bleef me bij terwijl ik dit boek las. Maar dat zegt meer over mij dan over het boek.

Centrale begrippen
Een macro-sociologisch analyse; die term is overigens van mij (rdv) en misschien is deze term wel in ongebruik geraakt.
Als lezer probeer je zo snel mogelijk een beetje thuis te raken in zo’n boek. Ik las het voorwoord, ik las Baumans inleiding. Dat had ik beter achteraf kunnen doen. Op een vreemde wijze is het begin van het boek heel erg abstract, zeker het voorwoord, zeker de inleiding. Je moet je zo snel mogelijk het idioom en de metaforiek van zo’n analyse eigen zien te maken.
De fysische metaforiek van vloeibaar, smelten, stollen en vaste vorm duidt verschillende samenlevingstypen aan. Tijdens mijn eigen studie was er nog wel een groot verschil tussen de Westerse en Derde Wereld, maar dat verschil is voor Bauman feitelijk weggevallen. De wereld is een global village (mijn woorden, rdv) geworden. Bauman en collegae vergelijken huidige samenlevingen vooral met die van vroeger tijd. Bauman is geen historicus en is niet altijd even zorgvuldig met zijn tijdsaanduidingen. Termen als moderne en vroegmoderne tijd gebruikt hij niet. Soit, hij is een socioloog.
Verder gebruikt hij termen als: flexibiliteit en mobiliteit, ambivalentie, individualiteit, angst en veiligheid.
Ik vind zijn metaforen uit de fysica wel mooi, poëtisch eigenlijk, in een totaal a-poëtisch boek.

Analyse
Hoe dan ook: de wereld, werkelijk mondiaal, is aan het overgaan van een vaste naar een vloeibare fase; daarin lossen vaste sociale instellingen, zoals wij die gewend zijn, langzaam of sneller op. Het sociale vangnet verdwijnt. Mensen worden teruggeworpen op zichzelf, zij dienen zich flexibel op te stellen.

Het tweetal macht en politiek is aan het uiteenvallen (ik pas mijn metaforen aan aan die van Bauman, rdv). De politiek is niet meer in staat op mondiaal niveau op te treden, omdat zij voorheen juist lokaal van aard was. Het particulier initiatief krijgt de overhand. Ik dacht zelf: de zorgverzekeringen, waar we vroeger het ziekenfonds hadden. Zeker in het begin was ik zelf voortdurend aan het zoeken naar concrete voorbeelden.

Het denken en plannen op de lange termijn door regering en politiek is feitelijk al verdwenen. In de plaats daarvan worden er steeds ad-hocbeslissingen genomen, die niet in het voordeel zijn van de zwakkeren in de samenleving.

De problemen die ontstaan door het vloeibaar worden van de samenleving komt op de schouders te rusten van de individuele burger. Deugd is daarom niet langer het opvolgen van de regels maar het vermogen flexibel te zijn en voortdurend van tactiek en optreden te wisselen.
Hier komt de ambivalentie om de hoek kijken: enerzijds zijn de mondiale en maatschappelijke veranderingen een nieuwe kans op geluk en zekerheid, maar slechts voor hen die daartoe in staat zijn: de mensen met geld, de mensen met een goede opleiding, de mensen met een goed huis in een juiste wijk. Anderzijds zijn deze ‘vloeibare’ ontwikkelingen geen voordeel voor de losers en marginalen: mensen zonder geld, stateloze vluchtelingen, mensen die niet hun flexibiliteit kunnen in de strijd kunnen werpen.

Die angst ontstaat omdat alles verandert en weinig meer zeker is. De grond onder onze voeten, die bestond uit al onze zekerheden, qua politiek, qua verzekeringen, qua sociale verzekering, qua verzorgingsstaat, qua bevolkingssamenstelling van onze steden en onze natie, is onder ons weggeslagen omdat zij vloeibaar geworden is. Zelfs de grenzen van onze natiestaat zijn aan het verdwijnen: denk aan Europa en de EU; denk aan de vluchtelingen van overal ter wereld. Vele bladzijden besteedt Bauman aan de angst en de ontwikkeling van de angst.

‘Te vragen, maar niet beantwoorden, laat staan de definitieve antwoorden te geven; omdat de schrijver gelooft dat alle antwoorden dogmatisch, voorbarig en potentieel misleidend zouden zijn.’ (p. 19).

Een oplossing is er nog niet, zegt Bauman, dat kan ook niet, we zitten er nog midden in. Weg hulpboeken-oplossingen-gezoem: weg uit mijn hoofd.

