Lezersrecensie
back to basic in het mooie Afrika
Merel Disselkoen, geboren in 1976, is een echte avonturier. Ze heeft vele verre landen bezocht, onder andere Indonesie, Ecuador, Namibie, Zuid-Afrika. Uiteindelijk heeft ze haar hart verloren aan de Afrikaanse wildernis. En toen schreef ze ‘Witkind’, haar debuut. 262 pagina’s waarin Merel je meeneemt naar een groot avontuur in Afrika.
Mia Zomer is fotografe en wordt vaak uitgezonden aar Afrika. Haar man Quint is piloot. Hun dochter Coco is 4 jaar.
Mia voelt zich beklemt in Nederland en zij wil dolgraag met haar gezin back to basic in Afrika. Wanneer ze eindelijk Quint heeft kunnen overtuigen vertrekt het jonge gezin naar Afrika om daar maanden rond te reizen.
Het valt al gauw op dat Coco een bijzonder kind is. Ze lijkt zich volledig thuis te voelen in Afrika. Er wordt Mia en Quint meerdere keren verteld dat zij goed op Coco moeten passen en haar vooral niet uit het oog mogen verliezen. De Afrikaanse jungle is geen plek voor zo’n jong kind.
Ze ontmoeten mensen die Mia kent vanuit haar werk. Quint heeft in het begin wat moeite met de andere manier van leven. Hij houdt van structuur, maar dat is hier ver te zoeken.
“Met z’n vieren zijn ze die avond getuige van hoe de Afrikaanse wildernis in het donker tot leven komt. Met de typische zware gorgelende roep van de nijlpaarden op een steenworp afstand worden ze getrakteerd op een maanverlicht schouwspel. Olifanten, giraffen, zebra’s en antilopen struinen ongestoord op nog geen twintig meter voor de auto’s langs om vlakbij het moeras te drinken en wat rond te hangen. “
Het verhaal wordt beschreven vanuit de derde persoon. Ik denk dat ik hierdoor moeite had om echt in het verhaal te komen. Door deze manier van schrijven komt Mia iet wat egoïstisch over: zij wil naar Afrika, zij wil haar gezin meenemen, zij wil back to basic, zij wil hun dochter het leven daar laten ervaren, maar zij heeft ook een groot geheim.
Het boek vertelt het avontuur in Afrika. Ik mis soms de details. Details over hoe een dag eruit ziet; wat zien ze, wat en hoe ze eten en hoe ervaren ze de dorpelingen en andersom en vooral wat voelen ze en wat denken ze.
Iets over de helft van het boek slaat het noodlot toe. Coco is zoek. Een uitgebreid reddingsteam wordt ingezet maar ze is spoorloos. Ze worden geconfronteerd met de beperkingen en gevaren van de wildernis. Maar ook lees je over de kennis van Afrikaan Thembe. De kennis van de natuur. De kennis van de wilde dieren en vooral de wilde honden. Hoe je het gedrag van deze wilde dieren kunt lezen waardoor je een bijzondere band met ze krijgt.
Een prachtig verhaal wat misschien nog meer pakkend was geweest als het in de Ik-vorm was geschreven.