Lezersrecensie
Een gezin als dat van mijn opa
Het idee van een familiegeschiedenis over twaalf kinderen uit één gezin trok me bij dit boek. De geweldig mooie titel zette me mogelijk op een verkeerd spoor. Ik verwachtte een bijzondere geschiedenis. Maar het is een verhaal zoals dat van mijn overgrootmoeder (generatiegenoot van Maria Zachea) en haar zoon, mijn opa (de oudste in een groot, katholiek gezin en twee jaar ouder dan Jo); even uniek als algemeen. Herkenning te over, dat wel. Het verhaal geeft een duidelijk tijdsbeeld. Maar zoals men in die tijd gewoon was, laat men niet het achterste van de tong zien. Dat is jammer, want zo wordt het verhaal te weinig persoonlijk.
Het boek is ingedeeld bij de literaire non-fictie. Maar wat mij betreft mist de taal iets om echt literair te zijn. Het verhaal doet aan als een verslag; vaak fragmentarisch en grof geschetst. Op sommige plekken worden de losse herinneringen mooi aan elkaar geregen, op andere lijken de anekdotes tussen de lopende tekst geplakt. Op het eind schrijft de auteur zichzelf (weliswaar naamloos) kort in het verhaal van Guus. Dat had van mij niet gehoeven. Het verhaal van de aftakeling van de oude moeder door de verhalen heen enigszins chronologisch houden, via het oudste naar het jongste kind, is echter knap gedaan.
Psychologisch is het in het boek enigszins interessant om te zien wat een tekort aan aandacht en liefde van je ouders met je doet en wat voor een gedrag je daarvan kunt gaan vertonen. Het invullen van de kinderen voor de zwijgende moeder lijkt vaak als oorsprong de tekorten uit de jeugd te hebben.
Het verhaal bracht oude herinneringen aan mijn opa en overgrootmoeder boven. En eigenlijk was dat het beste aan het boek.