Lezersrecensie
Een op meerdere niveaus indrukwekkende SF-roman!
Disclaimer: Ik heb zelf ook een deel geschreven in de serie 'De Zwijgende Aarde'. Bovendien heeft de auteur meegewerkt aan meerdere door mij samengestelde verhalenbundels.
9,5 Is dit de beste Nederlandstalige SF-roman aller tijden? Dat zou ik niet durven zeggen - er zijn heel wat SF-romans die ik erg waardeer. En ik heb natuurlijk niet alles gelezen dat er is verschenen. Maar dat ik mezelf die vraag stel, suggereert wel in welke mate ik onder de indruk was van het werk van Joost Uitdehaag. De auteur was een van de eerste Nederlandstalige schrijvers van wie ik een boek las en zijn 'Fulia'-tweeluik overtuigde me ervan dat er in ons taalgebied kwalitatief hoogstaande fantasy werd geschreven. Later ontdekte ik zijn korte verhalen en ook daarvan werd ik fan. Uitdehaag combineert een gedegen wetenschappelijke onderbouwing met invoelbare menselijkheid en een mooi verzorgd taalgebruik. Zijn korte verhalen vielen vaak onder het SF-genre, maar een SF-roman had hij nog niet geleverd. Ik ben blij dat de uitgever hem gevraagd heeft om een deel bij te dragen aan de reeks 'De Zwijgende Aarde', niet eens omdat die serie dan verder gaat, maar vooral omdat we nu eindelijk een SF-roman hebben van Joost Uitdehaag. Een die precies die kwaliteiten vertoont die ik zozeer waardeer in zijn korte fictie.
Om te beginnen het proza. Daar valt niets op aan te merken. De zinnen lopen goed, het register is toegankelijk maar niet te eenvoudig. De vreemde situaties en concepten worden zo invoelbaar overgebracht. En het is verzorgd, het maakt de indruk dat erover is nagedacht. Het is mooi zonder barok te zijn.
Ten tweede de personages. De auteur weet ze tot leven te brengen. De voorzitter van de VAHA, Raden Suryangha, moet niet alleen haar plek binnen de politiek weten te behouden en de oplopende onrust op Aarde als gevolg van het kwakervirus beheersbaar houden, maar ook een verliefdheid op een medewerker en de wrijving in haar relatie met haar zoon navigeren. Ondertussen beleeft jonge wetenschapper Jarik niet alleen een avontuur op Mars, maar stelt hij ook vragen bij de groepsdynamiek en ontstaan er banden met verschillende andere mensen. Ook de bijfiguren komen tot leven en hebben een eigen identiteit, zelfs als ze eigenlijk maar een paar pagina's figureren. Ze zijn ook nog eens allemaal belangrijk in het verhaal. Er is hier geen 'vet' dat nog weggesneden had kunnen worden. Heel indrukwekkend.
En ten derde de wetenschappelijke achtergrond. Ik heb zelf biomedische wetenschappen gestudeerd, dus ik snap een beetje wat hier wat betreft genen, virussen en overerving aan de hand is. Wat de auteur daarover schrijft is geheel geloofwaardig (al zijn volgens mij niet alle genen waar hij het over heeft echt ontdekt). Maar speltheorie, daar heb ik alleen wat populairwetenschappelijke artikelen over gelezen. In de beperkte ruimte in deze korte roman weet de auteur deze toch prima uit de doeken te doen. En het boek wil ook echt wetenschappelijke ideeën exploreren, niet alleen ze als achtergrond gebruiken. Het gaat vooral om de vraag of de dynamiek van menselijke groepen genetisch is vastgelegd. Zijn we door onze genen gedoemd om wezens/mensen die op ons lijken voor te trekken en mensen/wezens die anders zijn te bestrijden? Of is er plek voor de ethiek, die van ons verlangt in te gaan tegen onze onderbuikgevoelens en onze naaste lief te hebben als onszelf? In dit verhaal is er een apparaatje dat kan meten of wat je doet aansluit bij je genetische predispositie of niet. Voelen je genen aansluiting bij een groep of niet? Wat zou het doen als iedereen op basis daarvan ging handelen? Het zijn geen eenvoudige vragen die de auteur aansnijdt, maar ze zijn wel heel relevant voor de tijd waarin we leven, met de opkomst van autoritaristische partijen in de politiek - populistisch, gericht op de eigen identiteit en het buitensluiten van anderen (transgenders, Moslims, mensen met een kleurtje). Hoe ver kan dat buitensluiten gaan (uitroeien van iedereen die niet past bij een volledig eenvormige groep? Zijn er sociale en biologische principes die weerstand kunnen bieden tegen deze menselijke neigingen?
Denk nu niet dat dit een droog boek is voor wetenschapsnerds die het liefst willen filosoferen. Er zijn gepassioneerde kussen aan de ene kant en spannende gevechten in koepels op Mars aan de andere kant. Dus voor ieder wat wils.
Oh, en als auteur van 'IJsbrekers' vond ik het mooi dat ook plotlijnen uit dat boek invloed hadden op dit deel van de serie.
Een absolute aanrader en dit boek legt wat mij betreft de lat voor wat SF uit het Nederlandse taalgebied kan bereiken! Ik kijk enorm uit met welke boeken Joost Uitdehaag ons gaat verrassen in de toekomst en hopelijk bevindt zich daar ook een SF-roman onder, want dit smaakt absoluut naar meer.
