Advertentie

Het Hout: het slaghout, het rietje … symbool bij uitstek voor het sadisme van generaties geestelijken in kloosterscholen en pensionaten. Ook seksueel misbruik manifesteerde zich vooral tussen de jaren 50 en 80 heimelijk in de Kerk. In Vlaanderen wordt hier voor het eerst – mét knipoog overigens - naar verwezen in de publicatie Kom eens naar mijn kamer van Vic de Donder (Van Halewyck, 2002, 203 pagina’s). Dit boek verschijnt nog in tempore non suspecto: misbruik in de Kerk wordt door de goegemeente dan nog als eerder uitzonderlijk bestempeld. Al kent iedereen de verhalen van priesters met losse handjes, toch duurt het in Vlaanderen nog tot 2010 (wanneer bisschop van Brugge Roger Van Gheluwe seksueel misbruik op zijn neefje toegeeft) vooraleer de (internationale) omvang van misbruik binnen de Kerk duidelijk wordt. Sindsdien vloeide hierover heel wat inkt. Jeroen Brouwers is misschien wel de eerste auteur van formaat die er een boom over opzet in een roman. Het Hout dus. Als titel niet mis gekozen.

Jeroen Brouwers voert de lezers terug naar het jaar 1953 en maakt hen getuige van de opvoedkundige geplogendheden op een jongenspensionaat in Zuid-Oost-Holland. De broeders franciscanen runnen er in het mijnstadje Rodakerken op de grens met Duitsland het college Sint-Jozef ter Engelen. De link met het pas uitgeroeide naziregime is een gedachtesprong ver (ook Brouwers’ onverwerkte oorlogsjeugd werkt door) …


Brouwers laat ons over de schouder van de pas ingetreden broeder Bonaventura (geboren: Eldert Haman) meekijken in de chambrettes van de leerlingen en de kamer van de prefect. Hij is surveillant op de broederschool en vastbesloten de leerlingen niet aan te raken. Hij niet. Hij is er echter wel getuige van hoe sommige van zijn medebroeders - en al zeker Mansuetus, de prefect van de school - hun handen moeilijk thuis kunnen houden.


In hoofdstuk een zet Jeroen Brouwers niet alleen de drie verhaallijnen uit, maar schetst hij ook trefzeker de hoofdpersonages én roept hij moeiteloos de hele internaatssfeer uit de jaren 50 op. Dat laatste doet hij door zijn verhaal met tijdsiconen te doorspekken zoals onder andere comic strips (Donald Duck), beeldverhalen (Kuifje, Blake en Mortimer), speelgoed (Dinky Toys), jeugdboeken (Dik Trom, Moby Dick) muziek (Gillespie, Fats Domino), films (Fanfan La Tulipe, High Noon), tijdschriften (Panorama, Revue), poetsproduct (Vim?), Brylcreem, het kolenhok … Als verhaallijnen ontplooien zich de hechte vriendschap tussen de internen Mark Freelink en Wil Van Lanschot (die hen duur te staan komt), het tirannieke optreden van broeder Mansuetus -de ever- en de worsteling van Bonaventura met zijn ‘roeping’enderzijds en zijn liefde voor Patricia anderzijds … Een opener van formaat!

Jeroen Brouwers vertelt dit verhaal bij monde van Bonaventura, in wiens personage hij mogelijks een hulde brengt aan alle goedmenende geestelijken die zich nièt met deze praktijken hebben ingelaten. Ook voor hen moet het openbarsten van deze steenpuist een bijzonder pijnlijke ervaring zijn geweest. Hebben zij immers niet hun hele leven weggegeven aan het instituut Kerk (bij Brouwers zonder hoofdletter)? Tegelijk portretteert hij Bonaventura als de kloosterling zonder roeping, die eerder het klooster ingepraat, ingesukkeld is … Ook zo moeten er velen geweest zijn: opgeslokt, opgesloten, levenslang gevangen in het systeem. Ontdaan van al het wereldse, beroofd van hun persoonlijkheid, de mond gesnoerd. Dat laatste neemt Jeroen Brouwers zelfs letterlijk. Zowel de door Mansuetus monddood gemaakte overste Benedictus, de tot koster gedegradeerde prefect Hyacintus, de getortureerde leerling Wil Van Lanschot als de smoorverliefde Bonaventura komen van lieverlede niet meer uit hun woorden. Ze braken brokken grammaticale onzin …

Brouwers is meesterlijk in de passages waar hij de Kerk een verbaal koekje van eigen deeg geeft. In het licht van de misbruiken binnen de kerk, klinkt de nieuw-testamentische retoriek hier en daar immers heel pijnlijk en dat melkt Brouwers in de ontknoping dankbaar uit. Wat te denken van bijbelpassages als ‘Laat de kinderen tot mij komen’? Alleen Brouwers die het systeem van binnenuit heeft gekend én ondergaan, is in staat tot een dergelijk magistraal werk.

“We raken deze terreurschool niet meer kwijt”, schrijft Brouwers op pagina 140. Met Het Hout doorbreekt hij het Grote Zwijgen en geeft hij een stem aan zovele jongens en meisjes, mannen en vrouwen ondertussen, wie dit onrecht is aangedaan.


Wat Brouwers in Het Hout beschrijft is niet fraai en reken maar van yes dat hij de deksel van de beerput licht, maar het snijdt wel hout natuurlijk … Ruim 61 jaar na wat Brouwers in zijn boek beschrijft, bloklettert de krant: “Priester die jongen aanrandde is opnieuw aan de slag.” Het Hout ligt dan amper een week in de boekhandel …

Met dank aan mevrouw Els Wouters van uitgeversgroep Veen, Bosch & Keuning voor het ter beschikking stellen van het recensie-exemplaar.

Reacties op: magistraal

Steun je favoriete boekhandel

Bestel je boeken op Hebban bij Libris of Blz. en steun een boekhandel bij jou in de buurt. Vanaf €15,- gratis bezorgd.

Bestel het boek bij Libris vanaf 12,50
Bestel het boek bij Blz. vanaf 12,50
bestellen
bestellen
bestellen
bestellen
Proxisbestellen
Boeken.combestellen

  Klik hier voor een overzicht van alle aanbieders

Bestel dit ebook vanaf  €9,99 bij