Advertentie

Ik zag natuurlijk De offers van Jeroen Windmeijer liggen in de schappen, want die is net nieuw. Maar dat is ook een deel 1 van wat als een trilogie of serie wordt voorgesteld, en dat heb ik liever niet. Ze hadden van Windmeijer echter ook Het Pauluslabyrint in de kast staan. Dat is weliswaar een deel 2 uit “de Leidse trilogie”, maar dat schijnt niet zo heel veel uit te maken. Die dus gekocht.

Gelijk al in de proloog staan een aantal details die de kenners van bepaalde occulte kennis lekker maken: het is wel duidelijk welke kant dit opgaat. De lol van het boek is om met de vele informatie die wordt gegeven zelf uit te vogelen wat er is gebeurd en daarbij waarheid van “Dichtung” (fictie) te onderscheiden, en daarbij te verdwalen in het labyrint van kennis. Natuurlijk is veel van die kennis ook online te bekijken, maar het is wat makkelijker om het in de juiste doses en op de juiste plaats in het verhaal te zien, want je zit zo urenlang te surfen bij dit soort dingen, omdat er altijd méér informatie is te vinden die intrigeert.

Dan gelijk maar een minpuntje: het boek is opgezet als roman, maar je zou best wat meer informatie willen hebben. Nu heeft Windmeijer daarin voorzien door lijsten met bronnen op te nemen en een kaart van Leiden met daarop de belangrijkste locaties uit het verhaal. Alleen staat dat allemaal achterin en er is geen inhoudsopgave. Ik heb niet de gewoonte achter in het boek te kijken bij een thriller, omdat dan het einde al verraden wordt. Zo kwam ik er pas halverwege het boek achter dat die bronnenlijsten en de kaart er zijn, en dat allemaal omdat ik dacht een noot te zien en op zoek ging waar dan die noten te vinden waren, want het bleek geen voetnoot te zijn, edoch een eindnoot. Eindnoten die dan weer niet op het einde stonden, want ergens tussendoor is ook nog een dankwoord als bijlage opgenomen.

Op de kaft zit een sticker waarop Windmeijer wordt vergeleken met Dan Brown. Ik vind de vergelijking onterecht, het zijn compleet andere typen thrillers. Brown is veel meer van het angstig op de vlucht zijn voor “hen” en de hoge hoed met oplossingen, waar Windmeijer eerder kiest voor een intellectuele aanpak. Ja, zijn held is min of meer op de vlucht, maar er zit niemand achter hem aan. Ook is de oplossing van het raadsel al in de proloog besloten, en wie met Windmeijer en de hoofdpersoon, Peter de Haan, meegaat door het labyrint ziet vanzelf de contouren van de oplossing opdoemen en langzaam ingevuld worden, lang voor het einde.

Nou ja, einde... er zijn eigenlijk drie verhalen die worden verteld. De duidelijkste is uiteraard die van Peter de Haan, archeoloog, die op zoek moet naar een vriendin van hem, Judith, die is verdwenen. Dat is een race tegen de klok en bij zijn puzzeltocht door Leiden wordt langzaam het andere verhaal verteld, namelijk hoe tweeduizend jaar geleden het christendom is ontstaan, wat een andere lezing is dan de gebruikelijke. Het derde verhaal is een metamorfose van Peter.
Het verhaal over het zoeken van Judith is tamelijk plat. Peter, die heimelijk een oogje op Judith heeft, heeft weinig keus en wordt in een race tegen de klok door Leiden meegenomen omdat hij haar wil redden. Hij moet flink puzzelen en doet allerlei bekende bezienswaardigheden in de stad aan. In deze laag van het verhaal zit een zekere humor waaruit blijkt dat je het verhaal niet al te serieus moet nemen (bijvoorbeeld als er alcohol wordt gekocht bij de Mitra, of de uitleg van de plaatsnaam Leiden aan de hand van leylijnen), het is gewoon een onderhoudend avonturenverhaal. Ik heb me er in elk geval prima mee vermaakt.
De tweede laag gaat over het ontstaan van het christendom. Het gaat hier om een redelijk bekende theorie, die al min of meer weerlegd is, maar voor de “complotdenkers” zeker nog niet voldoende. Er zijn bepaalde bewijzen en wetenschappelijke feiten, die Windmeijer uitgebreid aan bod laat komen, die de theorieën van de “complotdenkers” ondersteunen. De bedoeling is dat er twijfel gaat ontstaan over wat je weet van de officiële lezing, net zoals Dan Brown dat deed in De Da Vinci Code (waarin Brown overigens niet zo origineel was, hij had als bron gebruikt Het heilige bloed en de heilige graag van Michael Baigent, Richard Leigh en Henry Lincoln, maar ook Tom Egeland heeft in Het einde van de cirkel een dergelijk scenario beschreven – vóór Brown dat deed). Die verwarring die wordt gezaaid, of die twijfel, is het labyrint waarnaar wordt verwezen met de titel van het boek: het is een labyrint van feiten en verdichtsels.
De derde laag is niet zo heel duidelijk, en ik vraag me af of die er wel echt is. Aan het einde wordt namelijk met drie woorden gesuggereerd dat Peter de Haan een transformatie heeft ondergaan in het verhaal. De ontwikkeling die hij daarbij doorgemaakt moet hebben is echter niet duidelijk. Sowieso is zijn beginsituatie niet heel duidelijk: hoe christelijk is hij, en wat doet de ontknoping van de tweede laag met hem? We komen het niet te weten. Aangezien hij ook nog mee moet in deel drie van het Leidse drieluik (Het Pilgrim Fathers Complot), vraag ik me af in hoeverre de ontdekkingen impact op hem hebben, en of ze dus doorwerken in het derde deel. Als je de hoofdpersoon als drager neemt, is dus ook de vraag in hoeverre lezers meegaan in de alternatieve lezing van het christendom, en hoe de impact van de ontknoping is, zeker als ze van deze theorie nog niet hebben gehoord. Nu ken ik elementen van de Mithras-theorie behoorlijk goed, in die zin was het eerder een feest der herkenning dan een verbluffende onthulling, dus daar is weinig over te zeggen.

Lees meer over dit boek op mijn blog: https://schlimazlnik.livejournal.com/#asset-schlimazlnik-491531

Reacties op: Smulllen voor samenzweringstheoretici

275
Het Pauluslabyrint - Jeroen Windmeijer
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 10,00
E-book prijsvergelijker