Lezersrecensie

De donderpreek van Zeus


Tea. Tea.
23 mrt 2019

Wat heeft Zeus te maken met het verhaal in deze onheilspellende roman? Zeus is de oppergod van de oude Grieken, heerser over hemel en aarde, vader van de goden en de mensen, God van het licht en de donder en bliksem en gewapend met onder andere de bliksemschicht. Zijn rol zal blijken uit de onwaarschijnlijke fysieke en innerlijke strijd die uitgevochten zal worden op volle zee.

In een schilderachtig decor waarbij de stranden wit zijn, de zee normaliter rustig en het eten heerlijk, bezit de mensenhatende vader het strandhotel Zeestrand. Zijn zoons, de tweeling Mario en Javier, hebben een bloedhekel gekregen aan hun vader, hij kan geen greintje waardering opbrengen voor de jongens, hun moeder Nora heeft hij tot waanzin gedreven.

In twee verhaallijnen die elkaar afwisselen komen steeds meer details naar buiten hoe het vakantieparadijs er werkelijk uitziet. Er is slecht weer op komst, maar toch bepaalt de vader dat er gevist gaat worden. Doel is een dag en een nacht achter elkaar te gaan vissen om een paar honderd kilo vis te vangen. Het verhaal wordt langzaam opgebouwd, golven worden steeds hoger, vissen worden groter en lijken mythische proporties te krijgen, de vader raakt gewond en verzwakt.

Aan de kust spelen heel andere zaken. Nora is niet meer helemaal compos mentis, zij hoort stemmen in de vorm van het 'koor der profeten', ze bepalen te pas en te onpas Nora’s leven. Die passages zijn schitterend beschreven, niet dat de stemmen altijd het beste met haar voor hebben, integendeel. Nora is ervan overtuigd dat er een complot tegen haar gesmeed wordt. Zij waant zich de Koningin van Perzië en haar man is Koning. In werkelijkheid heeft haar man inmiddels een ander liefje en een zoontje. Maar dat neemt niet weg dat Nora nauw verbonden is met het wel en wee van haar man en zoons op de ruwe zee.
Ook de gasten worden voorgesteld, soms stellen ze zich zelf voor, dit geeft goed de sfeer weer van het leven in het paradijselijke vakantieoord.

Door het hele boek meandert de bliksem als leidmotief. Een dreigend motief ook, de oude Grieken zouden zich aangesproken voelen door Zeus die hen een donderpreek geeft. En zo lijkt het ook in dit boek te gebeuren.
Dit mythisch wezen zal hier orde op zaken stellen uit onvrede wat er allemaal gebeurt op dit stukje zee en strand waar mensen elkaar het licht in de ogen niet gunnen en waar het kwaad - dat bezit genomen heeft van de mens - vernietigd moet worden. De spanning is dan ook te snijden wanneer de vader verzwakt in die boot ligt en in het pikkedonker ligt te kermen. Je zou denken dat de mens nederig wordt in deze positie.

‘Hij (Mario, tvl) keek wel onderzoekend naar de bliksem die zijn tentakels naar de horizon uitstrekte en hij merkte ook dat het windstil was, niet uit bewondering, voor die verschijnselen, want hij was er de persoon niet naar om bewondering te hebben voor de vorm van bliksemstralen of de wind die al of niet waaide, maar omdat hij automatisch alles in zich opnam wat te maken had met de zee en de visvangst.’ (2019-8)

Het wordt een gedenkwaardige nacht. Vissen van meer dan tweehonderd kilo laten zich niet zomaar overmeesteren. Beelden van de klassieker ‘De oude man en de zee’ van Ernst Hemingway dringen zich op, maar ook de De Leviathan, het Bijbelse zeemonster uit de oertijd.

Parallel aan de fysieke strijd met de enorme vissen loopt de onderlinge broedertwist van de jongens. Ze haten hun vader en krijgen de kans hem te doden. De afwegingen van de jongens, hun verbale en non verbale communicatie en de reactie van de vader, die ook niet achterlijk is, vormen tijdens een fiks aantal pagina’s een spannend schouwspel. Daarbij kijken we ook in de ziel van de personages, hun innerlijke dialogen zijn essentieel voor het begrijpen van hun handelingen. Mooi is het verschil tussen de twee broers, ze lijken in niets op elkaar en komen geregeld met elkaar in conflict.
Ook aan land woedt de storm en Nora heeft het zwaar met al haar stemmen. Soms is er feest, dat kan erg vermoeiend uitpakken.

‘Een zekere Carlota, haar aartsvijand, en het kliekje om haar heen, deden erg hatelijk, ze overschreden de grenzen van de erotiek en gingen over op vuilbekken. Smeerlappen. En ze praatten een hele tijd over haar in het Bulgaars en stieten vulgaire Bulgaarse schaterlachen uit. Van rechts werd ze uitgescholden door haar achtervolgers en op links gerustgesteld door haar beschermers. Zoete woordjes in het ene oor en beledigingen in het andere. Eindelijk arriveerde Armando en zijn koor, met hen deed ze het allemaal.’ (2019-50)

Het boek heeft een spannend verloop en zonder iets te verklappen over de plot, kan ik wel zeggen dat het nogal verrassend eindigt. Ik had er even moeite mee, maar het enigszins filosofische einde past goed bij het thema. Je kunt het boek daarom ook niet makkelijk meteen wegleggen, beter is het om het verhaal even te laten bezinken en daarna nog eens wat stukjes te herlezen.

Voor wie benieuwd is of de donderpreek van Zeus geholpen heeft, is dit boek zeker een aanrader!

Reacties

Meer recensies van Tea.

Boeken van dezelfde auteur