Advertentie
    Martin Overheul Hebban Recensent

Tot zo’n 7500 jaar geleden was het in theorie mogelijk om de afstand tussen Nederland en Engeland te voet af te leggen. Dit gebied was tijdens de laatste ijstijd droog komen te liggen en jagers uit het mesolithicum, de middensteentijd (8000-5500 v.Chr.), gingen in deze contreien op jacht naar wild. Onderzoekers nemen aan dat er zich in dit omvangrijke gebied ook heel wat nederzetting bevonden, al die plausibele hypothese tot nu toe niet bevestigd door bewijzen. Door de opwarming van de aarde na de ijstijd, liepen eerst de dalen en valleien vol water en raakte later heel het land onder water zodat er een enorme watermassa ontstond die we de Noordzee noemen. Het overstroomde land heet sinds het einde van de vorige eeuw Doggerland, een naam die verwijst naar de dichtbijgelegen Doggersbank, een ondiep deel van de Noordzee ten oosten van Noord-Engeland. Daar is de laatste jaren een immens windmolenpark gebouwd dat delen van het Verenigd Koninkrijk en het continent moet voorzien van groene stroom.
Schrijver Ben Smith, docent ‘environmental literature’ aan de universiteit van Plymouth (met voor hem de focus op oceanen, afval en het antropoceen: het tijdperk waarin het aardse klimaat en de atmosfeer de gevolgen ondervinden van menselijke activiteit), situeert zijn debuutroman “Doggerland” in die desolate omgeving in een niet nadere omgeschreven toekomst en maakt van het immense en weerbarstige windmolenpark het derde hoofdpersonage naast ‘de jongen’ en ‘de oude man’ (“De jongen was natuurlijk niet echt een jongen, net zo min al de oude man werkelijk zo oud was; maar namen zeggen niet zoveel, en te midden van alle grauwheid was het nodig om iets van een onderscheid te maken.”). Wellicht vond Smith het ook nodig om onderscheid te maken in het gewicht van beide personages, want ‘de jongen’ weegt veel zwaarder door dan ‘de oude man’. Als vierde personage is er ook nog ‘de stuurman’ van de bevoorradingsboot, die ongewild een cruciale rol speelt in de ontwikkeling van het verhaal, maar die slechts sporadisch opduikt.
De jongen en de oude man wonen op een eenzaam substation waar ze namens Het Bedrijf instaan voor het onderhoud van het windmolenpark, een dagelijkse gevecht met zout water, wind, roest en ondeugdelijk materiaal dat nog het best is te omschrijven als sisyfusarbeid; de elementen laten niet met zich sollen en zetten hun afbraakwerkzaamheden gestaag voort. De oude man verricht zijn taken uit wat ooit een eigen keuze was, maar door de zielloze werkomgeving, het gebrek aan belangstelling van Het Bedrijf en de beroerde middelen verworden is tot een geestdodende bezigheid. De jongen zit niét uit eigen beweging op het substation: zijn vader is enige tijd geleden verdwenen. ‘Gevlucht’ volgens Het Bedrijf en dus iemand die zijn contractuele verplichtingen niet nakomt, zodat diens zoon de resterende tijd moet uitdoen. De vraag is evenwel of de vader eigener beweging is verdwenen of dat hij het slachtoffer is geworden van een van de vele stormen die het windmolenpark met de regelmaat van de klok teisteren.
Smith bouwt zijn verhaal geduldig en zorgvuldig op, geeft mondjesmaat aanwijzingen en zet meer dan eens vraagtekens bij die aanwijzingen. De lezer moet het denkwerk zelf oplossen, moet zelf op zoek gaan naar antwoorden op de vragen die de schrijver opwerpt. Dat maakt ‘Doggerland’ ook zo’n boeiende leeservaring. Smith houdt van gestileerde traagheid, van zorgvuldigheid in stijl en structuur en dat vergt soms enige volharding van de lezer. Maar de gene die daartoe bereid is, staan een paar boeiende uren te wachten.

Reacties op: Gestileerde traagheid

20
Doggerland - Ben Smith
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
E-book prijsvergelijker