Advertentie

Een week na wereldwijde ontvangst van “de” nieuwe Dan Brown en met een tiental eerste (overwegend positieve) reacties in het achterhoofd begon ik zelf aan Inferno. Zwáár sceptisch. Op voorhand al neigend naar een negatief oordeel (foei!). Want Het laatste symbool viel tegen (moeilijk te verstouwen zo zemelig) en zoveel jaar ná het originele, heerlijke De da Vinci code zijn er veel andere auteurs opgestaan met dergelijke boeken -in sommige gevallen nog beter qua taal én plot geschreven ook.
Na tachtig pagina’s volharding viel het echter niet meer te ontkennen. Waren het de onontkoombare drones die Robert Langdon en de ‘Langdongirl’ van dit avontuur zo fanatiek opjagen? Of het schilderachtige, zo tot de verbeelding sprekend mystieke decor (zelf ooit ook geweest) van Florence? Hoe dan ook, Dan Brown had me te pakken. Vanaf dat moment was het boek neerleggen een straf, door kunnen lezen een feestje.

Hoe erg is het om te moeten bekennen dat je het ergens wel heel erg eens bent met de schurk in Inferno..? De plot -in feite erg simpel, maar weer in lekkere twists en misleidingen verpakt- draait om een ingenieus maar doorgeslagen genetisch bioloog versus de Wereld Gezondheidsorganisatie oftewel de hele wereldbevolking. Langdon wordt er bij betrokken als Dante-expert. De schurk is namelijk geobsedeerd door Dantes voorstellingen van de hel, het inferno, en zijn vreselijke plan valt daar uit af te leiden.
Dan Brown hééft hier een punt: hoe technisch geavanceerd de mens ook is, theoretisch (of is het toch echt realistisch?) gezien staat hij op het punt zichzelf uit te roeien door de dramatisch toenemende overbevolking. Laat de natuur zijn gang gaan en de bevolking was allang gehalveerd door bijvoorbeeld een epidemie om het biologische evenwicht te herstellen. Maar de mens werkt de natuur tegen… dus neemt de overbevolking nóg meer toe… met alle gevolgen van dien. Ergo: tijd om in te grijpen.

De manier waar óp valt hier te betwisten, dat vind ook ik. Feit is desalniettemin, dat Brown -in tegenstelling tot Het laatste symbool- zijn punt gefocust en zonder drammerig te zijn brengt. Hij is prettig to-the-point zonder oeverloos gefilosofeer, neemt ook geen duidelijk standpunt in. Het irrealistische, wat gelaten en zelfs open einde past hier dan ook helemaal bij. Een eye-opener, dat is wat hij met dit boek beoogt. En als altijd is hij bedreven in het op natuurlijke, tekst-integrale wijze verstrekken van leerzame informatie. Een kunst die veel Brown-navolgers helaas maar niet kunnen evenaren.

Dit ‘pretentieloos geschreven’ verhaal op een pretentieloze manier lezen betekent in dit geval domweg genieten. Moeilijk blijft het er een vinger op te leggen wat het hem nu precies doet. Een vergezochte vergelijking misschien, maar het wonderlijk verslavende lezen van “de” Dan Browns doet me nog het meest denken aan het lezen van de boeken van Agatha Christie. Flat characters, bekende decors, een vast stramien en weinig verrassende psychologie en toch zo onweerstaanbaar heerlijk. Al mist de knappe Robert Langdon uiteraard Poirrots eironde hoofd- ondanks zijn fameus eidetisch geheugen.

Reacties op: Dan Brown hééft een punt