Het is ondoenlijk en evenmin wenselijk de analyse van Bauman nog een even dunnetjes over te doen. Wie interesse heeft, raad ik aan zelf het boek te lezen.

Waardering
De analyse van Bauman is behoorlijk confronterend omdat hij erg aanspreekt. In het begin moest ik zelf voorbeelden verzinnen bij zijn tamelijk abstracte concepten en beweringen. Maar zijn analyse lijkt heel goed te kloppen bij de huidige situatie van privatisering van het sociale netwerk, het wegvallen van de grenzen mondiaal, het verlies van vertrouwen in de politiek, de oorlogen alom in de wereld, die voor een deel aangewakkerd worden door de Westerse wereld en Amerika, deels opzettelijk, deels uit onvermogen. Het gigantische vluchtelingenprobleem. Het enorme ecologische probleem. Bauman lijkt gelijk te hebben: ons oude paradigma, ons oude wereldbeeld klopt niet meer. Een dystopie ligt op de loer: kanslozen, vluchtelingen, arme en niet juist toegeruste mensen lijken het onderspit te delven. - Dat van die dystopie is mijn idee (rdv). Een wetenschapper blijft in theorie althans zo veel mogelijk objectief.

4/5 sterren

Over de auteur

Zygmunt Bauman (Poznań, 19 november 1925 – Leeds, 9 januari 2017) was een Pools-Britse socioloog en filosoof van Joodse afkomst. In de jaren tachtig verwierf hij bekendheid met zijn boeken over moderniteit.

Bauman was professor in de sociologie aan de Universiteit van Warschau, de Universiteit van Tel Aviv en de Universiteit van Leeds. Daarnaast was hij gastprofessor aan de Universiteit van Berkeley, de Yale-universiteit, in Canberra, St. John's en de Universiteit van Kopenhagen.
In 1967 waait het antisemitisme in Polen weer op, aangezet en gestimuleerd door het communistische regime. Vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog tot 1967 was het antisemitisme in Polen latent aanwezig. Het sluimerende antisemitisme steekt, handig gemanipuleerd door het regime, in 1967 de kop op en leidt in 1968 tot de Poolse Politieke Crisis van 1968. Deze crisis verdrijft verreweg de meeste nog resterende Joden uit Polen. Voor WO II telde Polen 3,3 miljoen Joodse inwoners, na de oorlog nog 40.000 en na 1968 nog 5.000. Door de Poolse crisis verliest Bauman zijn leerstoel aan de universiteit. Hij vertrekt naar Israël waar hij les gaat geven aan de Universiteit van Tel Aviv. In 1971 wordt hij gevraagd door de Universiteit van Leeds, daar zal hij tot 1990 blijven. Vanaf zijn aanstelling in Leeds publiceert Bauman vooral in het Engels.

Bauman is in aanvang vooral geïnteresseerd in de stratificatie van de maatschappij – stratificatie staat voor ‘gelaagdheid’. Hoe ontstaan hogere en lagere klassen? En wat houdt ze in stand? Ook de arbeidersbeweging interesseert hem – in hoeverre emancipeert deze beweging de arbeiders of houdt deze beweging de verdeling in de maatschappij juist in stand? Van stratificatie en emancipatie van lagere klassen, verschuift zijn interesse meer en meer richting globalisering en moderniteit. Toen hij nog actief was als academicus in Polen bestudeerde Bauman de geschiedenis van de socialistische partij van Engeland. Ook droeg hij bij tot het formuleren van een zogenaamd humanistisch en revisionistisch Marxisme. Dit deed hij vooral onder invloed van de Italiaanse filosoof Antonio Gramsci. Vooral diens werk Prison Notebooks had een grote invloed op het denken van Bauman in zijn vroege jaren. Bauman schenkt in zijn werken ook veel aandacht aan ethische vraagstukken. Hier is zeer duidelijk de invloed van de filosoof Emmanuel Levinas waar te nemen. Bauman besteedt ook veel aandacht aan de rol van utopieën en de rol van intellectuelen binnen de samenlevingen en de politiek.

