Lezersrecensie
Hoe gemakkelijk iets absurds bijna natuurlijk kan worden
Lez Kessler (1966) is een Engelse kinderboeken- en Young Adult schrijver. Ze heeft al meer dan twintig boeken geschreven over de meest fantastische onderwerpen. Toen de wereld nog van ons was is haar eerste boek over de Tweede Wereldoorlog. Het boek is vertaald door Daniëlle Tuk. Toen de wereld nog van ons was is het verhaal van haar eigen vader en grootouders. Zij hebben de oorlog in Tsjecho-Slowakije kunnen ontsnappen dankzij een brief van een Engels echtpaar dat ze vijf jaar daarvoor bij toeval hadden ontmoet. Dit op zich is al een geweldig verhaal. Maar Kessler laat het daar niet bij. Ze maakt een boek over de vriendschap tussen twee jongens en een meisje. De jongen, Leo, is gebaseerd op het verhaal van haar vader. Het meisje, Elsa, is het verhaal van de mensen in de oorlog die minder geluk hebben gehad. En de tweede jongen, Max, is de zoon van een nazi. Hierin doet Kessler, naar eigen zeggen, ‘een poging om uit te zoeken hoe zoveel gewone mensen zich hebben kunnen laten meevoeren door zo’n gruwelijk, inslecht en afschuwelijk regime.’ Leo, Elsa en Max staan aan het begin van het verhaal, in 1936, op de negende verjaardag van Leo, in het reuzenrad in Wenen. Ze zijn de beste vrienden en ze zweren dat voor altijd te blijven. De vader van Leo, Frank Grunberg, maakt een foto van hen drieën, die een grote rol speelt in het boek. Want zoals meneer Grunberg altijd zegt: ‘Een foto zegt meer dan duizend woorden.’ Maar dan begint de oorlog en wordt het pijnlijk duidelijk dat Leo en Elsa uit Joodse families komen terwijl Max’ vader steeds verder opklimt als nazi. Al snel scheiden hun wegen en volgt de lezer drie verschillende verhalen. Vooral het verhaal van Elsa staat vol met hartverscheurende quotes zoals: ‘Terwijl we heen en weer schommelen en slingeren en elkaars adem in- en uitademen, valt het me op hoe gemakkelijk iets absurds bijna natuurlijk kan worden. Hoe gemakkelijk we het onvoorstelbare een nieuw normaal laten worden. Hoe gauw we leren om op te houden met dingen in twijfel trekken.' en 'Soms heb ik het gevoel dat de hele wereld zijn gezicht van ons heeft afgewend. Niet omwille van onze waardigheid, maar om hun leven, hun rechten en hun privileges veilig te stellen. En hun leugens.' Het verhaal zit goed in elkaar. Ook de schrijfstijl is erg fijn. In het begin is het wat kinderachtig en naïef maar dit past goed bij gelukkige kinderen van negen jaar. Naarmate de oorlog vordert en de kinderen ouder worden, wordt de schrijfstijl serieuzer en zwaarder. De meeste vreselijke gebeurtenissen komen voorbij maar het wordt toch nooit té gruwelijk. Het boek is daarom goed te lezen voor een jong publiek. Elk hoofdstuk beschrijft de oorlog vanuit één van ons drietal. Het valt daarbij op dat Leo en Elsa vanuit het ik-perspectief zijn beschrijven en Max vanuit de derde persoon. Dit heeft Kessler gedaan voor de nodige afstand tot Max en het naziregime. De foto, genomen bovenin het reuzenrad, blijft tot op het allerlaatste moment belangrijk. Het is heel mooi hoe deze foto, die we als lezer nooit te zien krijgen, symbool staat voor de vriendschap van de drie kinderen. Zij hebben niet om deze oorlog gevraagd, maar zijn overgeleverd aan de grillen van volwassenen. Het is jammer dat juist het verhaal van Leo niet goed uit de verf komt Het is nogal soms nogal kort door de bocht en zijn verhaal in Engeland is dankzij de verhalen van Elsa en Max een stuk oninteressanter geworden, maar dit maakt de rest van het boek meer dan goed. Je kan je als lezer vooral goed inleven in de subtiele veranderingen in de maatschappij aan het begin van de oorlog, wat het een must-read maakt voor iedereen die wil dat er nooit meer een oorlog zal komen.