Advertentie

Jennifer Zeynab Joukhadar was eerst biomedicus voordat ze fulltime schrijfster werd; ze begon met korte verhalen en dit is haar eerste roman. Ze is van Syrisch-Amerikaanse afkomst en heeft een islamitische vader en een christelijke moeder. Haar afkomst heeft ze verwerkt in deze roman door Nour, een van de hoofdpersonen, dezelfde achtergrond te geven. Ook Jennifer zelf groeide op in New York en kon, net als Nour, weinig tot geen Arabisch.

Het boek is in vijf delen verdeeld die corresponderen met de landen waar Nour zich op dat moment bevindt. Elk deel begint met een mooi gedicht dat gedrukt is in de vorm van het desbetreffende land.

We beginnen in New York waar de twaalfjarige Nour woont met haar moeder en twee zussen; haar vader, baba, is kort daarvoor aan kanker overleden. Nour mist haar vader en zijn verhalen enorm en haar moeder huilt zoveel om het verlies van haar man dat Nour overal het zout van tranen tegenkomt. Ondertussen stapelen de rekeningen en zorgen zich op. Nour’s moeder is kaartenmaakster en verdient niet genoeg om het hoofd boven water te houden. Aboe Saied zegt dat ze beter terug naar Syrië kunnen komen, weer veilig in de familieschoot. Ze gaan in Homs wonen, waar het eerst nog betrekkelijk rustig is, maar het allengs steeds gevaarlijker wordt met protesten en bombardementen.
Op een kwade dag, net als ze met aboe Saied de iftar aan het eten zijn, wordt hun wijk door bommen getroffen en hun appartement stort in. Ze kunnen bar weinig spullen redden en hebben eigenlijk alleen nog de kleren die ze dragen. Hoeda, de oudste zus is gewond geraakt aan haar schouder. Ze besluiten naar de woning van Saied te gaan, maar ook dat blijkt getroffen te zijn. Zijn auto, die voor de deur stond, doet het gelukkig nog wel en daarmee rijden ze naar het ziekenhuis. Er is geen plek en ze moeten door naar Damascus, waar Hoeda wordt geopereerd en als ze weer op de been is, gaan ze richting Jordanië, waar ze bij de Amerikaanse ambassade asiel aan willen vragen.
Wat volgt is een bizarre reis vol ontmoetingen, dood, ontberingen, hulpvaardige mensen en slechteriken en die uiteindelijk zal eindigen in Ceuta.
Ceuta speelt ook een rol in de tweede verhaallijn, het verhaal dat Nour’s vader aan haar vertelde over het jonge meisje Rawiya. Zij besluit zich als jongen te verkleden en zich Rami te noemen, om daarna aansluiting te zoeken bij Al-Idrisi, een beroemde kaartenmaker. Ze wordt aangenomen als zijn leerling, samen met Bakr, een jongen uit een gegoede familie. De expeditie begint op Sicilië aan het hof van koning Rogier, een goede vriend van Al-Idrisi, die hem de opdracht heeft gegeven om een nauwkeurige kaart te maken van de hele wereld. Ook hun reis zit vol ontberingen, gevaren, ontmoetingen met zowel vriendelijke als slechte mensen en oorlog.
De schrijfster heeft voor deze vertelling een mengeling van feit en fictie gekozen, Al-Idrisi en koning Rogier waren bestaande personen uit de twaalfde eeuw, die inderdaad het nauwkeurig vastleggen van de wereld als hun missie zagen. Het verhaal is doorvlochten met elementen van de sprookjes van duizend-en-een nacht en wat fantasy. De beide meisjes volgen ongeveer dezelfde route en komen op dezelfde plaatsen en af en toe is er een raakvlak, dat de verhalen mooi ineen doet strengelen.
Vooral de hedendaagse verhaallijn laat zien hoeveel vluchtelingen te verduren hebben, wat ze moeten doorstaan op weg naar vrijheid en vrede. En vooral wat ze moeten achterlaten op hun vlucht.
Het is een boek dat door de twee, goed vertelde, verhalen geen moment saai wordt en vele soorten lezers zeker uitnodigen om heerlijk door te blijven lezen.

Reacties op: Twee reizen, twee werelden, twee verhalen

38
De kaart van zout en sterren - Jennifer Zeynab Joukhadar
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 18,99 Bestel het e-book € 12,99
E-book prijsvergelijker