Advertentie

- In december 1945 werden 52 (gnostische) teksten teruggevonden bij Nag Hammadi, een dorpje in Egypte, inclusief een compleet exemplaar van het Evangelie van Thomas.
- Er zijn twee stromingen te onderscheiden:
1. De kerk: kerkelijk christendom, waaruit de rooms-katholieke kerk is voortgekomen, met de bisschoppen en de paus als de herders die hun kudde bewaken. Ook de latere protestantse kerken horen daartoe. De kerk vertrekt vanuit de fundamentele zondigheid van de mens. Een zondig mens kan niet aan zichzelf overgelaten worden, want dan gaat het fout. Die moet gecorrigeerd en gestuurd worden. Daar is de kerk voor, als het genade-instrument van God.
2. De gnostiek: stroming die uitgaat van de fundamentele goedheid van de mens, eventueel verborgen en alsnog op te wekken. Alleen iemand die de kudde verlaat van besnedenen en van mensen die geloven dat ze al vanaf hun geboorte zondig zijn, kan die oorspronkelijke goedheid in zichzelf terugvinden.
- De kerk heeft met niet-aflatende ijver ernaar gestreefd de gnostiek uit de westerse cultuur te verwijderen. Ze is daar bijna in geslaagd, op een kruik na, de kruik die bij Nag Hammadi gevonden werd.
- Gnostiek versus kerk:
1. Kinderen die kort na hun geboorte sterven, ook als ze niet gedoopt zijn, keren onmiddellijk terug naar God versus gaan naar de hel waar ze voor eeuwig blijven.
2. Verhaal van de opstanding van Jezus is een symbolische vertelling van het zielenproces van de mens die van een ‘dode’ naar een ‘levende’ wordt versus de verzoeningsleer en het zoenoffer van Jezus als plaatsvervangende boetedoening voor de zonden van de mensheid.
3. Het fundamentele inzicht van de gnostiek is dat de autonomie van de mens het goddelijke aspect van de mens zelf is versus het religieuze standpunt dat iedereen verantwoording schuldig is aan God.
4. In de gnostische hervertelling van het paradijsverhaal zien we een uiterst positieve waardering voor Eva (ziel) versus de overtreding van Eva als erfzonde. De scheiding van Adam en Eva is volgens gnostici een boosaardige daad van Jahweh. Daarmee wordt de mens gescheiden van zijn innerlijk weten. In de gnostische symboliek is Christus de nieuwe Adam, de nieuwe mens dus. Maria Magdalena is in die mythische symboliek de nieuwe Eva. Na de geboorte van Christus in de maagdelijke ziel kan daar de mystieke bruiloft plaatsvinden, het huwelijk van de Christus met Maria Magdalena in de ziel van de mens is de scheiding van Adam en Eva opgeheven.
- Termen gnostiek:
1. Blinde: iemand die oordelend naar een medemens kijkt met een rolmodel als maatstaf. Ze zien niet de mens, maar het beeld dat ze daarvan hebben gemaakt. Het opheffen van de blindheid betekent leren zien wat er werkelijk is, met ogen van liefde. Het opheffen van blindheid is een wezenlijk onderdeel van het gnostisch spirituele pad, een persoonlijke ontwikkelingsweg die je als mens kunt gaan, waarbij je niet alleen de beelden loslaat over je medemensen, maar vooral die over jezelf.
2. Dode: iemand die zichzelf geheel identificeert met een rolmodel uit de collectiviteit. Mensen die alleen maar in verhalen wonen, existeren niet, ze leven niet.
3. Kleed: symboolwoord voor een betekenis die men aan het bestaande kan toekennen.
4. Wereld: een stelsel van betekenissen (en niet de aarde).
5. Vasten t.o.v. de wereld: jezelf vrij maken door ongelovig te worden, door naakt te worden als Jezus na zijn dood aan het kruis.
6. De dwaling ofwel een zoon van het land: iemand die gevangen is geraakt in een verhaal over de werkelijkheid, niet meer weten waar je vandaan komt en waar je heen gaat, Bewust Spiritueel Dakloos (Thomas 21).
