Advertentie

Het verhaal van ‘Een liefde’ is op zich niet heel bijzonder, maar geeft wel een mooi tijdsbeeld van het leven van de gegoede middenstand aan het eind van de negentiende eeuw. Vrouwen werden opgevoed om later goede (gast-)vrouwen en moeders te worden en voor het zover was voorbeeldige dochters.
In dit verhaal hangt Mathilde bijna ziekelijk aan haar vader, maar als hij eenmaal is overleden en de eerste rouw is gesleten, vergeet ze hem toch al gauw en stort ze zich op het leven als getrouwde vrouw en haar eigen huishouden. Als ze dan ook zwanger wordt, lijkt het geluk compleet. Helaas is het een zware bevalling en houdt Mathilde er hartklachten aan over en blijft ze erg verzwakt en bedlegerig. Jozef accepteert het, maar na verloop van tijd krijgt hij het er steeds moeilijker mee en grijpt terug op zijn vrijgezelle jaren.
Om aan te sterken wordt Mathilde ondergebracht in villa Bagatelle in Hilversum waar ze tijdens de zomer zal verblijven met Felix, Marie en Jans. Jozef komt in het begin trouw elke dag thuis, maar de lange reis staat hem tegen en erg veel plezier beleeft hij niet aan Mathilde en onder het mom van drukke werkzaamheden blijft hij steeds vaker in Amsterdam.
Het verblijf in Hilversum werpt zijn vruchten af en Mathilde voelt zich sterker worden en het lichamelijk verlangen vlamt op. In zijn afwezigheid staat ze in vuur en vlam voor Jozef en wil ze hem smeken weer van haar te gaan houden. Maar als hij eenmaal in levende lijve weer voor haar staat, kruipt ze weer terug in haar schulp en poeiert ze de toenaderingen van Jozef af. Ze zit met zichzelf en haar gevoelens in de knoop. Het boek eindigt met: ‘Zij had een grote vriendschap voor Jozef, maar was er niet zo erg op gesteld hem altijd bij haar te zien.
Toen zij einde oktober weêr te-rug waren in Amsterdam, hield zij niets meer over van die rare zomer buiten als de slappe herinnering van een droom. In april van het volgende jaar beviel zij weêr, van een dochter.’

Lekker onbevangen een boek gaan lezen is met dit exemplaar misschien niet zo’n goed idee als je de achtergrond van Van Deyssel niet kent. Het nawoord van Harry Prick in de editie van De Volkskrant, maakt nieuwsgierig, zeker de term ‘naturalisme’ die je bij schrijvers uit die tijd vaker tegenkomt. Op Wikipedia is van alles te vinden.
Lodewijk van Deyssel is het pseudoniem van Alberdingk Thijm (1864 - 1952), een Nederlandse schrijver die lid was van de Tachtigers, een groep schrijvers die rond de eeuwwisseling een nieuwe stroming voorstond die nadruk legde op het impressionisme en naturalisme. Voor de Tachtigers was alle kunst die emoties opriep esthetisch verantwoord, ook de dingen die dat normaal gesproken niet zouden zijn. Wat moet je in dat kader dan denken van de scène waarin Mathilde Felix goedenacht wenst: ‘Als hij weêr op de vloer stond, kust zij hem op de lippen goede nacht, lange tijd, haar mond aan de zijne klemmend, zijn mondje uitzuigend met haar grâge doffe lippen, als een verliefde.’ P302
Persoonlijke beleving en zintuigelijke indrukken waren enorm belangrijk, iets wat we vooral in het dertiende hoofdstuk terugzien bij Mathilde. Een mooi voorbeeld hiervan staat op pagina 300: ‘En de nachtwind drukte zich tegen haar borst, gleed langs haar hals en wangen, kuste haar mond.’
De Tachtigers streefden vooral naar vernieuwing in de taal om de impressies zo goed mogelijk weer te geven in al hun nuances, clichés waren al helemaal uit den boze. Om deze te kunnen uiten gebruikten ze veel neologismen, maar dat is vaak voor de hedendaagse lezer niet terug te vinden, omdat die niet weet wat toen het gangbare taalgebruik was.

Ton Anbeek onderscheidt in zijn analyse uit 1982 van de (Nederlandse) naturalistische literatuur de volgende hoofdkenmerken[5] :
* een nerveus en overgevoelig personage als middelpunt van het verhaal: Mathilde in dit geval.
* ontnuchtering na hooggespannen verwachtingen: Mathilde had hele hoge verwachtingen van haar huwelijk met Jozef, en andersom, maar werden ingehaald door ziekte en de realiteit.
* Determinisme: Dit is niet zo duidelijk terug te vinden. Misschien het feit dat Jozef al zo vroeg in het leven van Mathilde kwam en ze altijd al goe met elkaar konden opschieten.
* haat tegen de burgerij: Dat is op dit boek niet van toepassing, want zij behoren juist tot die klasse.
* Seksualiteit: Nou, misschien letterlijk en figuurlijk verbloemd, maar onmiskenbaar aanwezig.
* Ecriture artiste: woordkunst, ofwel het vermogen om emoties en gedachten mooi te verwoorden. Af en toe is het te veel, maar het volgende citaat is een mooi voorbeeld. Pagina 297 ‘Alles viel langzaam neêr in een afbraak der hele omgeving. En zij voelde als brak ook haar eigen wezen zachtjes van elkaâr, ontbonden door de grauwheid, zonder smart. Het was zo duister, dat zij haar lichaam niet meer in zijn geheel kon onderscheiden, het was als lagen haar leden gebroken, van elkaâr wechgespreid. En haar verbeelding, opgebouwd van herinneringen aan het verledene en dromen voor de toekomst, stortte in-één, vallend in een grauwe gedachteloze leegte. Er was niets meer, niets. Zij voelde alles geëindigd, haar gemoed uitgedoofd, haar ziel gestorven. Zo bleef zij liggen, het hoofd tegen de rand van het venster.’
* een personele verteller (i.p.v. een auctoriële). Dat klopt ook.

Het leuke voordeel van deze zoektocht is dat je het boek opeens met hele andere ogen gaat bekijken. Het kan meer geplaatst worden in de tijd waarin het is geschreven en hoe gedurfd het voor die tijd was. Al blijft de mening dat de omschrijvingen af en toe wel heel erg uitgebreid waren. ‘Less is more’ is een boodschap die Van Deyssel duidelijk nog niet had gekregen.

Reacties op: Het achtergrondverhaal zorgt voor een betere beleving

22
Een liefde - Lodewijk van Deyssel
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie E-book prijsvergelijker