9,5 Is dit de beste Nederlandstalige SF-roman aller tijden? Dat zou ik niet durven zeggen - er zijn heel wat SF-romans die ik erg waardeer. En ik heb natuurlijk niet alles gelezen dat er is verschenen. Maar dat ik mezelf die vraag stel, suggereert wel in welke mate ik onder de indruk was van het werk van Joost Uitdehaag. De auteur was een van de eerste Nederlandstalige schrijvers van wie ik een boek las en zijn 'Fulia'-tweeluik overtuigde me ervan dat er in ons taalgebied kwalitatief hoogstaande fantasy werd geschreven. Later ontdekte ik zijn korte verhalen en ook daarvan werd ik fan. Uitdehaag combineert een gedegen wetenschappelijke onderbouwing met invoelbare menselijkheid en een mooi verzorgd taalgebruik. Zijn korte verhalen vielen vaak onder het SF-genre, maar een SF-roman had hij nog niet geleverd. Ik ben blij dat de uitgever hem gevraagd heeft om een deel bij te dragen aan de reeks 'De Zwijgende Aarde', niet eens omdat die serie dan verder gaat, maar vooral omdat we nu eindelijk een SF-roman hebben van Joost Uitdehaag. Een die precies die kwaliteiten vertoont die ik zozeer waardeer in zijn korte fictie.
Om te beginnen het proza. Daar valt niets op aan te merken. De zinnen lopen goed, het register is toegankelijk maar niet te eenvoudig. De vreemde situaties en concepten worden zo invoelbaar overgebracht. En het is verzorgd, het maakt de indruk dat erover is nagedacht. Het is mooi zonder barok te zijn.
Ten tweede de personages. De auteur weet ze tot leven te brengen. De voorzitter van de VAHA, Raden Suryangha, moet niet alleen haar plek binnen de politiek weten te behouden en de oplopende onrust op Aarde als gevolg van het kwakervirus beheersbaar houden, maar ook een verliefdheid op een medewerker en de wrijving in haar relatie met haar zoon navigeren. Ondertussen beleeft jonge wetenschapper Jarik niet alleen een avontuur op Mars, maar stelt hij ook vragen bij de groepsdynamiek en ontstaan er banden met verschillende andere mensen. Ook de bijfiguren komen tot leven en hebben een eigen identiteit, zelfs als ze eigenlijk maar een paar pagina's figureren. Ze zijn ook nog eens allemaal belangrijk in het verhaal. Er is hier geen 'vet' dat nog weggesneden had kunnen worden. Heel indrukwekkend.
En ten derde de wetenschappelijke achtergrond. Ik heb zelf biomedische wetenschappen gestudeerd, dus ik snap een beetje wat hier wat betreft genen, virussen en overerving aan de hand is. Wat de auteur daarover schrijft is geheel geloofwaardig (al zijn volgens mij niet alle genen waar hij het over heeft echt ontdekt). Maar speltheorie, daar heb ik alleen wat populairwetenschappelijke artikelen over gelezen. In de beperkte ruimte in deze korte roman weet de auteur deze toch prima uit de doeken te doen. En het boek wil ook echt wetenschappelijke ideeën exploreren, niet alleen ze als achtergrond gebruiken. Het gaat vooral om de vraag of de dynamiek van menselijke groepen genetisch is vastgelegd. Zijn we door onze genen gedoemd om wezens/mensen die op ons lijken voor te trekken en mensen/wezens die anders zijn te bestrijden? Of is er plek voor de ethiek, die van ons verlangt in te gaan tegen onze onderbuikgevoelens en onze naaste lief te hebben als onszelf? In dit verhaal is er een apparaatje dat kan meten of wat je doet aansluit bij je genetische predispositie of niet. Voelen je genen aansluiting bij een groep of niet? Wat zou het doen als iedereen op basis daarvan ging handelen? Het zijn geen eenvoudige vragen die de auteur aansnijdt, maar ze zijn wel heel relevant voor de tijd waarin we leven, met de opkomst van autoritaristische partijen in de politiek - populistisch, gericht op de eigen identiteit en het buitensluiten van anderen (transgenders, Moslims, mensen met een kleurtje). Hoe ver kan dat buitensluiten gaan (uitroeien van iedereen die niet past bij een volledig eenvormige groep? Zijn er sociale en biologische principes die weerstand kunnen bieden tegen deze menselijke neigingen?
Denk nu niet dat dit een droog boek is voor wetenschapsnerds die het liefst willen filosoferen. Er zijn gepassioneerde kussen aan de ene kant en spannende gevechten in koepels op Mars aan de andere kant. Dus voor ieder wat wils.
Oh, en als auteur van 'IJsbrekers' vond ik het mooi dat ook plotlijnen uit dat boek invloed hadden op dit deel van de serie.
Een absolute aanrader en dit boek legt wat mij betreft de lat voor wat SF uit het Nederlandse taalgebied kan bereiken! Ik kijk enorm uit met welke boeken Joost Uitdehaag ons gaat verrassen in de toekomst en hopelijk bevindt zich daar ook een SF-roman onder, want dit smaakt absoluut naar meer.
2
Reageer op deze recensie