7. Herstel, genezing, opstanding: proces van bevrijding uit de dwaling. Jezus die de zieken geneest (Nieuwe Testament) is met gnostische ogen ‘het herstel’ uit de dwaling. Herstel ontstaat in eerste instantie door het inzicht dat je in een verhaal gevangen zit.
8. Neem je kleed op en wandel (met God): je bekleedt jezelf met met je eigen, zelfgeschapen betekenis en daarmee wandel je, jezelf levend , en daarmee jezelf vertellend, door het leven.
9. Volheid: staat van zijn waarin je, vanuit een totale openheid voor al wat is, met je leven je eigen verhaal aan jezelf en je medemensen vertelt, als je eigen antwoorden op de vragen die het leven stelt.
10. Het midden: de donkere nacht van de ziel (Johannes van het Kruis): wanneer de angst voor de leegte je verleidt naar een ander groot verhaal. Dan vul je de leegte op met een ander verhaal. De ontreddering is een beslissende fase van een ontwikkelingsweg. In de leegte woont de liefde. Bemoediging zou de goede reactie van medemensen en hulpverleners moeten zijn. Maar meer gebruikelijk is om die fase pathologisch te duiden als een depressie waar je van ‘genezen’ moet worden.
11. Vreemdeling: fundamenteel menselijke ervaring, iemand die ervaar dat hij hier niet thuis hoort. De aanvaarding van het vreemdelingschap is de overwinning op het lot. Het aanvaarde vreemdelingschap schept de afstand en de vrijheid die nodig is voor de ervaring van waarachtige lotsverbondenheid met de medemens. Dan is iedereen je medemens, naaste. Wie nergens bij hoort, hoort overal bij.
12. Dood: namaakmens, die niet leeft volgens zijn eigen kennis van goed en kwaad, maar zich in morele slavernij heeft overgeleverd aan ‘de Machten’. De gnostische dood is in de wereld gekomen door de scheiding van Adam en Eva, beweert Filippus. Maar is opstanding mogelijk uit die dood door de hereniging van die twee (Adam = mens en Eva = ziel).
13. Slaap: onwetendheid.
14. Wereld van ‘horen zeggen’: dodenrijk. Deze mensen zien de verhalen-over-de-wereld aan voor de wereld zelf. Ze nemen genoegen met de verhalen en willen of durven niet zelf te ervaren hoe het is om in-de-wereld te zijn, om te existeren, zoals Kierkegaard dat voor het eerst noemde. Dat is dezelfde opvatting die we vonden in het Evangelie van Thomas en andere gnostische teksten.
- Existentiële grondervaringen gebeuren. Achteraf kun je er een betekenis aan geven door de gebeurtenissen te plaatsen in het grote verhaal van de cultuur waarin jij bent opgevoed, of in een groot verhaal van een andere traditie. Er kleeft een gevaar aan het achteraf toekennen van betekenis aan grondervaringen. Als de toegevoegde betekenis belangrijker maakt dan de ervaring, die je iets met jezelf. Dan loop je het gevaar jezelf af te sluiten voor die heel speciale en universeel menselijke ontroering van het leven. Alleen door een houding van niet-weten kun je je bewustzijn openen voor die grondervaring van geborgenheid in het omvattende.
- De innerlijke houding van niet-weten is iets heel anders dan nihilisme. Ook nihilisme (en fundamentalisme) is een zeker weten en een gesloten houding. Het louter intellectuele inzicht dat betekenissen op afspraak berusten, kan verleiden tot moreel nihilisme. Fundamentalisme is de bijna-dood van een groot verhaal. Het huidige fundamentalisme in de islam bedriegt het voortbestaan van een ooit levende en veelzijdige traditie.
