In de boekwinkel had ik de Engelse versie al in mijn handen gehad en ik was dan ook helemaal blij toen ik het boek in de brievenbus kreeg om te buzzzen.
Reilly Steel verruilt het zonnige California voor het druilerige Dublin om daar het forensisch instituut richting de 21ste eeuw te loodsen. Dat is niet de enige reden; ze kan in Dublin haar alcoholische vader een beetje in de gaten houden.
Er zijn een aantal sterfgevallen die in eerste instantie niet als moord bestempeld worden, maar Reilly ontdekt een onderling verband. Het verband is er, nu de moordenaar nog.
De personages in dit boek zijn cliché en oppervlakkig. Steel is de intelligente, vreemde eend in de bijt die een groot geheim met zich meedraagt. Delany is de rustige, knappe agent die kampt met gezondheidsproblemen en dat er romantiek in de lucht hangt tussen hem en Reilly, zie je al van ver aankomen. Dan is er nog Kennedy, Delany's partner, die als oude brombeer alles wat Reilly zegt met kilo's zout neemt, maar natuurlijk gaandeweg bijdraait. De bijrollen in dit boek zijn net zo cliché.
De moorden volgen elkaar in een snel tempo op en ineens door het lezen van een enkel zinnetje weet je als lezer wie de dader is. Nu zij nog, want dan ben je pas zo'n beetje halverwege. Voor mijn gevoel wordt het boek dan in een rap tempo afgeraffeld naar een houterige eindconfrontatie die veel beter en dieper uitgewerkt had kunnen worden.

Een veelbelovend gegeven, maar Casey Hill slaat de plank behoorlijk mis. Jammer.

Reacties op: