Advertentie

Dit waargebeurd verhaal gaat over de kinderjaren, in Nederlands-Indië, van de nu achtentachtigjarige Jantje Zwaanswijk. Op zestienjarige leeftijd vluchtte ze voor haar Nederlandse vader, die op Java bij de KNIL (Koninklijk Nederlands-Indisch leger) werkzaam was.

Het verhaal speelt zich af tussen 1930 en 1946.

Jantje is zes jaar als ze voor zichzelf moet zorgen en opkomen. Haar gewelddadige vader laat haar klusjes in huis doen. Doet ze iets niet goed dan krijgt ze slaag met de mattenklopper of riem. Ze is de hele dag alleen thuis, soms is er een baboe. Ze mag niet naar school en moet zich maar zien te vermaken. Haar enige gezelschap is aap Armijn; hier speelt en knuffelt ze mee. Als ze honger heeft gaat ze naar de kampong en steelt daar vis, kip, rijst, pinda’s, bananen en de zoete vrucht doerian. Ze is een strijder en voor niemand bang; slaat erop los en lapt regels aan haar laars.

‘Hij trok mama de hal in en sloot mij op in de slaapkamer. Ik hoorde hoe hij mama sloeg en schopte. Toen papa de slaapkamerdeur opendeed, was mama weg. Ik was drie jaar, geloof ik.’

Overbuurvrouw Mevrouw van der Voorst vindt dit geen leven voor Jantje en brengt haar naar pa Van der Steur. Het is een Hollander die voor verwaarloosde kinderen zorgt. Hij is aardig en zorgt ervoor dat ze bij de nonnen mag wonen. Ze zijn streng; de kinderen die daar wonen moeten werken en mogen niet praten. Doen ze iets verkeerd dan krijgen ze slaag of moeten in de brandende zon staan. De nonnen noemen haar Jama, ze vinden Jantje geen meisjesnaam.

‘In die stilte hoor ik mijn eigen ademhaling.’

Op een dag vertelt zuster Marie dat ze gaan verhuizen; de oorlog is uitgebroken.
Jantje belandt in concentratiekamp ‘Kramat’. Hier zijn de jappen de baas. Jantje ziet, hoort en ervaart dingen die een kind niet zou mogen meemaken.

Jantje is ongeveer twaalf jaar als de oorlog voorbij is. Haar vader komt haar ophalen samen met Paula, zijn vriendin, en haar zoon Maarten.
Paula is lief voor Jantje en leert haar schrijven en lezen. Vader heeft nog altijd losse handen. Paula gaat bij hem weg en zorgt dat Jantje naar Holland kan waar haar oma en opa wonen.

‘Zo lig ik uren te verlangen naar het land dat ik niet ken, naar mijn onbekende opa en oma, naar vrijheid.’

Op de groene cover staat een meisje in de jungle afgebeeld; met lege ogen, desalniettemin kijkt ze je vastberaden aan. In het boek zien we dit zelfde meisje terug op een tekening samen met Armijn. Kijk en vergelijk; trek je eigen conclusie.

Het verhaal is in eenvoudige taal, in korte hoofdstukken, ontroerend geschreven.
Kinderen vanaf tien jaar zullen dit verhaal vast en zeker kunnen waarderen.
De mooie kleurrijke en zwart-wit illustraties zijn treffend.

In dit compacte verhaal komt de boodschap indringend over. De essentie van het verhaal is het leven van Jantje op Java; toch had ik graag willen lezen hoe kranig Jantje haar grootouders heeft herkend? Misschien een deel twee?

Als lezer vraag je je af hoe Jantje die zestien jaar zo moedig en strijdvaardig is gebleven. Bewonderingswaardig en veel respect!

‘Vroeger kon ik geen kind zijn, nu wel. Alle verdriet heb ik al gehad. Ik ben nu gelukkig.’

Een verhaal voor jong en oud(er) dat nooit vergeten mag worden.



Verhaal 4****

Illustraties 4****

Taalkundig 4****

Reacties op: Een verhaal voor jong en oud(er) dat nooit vergeten mag worden.

3
Jantje - Annemarie Jongbloed
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 14,95
E-book prijsvergelijker