Lezersrecensie
Briljant denker
Mijn leestempo is nog nooit zo laag geweest als bij dit boek en ik heb er nog nooit zo lang over gedaan om een recensie te schrijven. Ik weet echt niet wat ik ervan moet vinden en hou het uit pure wanhoop (ja ik geef toe: heel laf) daarom maar op drie sterren. Op ‘Goodread’ geeft maar liefst 79%(!) van de lezers vier of vijf sterren aan dit boek. Huh? Heb ik wat gemist dan? Ik snap het echt niet.
Ik ben een liefhebber van SF en Fantasy en uitermate geïnteresseerd in filosofische vraagstukken over tijdreizen, buitenaards leven, een parallelle universum en ga zo maar door. Ik los graag puzzels op en ben geïnteresseerd in alles wat met taal te maken heeft. Mijn kennis van de Engelse taal is bovengemiddeld goed. Bovendien is wiskunde mijn hobby en ik kan het waarderen als iemand in een roman mathematische vraagstukken verwerkt. Zoals het puzzelachtige tegelvraagstuk uit de ruimtemeetkunde. Of zaken die waar zijn maar tot op de dag van vandaag nog steeds niet bewezen kunnen worden: dat met slechts vier verschillende kleuren iedere willekeurige landkaart kan worden ingekleurd op zo’n manier dat geen enkel land grenst aan een land met dezelfde kleur. Of het vraagstuk van de kussende bollen: hoeveel bollen kunnen een middelste bol maximaal raken? Dat zijn er 12 in de derde dimensie, maar in andere dimensies? Kijk: dat vind ik nou leuk …
Kortom: tel dat allemaal bij elkaar op en de uitkomst = Stephenson … dat kan haast niet stuk. Zou je zeggen. Wat gaat er dan mis? In ieder geval het volgende.
Hoewel mijn Engels dus goed is, gebruikt Stephenson veel woorden die net buiten mijn parate kennis liggen. De betekenis van zo’n woord zou ik in zinsverband nog wel kunnen inschatten, maar als er dan meerdere van die woorden in 1 zin staan, gecombineerd met woorden uit de Arbre-fantasietaal, dan wordt het wat te veel. Dat ligt dus aan mij.
Met geen mogelijkheid lukt het mij om me in te leven in de hoofdpersoon Erasmas of in een van de andere karakters. Of zijn meisje nu wordt ingepikt door een ander of dat hij zijn geliefde mentor voor zijn ogen dood ziet gaan: op emotioneel gebied blijft het bij Erasmas één vlakke lijn. De ontbrekende band met de hoofdrolspeler(s) geeft mij geen aansporing om verder te lezen. Dat ligt misschien aan mij, maar toch zeker ook aan het schrijverschap van Stephenson.
Wat mij betreft is het verhaal een kunstzinnige samenvoeging van veel bestaande filosofische en wetenschappelijke vraagstukken en ideeën … maar: ik mis een frisse, vernieuwende kijk waarbij ik kan zeggen: ‘hé … zo heb ik er nog nooit tegenaan gekeken’. Ik word niet verrast. Overigens wil ik dit lijvige boekwerk ook niet afdoen als ‘infodump’ zoals het werk van Stephenson wel eens denigrerend wordt aangeduid. Hij is gefascineerd door de kwantummechanica en dat is natuurlijk ook een mooie natuurkundige theorie. In een notendop – hoe is het mogelijk? maar vooruit – : inmiddels is bewezen dat twee deeltjes die van elkaar af bewegen in staat zijn om op één en het zelfde moment informatie uit te wisselen. Dus moeten die twee deeltjes in een andere dimensie 1 geheel vormen. Daarmee zou dan het bestaan van een parallel universum aangetoond zijn. Schitterend basis-idee, maar onvoldoende uitgewerkt door Stephenson in dit boekwerk. Voor mijn gevoel ligt er vlak onder de oppervlakte van deze bijna 1.000 pagina’s een fantastisch verhaal op de loer. Maar dat komt er niet uit. Nog een voorbeeld.
Stephenson is duidelijk: wiskunde blijft altijd overeind, no matter what! De eerste christen die wiskunde en filosofie koppelde aan geloof was Augustinus (zo’n 300 nChr). Dat werd hem door de Kerk niet in dank afgenomen, maar veel grote filosofen die in dit boek ook terugkomen, haalden hun ideeën juist uit het werk van Augustinus en zijn pogingen om het bestaan van God aan te tonen. Had Stephenson nou veel meer de koppeling gemaakt tussen Augustinus en de kwantummechanica … kijk: dan was het leuk geworden. Maar vooral: vernieuwend.
En als laatste: ik heb niets tegen dikke boekwerken, maar Stephenson draaft zo nu en dan toch echt door op alle zijwegen die hij in slaat. Sommige lezers vinden dat leuk; ik niet.
Zoals hiervoor al aangegeven: volgens mij ligt er een prachtig verhaal vlak onder de oppervlakte maar dan moet er eerst een paar honderd bladzijdes aan onnodige ballast aan de kant. Stel je voor dat je eerst het eindeloze gefilosofeer over het ontstaan van Midden-Aarde in Tolkiens boek Silmarillion moet lezen voordat je aan ‘In de ban van de Ring’ mag beginnen. Ik kan je verzekeren: dat is geen pretje. Andersom kan wel: als je de avonturen van Frodo eenmaal gelezen hebt, is het ook leuk om nog wat historie na te lezen. Dat was voor Anathem ook een mooie oplossing geweest.
Stephenson mist een goeie redacteur. Eentje met kennis van zaken (zo die er al zijn met het niveau van Stephenson zelf) die een beetje tegengas durft te geven. Als ik dit hierboven allemaal kan bedenken, dan kan een redacteur dat toch ook?
Voor mij is Stephenson een briljant denker maar geen verhalenverteller.