Rond zijn pensionering en daarna is Baumans meest productieve tijd. Hij voelt zich vrij om te publiceren wat hij wil. In 1989 verschijnt een boek dat hem buiten wetenschappelijke kringen bekendheid brengt: De moderne tijd en de Holocaust (Modernity and the Holocaust). Hierin vraagt Bauman zich af hoe het komt dat mensen zo weinig leerden van de Holocaust. Zijn conclusie luidt: ‘Omdat we de Holocaust buiten de normale gang van de geschiedenis hebben geplaatst.’ De Holocaust wordt gezien als een abnormaliteit, iets dat niet bij de mens past, de Holocaust is daarmee als een unicum op een zijspoor geplaatst. Als we er al naar kijken, dan is het als een aberratie, niet als iets ‘natuurlijks’ waar je uit kan leren. ‘Want zoiets gebeurt eens maar nooit weer’. Daarmee sust de Westerse mens zijn geweten: ‘Het was een eenmalige gekte, die nooit meer zal voorkomen’. Ook voor de Joden biedt dit standpunt voordelen. Ze zijn slachtoffer van het meest gruwelijke dat een volk ooit kon overkomen. Bauman bestrijdt dat en wijst op huidige genocides elders in de wereld. Wat de Holocaust onderscheidt van andere genocides is de bureaucratie waarmee de Holocaust gepaard ging. Maar dat betekent niet dat de Holocaust uniek was. De drang om afwijkende mensen onschadelijk te maken is inherent aan de mens zelf. Juist daarom hadden we meer moeten leren van de Holocaust.

'The modern era was a journey towards perfection. For the same reasons, the modern era was also an era of destruction.'

Vanaf 1987 publiceert Bauman over het postmodernisme. Hij verhaalt over een wereld die voortgedreven wordt door economisch gewin, waarin het menselijke van onderschikt belang is. In zijn boek Wasted Lives (ondertitel: Modernity and its Outcasts’) beschrijft Bauman hoe elke uithoek van de wereld wordt beïnvloed door globalisering. Door toegenomen communicatie kan iedereen kennisnemen van het leven (en soms de luxe) in andere werelddelen. Dat brengt enerzijds migratie op gang van het Zuiden naar Noorden en van het Oosten naar het Westen, maar in de meer ontwikkelde landen zien we tegelijkertijd protectionisme ontstaan: de ontwikkelde landen verdedigen hun eigen systeem. Mensen die niet kunnen meekomen in de vaart der volkeren leiden een ‘wasted live’. Bauman schetst geen optimistisch beeld, volgens hem is de politiek – die lokaal is georganiseerd – niet bij machte de economische globale krachten in andere banen te leiden. Dit thema komt terug in zijn boek over globalisering en in veel andere werken. Volgens Bauman is de politiek lokaal verankerd gebleven terwijl de macht zich heeft geglobaliseerd. Dit zorgt voor problemen. De politiek kan geen oplossingen meer bieden voor de globale problemen. In zijn boek Liquid Fear betoogt Bauman dat er dankzij deze discrepantie tussen politiek en macht een angstcultuur ontstaat onder de bevolking. De gewone mensen krijgen in de gaten dat de politiek geen adequate antwoorden meer heeft voor de globale problemen en komen zo in een toestand van onzekerheid en angst terecht. Deze angst uit zich onder andere in angst voor het vreemde en leidt op die manier zelfs tot racisme. De angst leidt ook tot het ontstaan van de zogenaamde gated communities. Dit zijn leefgemeenschappen waarin mensen zich afscheiden van de maatschappij met als doel iedere bedreiging van buitenaf te vermijden.

Zijn biograaf Dennis Smith beschreef Zygmunt Bauman in 1999 nog als een profeet van het postmodernisme. Vanaf 2000 zou hij echter steeds kritischer gaan staan ten aanzien van het postmodernisme en de invloed ervan op de maatschappij. Vanaf 2000 spreekt hij dan ook louter nog over de moderne vloeibare samenleving. Hoe deze zich verhoudt tot het postmodernisme is soms niet helemaal duidelijk. Wat wel duidelijk is, is het feit dat Bauman steeds pessimistischer wordt over het leven in de modern vloeibare maatschappij. Ook de economische ongelijkheid op nationaal en globaal niveau blijft steeds toenemen.

Veel analisten van de werken van Zygmunt Bauman wijzen op het essayistische en fragmentarische karakter van zijn latere boeken over de moderne vloeibare samenleving. Volgens hen is deze stijl niet wetenschappelijk en ontberen deze boeken zo een objectieve basis. Bauman zelf schrijft in de inleidingen van zijn boeken echter zelf dat het niet zijn bedoeling is om geheel afgewerkte boeken te presenteren. Hij ziet het als zijn taak om mee te delen hoe het voelt om in een modern vloeibare samenleving te leven. Bovendien verwijst hij ook soms naar zijn hoge leeftijd en beweert hij dat hij bijgevolg sneller moet schrijven om zijn boeken tijdig te kunnen afkrijgen.

Reacties

Meer recensies van Roosje de Vries

Boeken van dezelfde auteur