Advertentie

Harry Hole is terug waar het ooit begon. Hij is weer aan de drank, Rakel heeft hem verlaten, voorgoed dit keer, en hij woont opnieuw op zijn oude adres aan de Sofies gate. De politie in Oslo biedt hem een baan aan, maar hij mag alleen nog cold cases onderzoeken. Als na meer dan tien jaar gevangenis Svein Finne, de serieverkrachter en -moordenaar, weer op vrije voeten komt, is Hole ervan overtuigd dat hij opnieuw zal toeslaan.
Het is slechts de opmaat tot een veel grotere ramp. Want wanneer hij op een dag in zijn appartement ontwaakt na een nacht vol alcohol, ontdekt Harry dat hij besmeurd is met bloed. Het is het begin van een nachtmerrie die erger wordt dan hij ooit kon dromen.
De briljante, onnavolgbare politieagent Harry Hole is terug en in de greep van de moordenaar die hem al zijn hele loopbaan achtervolgt.

[Harry werd wakker. Er was iets mis. Hij wist dat hij zich snel zou herinneren wat
het was, dat deze zeldzame seconden van onwetendheid alles waren wat hij wilde voor de realiteit hem met een mokerslag trof. Hij deed zijn ogen open en had onmiddellijk spijt.]

‘Oh Harry toch’ is een gedachte die vaak bij me opkomt tijdens het lezen van Het mes. Van de gelukkige, tevreden Harry Hole die we in De dorst zagen is maar weinig over. Rakel heeft hem het huis uitgegooid. Wat hem betreft, kon het ook niet anders, geluk is iets vergankelijks, zeker als je Harry Hole heet. Hoe hij zich staande houdt met zoveel alcohol in zijn bloed is mij een raadsel, maar we hebben hier wel te maken met een professional op dat gebied. Overdag houdt Harry zich bezig met cold cases en ‘s avonds drinkt hij zich een slag in de rondte. Oh Harry toch.

[Ze spraken niet. Dat hoefde niet. Konden ze niet. Het zwijgende huilen was oorverdovend.]

Nesbo doet wederom waar hij heel goed in is. Hij gooit meerdere lijntjes uit die ogenschijnlijk niets met elkaar te maken hebben en waarbij bij sommige pas verderop in het verhaal het ‘aha, daar gaat het over’-kwartje valt. Ook weet Nesbo voor elkaar te krijgen wat niet veel auteurs lukt als het op een serie aankomt; hij weet nog altijd een interessante hoofdpersoon neer te zetten. En natuurlijk, we hebben Harry vaker aan de rand van de afgrond gezien, maar niet op deze manier. Niet met wat hij nu voor zijn kiezen krijgt (ik ga er verder niet op in, iets wat ik in andere recensies wel gezien heb, maar ik vind het een te grote spoiler). Een gebeurtenis die zorgde voor een vloek en een ‘NEE hoe kun je dat nou doen Nesbo?!’ (en die reactie volgt richting het einde nog een keer). Maar hij doet het en je blijft lezen. Want hoe zit het dan? Heeft Harry gelijk en moet Svein Finne boeten? Als lezer wil je niets liever, want wat een gluiperd is dat zeg, maar toch, toch ga je twijfelen aan Harry….zou hij dan...?
Oh Harry toch.

[Ik ben mijn eigen slechte voorbeeld geworden van een rechercheur die gestuurd wordt door zijn emoties. Die start met de conclusie en dan naar vragen zoekt in de hoop dat de antwoorden de conclusie bevestigen.]

Nesbo is een meesterlijke verteller, dat bewijst hij met Het mes maar weer eens, al moet ik toegeven dat ik nu wat meer moeite had om in het verhaal te komen, maar dat werd ruimschoots goedgemaakt toen ik er eenmaal in zat. Het mes is voor Harry Hole het meest ingrijpende verhaal op meerdere vlakken. Het mes is in deze niet alleen letterlijk van cruciale betekenis, het snijdt aan twee kanten. Hoe zal Hole hierna verdergaan? Welke keuze maakt hij? Opties genoeg…

[Niets was helemaal de waarheid en niets was helemaal een leugen. Gezichtspunt. Dat was alles. Gezichtspunt.]

4,5 ster voor Het mes.

Reacties op: Oh Harry toch