- Om bereikbaar te zijn voor de ontroering van je medemens, moet je je zekerheden durven loslaten, de vensters van je ziel openstellen, en bereid zijn geraakt te worden. Alleen dan kun je de waarheid van een verhaal verstaan. Het verhaal van Hans en Grietje bereidt de ziel van het kind voor op het latere leven als volwassene. De lofzang op de schepping uit Genesis ervoer ik als een vorm van zielencontact over de eeuwen heen. Kunnen we de zielenwaarheid nog wel beleven? Misschien moeten we maar eens besluiten dat verhaal niet meer letterlijk te nemen als het verslag van een historische gebeurtenis.
- Grote mensen zijn meestal vergeten dat ze elkaar verhalen aan het vertellen zijn. Ze geloven in het spel en de spelregels. Ze geloven vooral in hun eigen rol als deel van hun grote-mensenverhaal. Ze denken dat zij die rol zijn. Daarom kunnen ze het spel ook niet beëindigen.
- Mensen vergeten gewoonlijk dat het verhaal waarmee ze hun leven richting willen geven van menselijke oorsprong is, dat ze daar zelf de verteller van zijn, dat de mens met zijn bewogenheid zelf de bron is van alle levenswegen die in hun verhalen in kaart gebracht zijn.
- Door zo’n inzicht verliest een mens de zekerheid over de zin van het bestaan, je raakt in onwetendheid over jezelf. Een bestaan dat als zinloos wordt ervaren maakt ongelukkig. Die zin kun je elders vandaan halen, maar je kunt die ook zelf scheppen. Dat doe je door je eigen verhaal te leven.
- We kunnen gewoonlijk ons eigen verhaal niet zien. Het is veel te vanzelfsprekend omdat we ermee vergroeid zijn. Om je eigen verhaal te leren kennen zou je naar jezelf moeten kijken alsof je niet jezelf was. Dat is niet zo eenvoudig. We vinden ons eigen levensverhaal zo vanzelfsprekend dat we ons maar met moeite kunnen voorstellen dat het maar een verhaal is, waarin aan de feiten van je leven een betekenis is toegekend.
- Mensen kunnen elkaar ontmoeten in de open ruimte tussen de verhalen waar hun eigen identiteit niet meer geketend is aan de rolmodellen uit een groot verhaal.
- Van Jezus wordt verteld dat hij mens is geworden. Meestal wordt dat uitgelegd alsof hij uit de hemel op aarde is neergedaald; De gnostische teksten zien dit anders. Daarin roept Jezus elk mens op zichzelf te herinneren, en ook zelf weer mens te worden, net als hij. Hij vraagt je zijn woorden op je tong te leggen en ze te proeven, tot ervaring te maken, zodat je de oorspronkelijke ontroering van zijn verhalen zult herkennen.
- Vanaf het moment dat je niet meer in je ideologische identiteit gelooft ben je een vrij mens, omdat de illusie waarvan je eerst een deel was met een beeld van jezelf, dus geen greep meer op je heeft.
- Het overwinnen van angst is een wezenlijk onderdeel van het spirituele pad op weg naar autonomie in vrijheid, het herstel in gnostische zin. Angst zal oplossen in overgave aan leegte. Wie de moed heeft om de leegte binnen te gaan, zal ontdekken dat daar geen eenzaamheid is, maar zal in plaats daarvan de ervaring opdoen van verbondenheid met al-wat-is als een onwrikbaar fundament onder het autonome bestaan. Het verhaal van het verraad, het lijden en de opstanding van Jezus is het ‘geheime’ verslag van het gnostische spirituele pad. Wie dat verhaal letterlijk neemt, zal het niet kunnen verstaan.
- Drie menstypes van de gnostiek:
1. Hylici: versteende mensen.
2. Psychici (stoicijnen): gevoelens als niet serieus te nemen aandoeningen, hoopt op een bestaan waarin zijn gemoedsrust niet meer wordt verstoord door emotionele aandoeningen.
