Lezersrecensie
Kunst van het hoogste niveau
Prachtige roman van deze in 2017 overleden Zuid-Afrikaanse schrijver. Bij toeval in de bieb ontdekt. Vooral de aanbeveling van J.M. Coetzee op de cover (“Kunst van het hoogste niveau”) heeft me verleid.
Het voorwoord door Coetzee bevat een schitterende analyse van het verhaal. Maar ik raad je aan dit voorwoord als nawoord te lezen omdat hij een belangrijke plotwending weggeeft. Opvallend omdat er verder in dit verhaal juist vrij weinig gebeurt. Dat maakt die gebeurtenis extra belangrijk. Een keerpunt zou je kunnen zeggen.
Het verhaal draait om de welgestelde Nederlander Versluis die in 1870 naar Bloemfontein reist om te herstellen van zijn ziekte. Bloemfontein, midden in Zuid-Afrika in de provincie Vrijstaat, stond toen bekend als herstellingsoord voor zieken vanwege de droge lucht en het open veld. Versluis komt daar in aanraking met Europese immigranten en kinderen van immigranten. Bloemfontein is dan nog een dorp, een miniatuur versie van Europa. Met zijn Nederlandse kerk, Katholieke kerk, Anglicaanse kathedraal en Lutherse kerk. Een dorp waar bijvoorbeeld de verjaardag van de Duitse keizer nog groots gevierd wordt. De inheemse bevolking speelt in dit verhaal alleen een rol als bediende of koetsier. De volgende observatie van dominee Scheffler van de lutherse kerk geeft een aardig beeld.
“’Soms denk ik dat we gefaald hebben,’ zei Scheffler nadenkend, zijn hoofd gekeerd naar de langzame verkleuring in het westen, zodat zijn woorden niet duidelijk te verstaan waren. ‘We hebben onze beschaving hierheen gebracht, onze huizen en kerken, onze meubels en piano’s en boeken en modes uit Europa, ongevraagd hebben we dat hierheen gebracht en uitgeladen alsof Afrika een of andere vuilstortplaats was, en wij hebben ons leven hier ingericht volgens de patronen die wij of onze ouders van elders hebben meegebracht. We teren op herinneringen en omgeven ons met schimmen, en Afrika zelf zien we slechts op een afstand door de kanten gordijntjes die we voor onze woonkamerramen hebben opgehangen. De boeren die waren begonnen om als deel van dit land hun eigen leven op te bouwen, hebben we daar met geweld van weerhouden – vandaag de dag kopen de boeren piano’s en sturen hun dochters naar kostscholen, de kinderen proberen Engels te spreken om deftig te zijn. En de zwartmensen, wat hebben we hun niet aangedaan? We hebben hun de twijfelachtige gaven geschonken van Europese huizen en kleren, van geld en drank en ziekten die ze nooit hebben gekend; met de ene hand hebben we geprobeerd hen te verheffen, zoals wij dat noemen, en met de andere hand duwen we hen weer terug als ze te dichtbij komen en we ons bedreigd voelen. Wat hebben we niet allemaal aangericht in dit land? En met welk recht?’”
Bovenstaand citaat is een treffende beschrijving van de toenmalige situatie in Zuid-Afrika. Maar Een ander land gaat vooral over leven en dan met name hoe je omgaat met de eindigheid ervan. Als lezer ben je getuige van de innerlijke ontwikkeling die Versluis doormaakt. Er gebeurt zoals gezegd weinig. Het duurde even maar gaande weg ging ik echt van dit boek houden.
Het voorwoord door Coetzee bevat een schitterende analyse van het verhaal. Maar ik raad je aan dit voorwoord als nawoord te lezen omdat hij een belangrijke plotwending weggeeft. Opvallend omdat er verder in dit verhaal juist vrij weinig gebeurt. Dat maakt die gebeurtenis extra belangrijk. Een keerpunt zou je kunnen zeggen.
Het verhaal draait om de welgestelde Nederlander Versluis die in 1870 naar Bloemfontein reist om te herstellen van zijn ziekte. Bloemfontein, midden in Zuid-Afrika in de provincie Vrijstaat, stond toen bekend als herstellingsoord voor zieken vanwege de droge lucht en het open veld. Versluis komt daar in aanraking met Europese immigranten en kinderen van immigranten. Bloemfontein is dan nog een dorp, een miniatuur versie van Europa. Met zijn Nederlandse kerk, Katholieke kerk, Anglicaanse kathedraal en Lutherse kerk. Een dorp waar bijvoorbeeld de verjaardag van de Duitse keizer nog groots gevierd wordt. De inheemse bevolking speelt in dit verhaal alleen een rol als bediende of koetsier. De volgende observatie van dominee Scheffler van de lutherse kerk geeft een aardig beeld.
“’Soms denk ik dat we gefaald hebben,’ zei Scheffler nadenkend, zijn hoofd gekeerd naar de langzame verkleuring in het westen, zodat zijn woorden niet duidelijk te verstaan waren. ‘We hebben onze beschaving hierheen gebracht, onze huizen en kerken, onze meubels en piano’s en boeken en modes uit Europa, ongevraagd hebben we dat hierheen gebracht en uitgeladen alsof Afrika een of andere vuilstortplaats was, en wij hebben ons leven hier ingericht volgens de patronen die wij of onze ouders van elders hebben meegebracht. We teren op herinneringen en omgeven ons met schimmen, en Afrika zelf zien we slechts op een afstand door de kanten gordijntjes die we voor onze woonkamerramen hebben opgehangen. De boeren die waren begonnen om als deel van dit land hun eigen leven op te bouwen, hebben we daar met geweld van weerhouden – vandaag de dag kopen de boeren piano’s en sturen hun dochters naar kostscholen, de kinderen proberen Engels te spreken om deftig te zijn. En de zwartmensen, wat hebben we hun niet aangedaan? We hebben hun de twijfelachtige gaven geschonken van Europese huizen en kleren, van geld en drank en ziekten die ze nooit hebben gekend; met de ene hand hebben we geprobeerd hen te verheffen, zoals wij dat noemen, en met de andere hand duwen we hen weer terug als ze te dichtbij komen en we ons bedreigd voelen. Wat hebben we niet allemaal aangericht in dit land? En met welk recht?’”
Bovenstaand citaat is een treffende beschrijving van de toenmalige situatie in Zuid-Afrika. Maar Een ander land gaat vooral over leven en dan met name hoe je omgaat met de eindigheid ervan. Als lezer ben je getuige van de innerlijke ontwikkeling die Versluis doormaakt. Er gebeurt zoals gezegd weinig. Het duurde even maar gaande weg ging ik echt van dit boek houden.
1
Reageer op deze recensie
