Lezersrecensie

De verloren liefde


Peter Bakema Peter Bakema
27 apr 2022

‘Zwemmen in het donker’ van Tomasz Jedrowski is een droom van een debuut over liefde in tijden van het communisme, over coming of age, over vrijheid en verlies. Jedrowski geeft treffende beschrijvingen van de hopeloze sleur van het dagelijks leven in het communistische Polen van de jaren 80 en van de eerste demonstraties tegen het systeem. Hij weet niet alleen de pracht van het landschap en de natuur op te roepen, maar ook de troosteloosheid van de flatgebouwen en de grandeur van de herenhuizen. Toch is hij op zijn best in de terughoudende beschrijvingen van de liefde. Voor Jedrowski is liefde bovenal voelen en zien en de sensuele beschrijvingen in de roman laten je dromen.

De twee hoofdpersonen van de roman zijn de tegenpolen Ludwik en Janusz, beide een jaar of twintig. Ludwik is principieel en wil zichzelf kunnen zijn. Hij weigert iedere toegeving aan het systeem, wil geen beroep doen op relaties en zet daardoor zijn academische toekomst op het spel. Sterker nog: hij verzet zich tegen het systeem en strooit vanaf een flatgebouw pamfletten naar beneden tijdens een grote demonstratie. In de liefde is hij even principieel. Hij heeft er een romantisch idee over, kiest resoluut voor Janusz en verwacht van hem hetzelfde. Ludwik is ouderloos: zijn moeder is overleden en zijn vader weggelopen. Liefdesverlies en verlatingsangst zijn een constante in zijn leven.

Janusz is een opportunist die gebruikmaakt van de mogelijkheden die zich voordoen. Van arme komaf, is hij de partij dankbaar voor zijn scholing. Later heeft hij een netwerk van relaties en krijgt een baan bij een ministerie via de communistische partij. Hij tilt er niet zwaar aan en is vooral op zijn eigen voordeel uit. Ook in de liefde is hij ambigu.

Hoe verloopt de coming of age van Ludwik? In zijn kindertijd heeft hij een sterke vriendschapsband en als zijn vriendje Beniek van de ene dag op de andere verhuist, is hij ontroostbaar. In zijn tienerjaren heeft hij ’s avonds seksueel contact met een oudere homo in het stadspark, maar het vervult hem met weerzin en hij komt er niet terug. Op zomerkamp ziet hij Janusz zwemmen, een knappe, sportieve jongen. Met hem beleeft hij zijn eerste liefde. Veel twijfels lijkt Ludwik niet te hebben, er is geen worsteling met zijn geaardheid. Het past wel bij zijn karakter, maar is toch minder geloofwaardig in het door en door katholieke Polen, waarin homoseksualiteit door de communistische partij verboden was.

Na het zomerkamp beleven Ludwik en Janusz een idyllische liefde in de natuur. Ze leven samen in een bos aan een meer en doen niet veel meer dan zwemmen en zich aan elkaar geven. Alles lijkt probleemloos te gaan. De jongens vervelen zich nooit met elkaar, maken geen ruzie en de seks gaat meteen goed en blijft goed. Het zijn geen grote praters en je vraagt je af wat ze elkaar anders kunnen bieden dan hun lichaam. Veel gaat stilzwijgend: ze hebben het niet over homoseksualiteit, maar Ludwik geeft Janusz in het zomerkamp een exemplaar van de homo-roman ‘Giovanni’s room’ van James Baldwin te lezen. Misschien heeft de herinnering het verleden geïdealiseerd, want we lezen de roze terugblik van Ludwik.

Leven ze nog lang en gelukkig? Nee, het echte leven roept: de studie, de loopbaan. Ludwik gaat studeren en moet verhuizen. Hij krijgt een warme band met zijn hospita die voor hem het oude en vertrouwde vertegenwoordigt. Janusz maakt carrière via de partij. Wanneer zijn hospita ziek wordt en Ludwik niet aan medicijnen kan komen, bewijzen Janusz’ contacten hun nut. Janusz neemt Ludwik mee naar partijfeestjes met een overdaad aan spijs en drank. Zijn vrienden hebben hippe kleren en het gaat ze voor de wind. Ludwik ziet dat Janusz flirt met de bloedmooie Hania, de dochter van een hoge partijfunctionaris. Ludwik is stikjaloers en Janusz verzekert hem van zijn liefde door te zeggen dat hij het niet zo serieus neemt. Maar neemt hij hun relatie dan wel serieus?

De twijfel begint te knagen en bereikt een hoogtepunt bij een paddoparty. Verschillende vrienden komen samen in de weelderige villa van een partijlid. Ze nemen paddo’s en sommigen hebben seks in het bos, Janusz niet alleen met Ludwik, maar ook met Hania. Het vervult Ludwik met jaloezie en weerzin en hij vlucht.

Later wordt Ludwik beschuldigd van homoseksualiteit, hij had zijn naam gegeven aan de man in het stadspark. De beschuldiging wordt uiteindelijk geseponeerd en Ludwik slaagt er via Hania in te ontsnappen naar Amerika. Het boek dat we lezen is zijn terugblik op zijn liefde voor Janusz, op alles wat hij in Polen heeft verloren. Zijn vlucht naar de vrijheid heeft hem niet gebracht waar hij op hoopte: zichzelf kunnen zijn. Hij leeft in het verleden en voelt de behoefte zijn vriend te vertellen wat hij in hem verloren heeft. Je moet wel een hart van steen hebben om niet door ‘Zwemmen in het donker’ geraakt te worden.

Reacties

Meer recensies van Peter Bakema

Boeken van dezelfde auteur