Lezersrecensie

Tijdens het lezen van de epiloog voelde ik de haatgevoelens over me heen stromen


Mieke Schepens Mieke Schepens
11 mrt 2022

Deze recensie werd eerder gepubliceerd op mijn blog.

Nadat rechercheurs Laura Mandemaker en Hans Dijkma ternauwernood aan de dood zijn ontsnapt in Amsterdam, vinden zij een nieuwe standplaats in 's-Hertogenbosch. Ze verwachten dat het leven daar een stuk rustiger zal worden voor hen, maar de werkelijkheid is anders. Vrijwel direct worden ze geconfronteerd met een totaal onverklaarbare zaak.

In de proloog stelt de auteur ons voor aan Laura Mandemaker en Hans Dijkma en vertelt daar ook al iets over hun onderlinge relatie.
In vierenveertig niet te lange hoofdstukken neemt de auteur je daarna mee naar gebeurtenissen die zich afspelen tussen januari en april 2019, met hier en daar een kijkje terug in de tijd.

In de vloer van de Sint-Janskathedraal worden twee verse lijken gevonden; ze kunnen er nog niet heel lang gelegen hebben. Pastoor Bruno Marechal zwaait daar de scepter en is geliefd door iedereen die hem kent.
Bij het grote publiek was al bekend dat er 520 graven in de kathedraal waren en dit graf werd daarom als graf 521 aangemerkt.

Het team waarvan beide rechercheurs deel uitmaken, start een uitgebreid onderzoek naar de identiteit van de slachtoffers en de dader(s). Voordat ze zich de zaak eigen hebben gemaakt en ze de identiteit van de slachtoffers kennen, dient zich een volgende dode aan.
Ondanks dat de dader al snel zijn of haar verhaal mag vertellen, blijft de identiteit nog even onbekend, maar dat verandert. De auteur laat de lezer nog heel lang in het ongewisse over het hoe en waarom en daardoor blijft de spanning goed voelbaar.

De rechercheurs groeien nog meer in hun verhouding naar elkaar toe, dankzij pastoor Marechal.

“Midden op de stoep blijven ze staan en kijken in elkaars ogen. Laura fel, Hans vermoeid. ‘Sorry dat ik er nooit iets over heb gezegd. Het heeft niets met vertrouwen te maken, dat zweer ik. Het was gewoon altijd een soort blauwe plek vanbinnen, die ik uit mezelf liever niet aanraakte. Gek genoeg heeft Marechal zijn vinger er precies opgelegd en het voelt beter. Ga nu niet hetzelfde doen als ik al die jaren; jouw gevoel laten afhangen van mijn keuzes.’ Ze blijven een tijdje zo staan, zich niets aantrekkend van voorbijgangers.”

Franziska Weissenbacher heeft een prettige schrijfstijl en de personages worden goed beschreven.

Er volgt een bizarre ontknoping en tijdens het lezen van de epiloog voelde ik de haatgevoelens over me heen stromen. Heeft dit verhaal nog een vervolg, vroeg ik me af? Zal er wraak worden genomen door dit gestoorde wezen?

Ik kijk uit naar een volgend verhaal van Franziska Weissenbacher met deze rechercheurs in de hoofdrollen.

Reacties

Meer recensies van Mieke Schepens

Boeken van dezelfde auteur