3. Pneumatici: bereid bewogen te worden, ervaren de liefde als bron van alle bewogenheid.
- De kern van de gnostische levensovertuiging is dat liefde alleen kan opbloeien in totale openheid voor al wat is. Alleen iemand die vrede met zichzelf sluit, de strijd tegen zichzelf staakt, kan deze openheid bereiken. Dat betekent in de praktijk van het leven dat men zich ontwapent, zijn pantser aflegt, en bereid is geraakt te worden, ook door pijn en verdriet. In deze vrije ruimte die deze openheid schept zal liefde zichzelf aandienen als de bestaansgrond van zichzelf en de medemens.
- Net als de katharen verwerpen de vroege gnostici de God van het Oude Testament en zagen zij Jezus als iemand die tot een radicale breuk met de opvattingen van het Oude Testament zou hebben opgeroepen. Jahweh is in de verhalen van het Oude Testament een goddelijke wetgever en rechter en hiermee wordt een toestand van morele slavernij opgeroepen. De Jezus die we in de gnostische teksten ontmoeten, wil de mensen voorhouden dat ze het mededogen in vrijheid tot grond van hun bestaan kunnen maken in de plaats van de morele slavernij aan een externe autoriteit.
- Kenmerken van spiritueel gevangenschap:
1. Rotsvast geloof in een verhaal.
2. Morele slavernij aan een externe autoriteit.
- Culturele polariteiten in het maatschappelijk debat van het Joodse volk in de tijd rondom Jezus:
1. Stammencultuur  individuele verantwoordelijkheid (Hammurabi), kennis van goed en kwaad (Zarathustra).
2. Goden, noodlot  vrijheid tot zelfbestemming (Pericles).
Conservatieven (stammencultuur, goden) versus progressieven.
- Gnostische mythes zijn niet om in te geloven, maar ome en inzicht over te dragen. Daarom moet men die gnostische mythes ook niet letterlijk willen verstaan.
- In de gnostische mythes speelt de Demiurg een belangrijke rol. Hij is de tegenpool van de gnostische christus. De demiurg schiep de wereld van de angst. Tien kwam Christus om de mens te leren zichzelf van de Demiurg te bevrijden. De gnostische Christus is geen verlosser, maar boodschapper.
- Veel gnostische teksten zijn geïnspireerd door een protest tegen Jahweh, de God van het Oude Testament. Die wordt daarin gewoonlijk voorgesteld als ‘de heer van het kwaad’. Jahweh is de Demiurg.
- In de oudtestamentische traditie is God de schepper die de kosmos op een enkel tijdstip schiep. In de gnostiek wordt de wereld op elk moment nieuw geschapen. De wereld is voortdurend nieuw. Al het geschapene is een uitvloeiing van de Bron. Als gnostici over God spreken, bedoelen ze die Bron waaruit een eeuwig nu voortvloeit.
- De Bron is het pure Zijn, het Oerzelf, het zuiver bewustzijn. Op een moment, voor alle tijden en ruimtes, werd dit Oerzelf zich bewust van zichzelf. Zo ontstond het zelfbewustzijn van het Oerzelf, Sophia genaamd.
- De Demiurg werd geboren in een moment dat Sophia niet met haar oorsprong verbonden was. In dat moment van niet-verbondenheid baarde Sophia de Demiurg. De Demiurg is slechts een schijnwerkelijkheid, een schaduwwereld.
- Het Thomasevangelie zegt niet dat we de wereld moeten verzaken. We hoeven de wereld, de schijnwereld, wel te verstaan, alleen maar te begrijpen, of te herkennen. Dat is het wakker worden uit de slaap of het dronkenschap. Wie de schijn doorziet is daardoor alleen al de schijn te boven gekomen. Het werkelijk zien van de schijn, dat is de verlossing.
- De diepe vreugde waar de rishi’s over spraken kun je alleen ervaren als je bereid bent die te delen met de pijn die ook bij het leven hoort, in het hier-en-nu.

Zie voor een samenvatting van meerdere boeken (ook over Een Cursus In Wonderen) mijn website: https://angelathissen.nl/

Reacties op: Samenvatting

4
Gnosis en gnostiek - Bram Moerland
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners