Lezersrecensie
Prachtige taalgebruik en aan elkaar geregen herinneringen leiden je met gemak door 800 bladzijden landschapskunst en parken
In een interview met schrijver Peter Delpeut zegt hij over deze roman dat het boek, technisch gezien, een hybride roman wordt genoemd, omdat het veel elementen in zich heeft. Roman, reisboek, liefdesverhaal, essay en een heel klein beetje autobiografie. Vervolgens geeft Delpeut aan: “Ik heb vooral een roman willen schrijven, maar wel een roman zoals die niet bestaat of weinig bestaat.” In het zwart van de spiegel laat zich inderdaad moeilijk typeren. Dat is precies wat het boek aantrekkelijk maakt.
Overall is de verhaallijn redelijk eenvoudig. De filmmaker uit In het zwart van de spiegel lijdt aan een oogkwaal, waardoor zijn blik steeds nauwer wordt. Tijdens een verblijf in Spanje leest hij een boek van Truman Capote waar een Claudespiegel in voor komt. Als student kocht hij ooit een Claudespiegel in Bath. Het zet hem aan om – op bijna neurotische wijze – op zoek te gaan naar de landschapsschilder Claude Lorrain, naar wie de spiegel is vernoemd en de landschappen die hij schilderde. De filmmaker wordt steeds door gebeurtenissen, en meer nog zijn eigen herinneringen, aangezet om verder in de geschiedenis van Lorrain en de Engelse parken te duiken, en kijkt en passant ook terug op zijn eigen liefdesleven.
De 16e-eeuwse Claude Lorrain schilderde met name landschappen van de campagne rond Rome. Zijn schilderijen werden in de 18e eeuw ontdekt, en stonden vervolgens als voorbeeld voor ontwerpen van parken in Engeland. Met behulp van de Claudespiegel – een gadget uit de 18e eeuw – kon je een landschap in beeld krijgen zodat het de schildertechniek van Lorrain benadert. Met behulp van zijn spiegel gaat de filmmaker op zoek naar de schilder en komt op plaatsen die hem herinneren aan vroegere liefdes.
De beschrijvingen van de schilderijen en parken zijn levendig en uitgebreid. Het nodigt uit om deze verder te bekijken, waardoor menig lezer naast het boek ook internet paraat had om de schilderijen te onderzoeken. Het vergt wel enig doorzettingsvermogen om op deze manier een roman te lezen. De interesse naar kunstkijken die Delpeut weet op te wekken, vertraagt het lezen van het toch al dikke boek. Omdat deze passages zich vooral in de eerste hoofdstukken van het boek bevinden, zou je gemakkelijk kunnen afhaken. Maar de doorzetter wordt beloond. Het prachtige taalgebruik van Delpeut en de aan elkaar geregen herinneringen van de hoofdpersoon leiden je met gemak door 800 bladzijden. Aan het einde van het boek blijven nog een groot aantal vragen onbeantwoord. Jammer, want ik zou eindeloos in de mijmeringen en ontdekkingen willen worden meegenomen.