Jan Goyartzoon de Brouwer vlucht weg van zijn familie. Zijn hart is verscheurd en verteerd door schuldgevoel. Hij komt terecht in de abdij van Tongerlo waar hij als brouwersknecht aan het werk wordt gezet. Velen zien in hem de duivel en hij wordt dan ook als dusdanig behandeld. Slechts een paar personen gedogen hem, waaronder de schilder Rogier en zijn dochter Catharina en de listige kamerling Jaak Veltacker. Wanneer de abt sterft en er een machtsstrijd ontstaat voor de opvolging, roept Jaak de hulp in van Jan.
In ’s Hertogenbosch leven Anna en Bartold gelukkig samen in hun speldenmakerbedrijf. Door toeval nemen ze Heyn in dienst als knecht, een luguber persoon die nog maar 1 doel voor ogen heeft: Catharina tot zijn vrouw maken. Maar door de moordende concurrentie van speldenmakers met makelij van inferieure kwaliteit, raakt hun bedrijf failliet. Heyn blijft echter aan hun zijde staan. Door een ongelukkig voorval belandt Bartold in de Gevangenpoort. Mits betaling van een hoge geldboete kan hij zijn vrijheid terug krijgen. Er rest hen niets anders dan op rooftocht te gaan om het bedrag bijeen te sprokkelen.
Wat volgt is een uiterlijk vertoon van macht en omkoperij. De prior, de schouten en de plaatselijke machtshebbers zijn tot alles in staat om hun doel te bereiken. Jan raakt verwikkeld in een strijd die op voorhand een verloren zaak lijkt. Wanneer zijn familie echter bedreigd wordt, is hij genoodzaakt om terug te keren naar zijn geboortedorp Moergestel en zelf de strijd aan te gaan met zijn kwelduivels.

Het verhaal speelt zich af in de 16de eeuw, is gebaseerd op waargebeurde feiten en met een beetje literaire vrijheid verder uitgewerkt tot een heerlijk lezende historische roman.
De auteur neemt je mee op tocht naar Tongerlo, ’s Hertogenbosch en Moergestel.
De hoofdpersonages Jan enerzijds en Bartold en Heyn anderzijds vormen de rode draad doorheen het verhaal. We volgen Jan na een dramatisch voorval waarbij zijn vrouw om het leven kwam. Via terugblikken leren we de ware toedracht kennen. De emoties waar Jan mee te kampen heeft, zijn overweldigend, zijn schuldgevoelens verteren hem en dan krijgt hij nog de ene na de andere tegenslag te verwerken. Ook Ann en Bartold hebben alles te vrezen en de wanhoop komt ook hier duidelijk naar voor. Het is een kwestie van leven of dood en alles wordt in de strijd gegooid om niet te verzuipen of aan de galg te eindigen.

“De enige die hen in de hand wist te houden was Michiel, de waard. Een kleine, stevige vent met een donkerbruin gevlekte voorschoot, die van vuiligheid zelf rechtop zou kunnen staan, knuisten als biervaten en priemende varkensoogjes. Den Hollander, zo luidde zijn achternaam, want dat hij niet uit Brabant kwam, kon men wel horen. Waar hij wel vandaan kwam, dat wist niemand.”

De setting is heel duister en de kloof tussen het gepeupel en de machtshebbers enorm. De dagelijkse strijd om uit de armoede te geraken is groot en de mensen zijn tot alles in staat. Jaloezie en afgunst versterken dit gevoel, wraak ligt om elke hoek op de loer en reken daar nog enkele nietsontziende en op macht beluste schouten bij waarbij de verrijking van eigen middelen voorop staat en de reuring is volledig. De auteur weet die sfeer perfect weer te geven, de onrust die heerst onder de bevolking en ook de constante dreiging om opgepakt of gemolesteerd te worden.
De beschrijvingen van de omgeving en de personages zijn heel beeldend. De paden vol putten en de karrenvrachten die vast lopen. De enorme abdijen en sjieke huizen van de welgestelden die in fel contrast staan met de bouwvallige krotten van de armoedige arbeiders, de kleine vochtige en stinkende steegjes die langs het water lopen waar het rottende afval bovendrijft, ik zag het zo voor me en had al een zakdoek bij de hand om de stank tegen te houden.

“Bartold stond verstijfd in het maanlicht. Op het allerlaatste moment dook hij weg toen de deur van de kleine hoeve openging. ‘Joeris, als je die schurftige rotbeesten niet het zwijgen oplegt, draai ik ze persoonlijk de strot om!’ riep een vrouw met de stem van een vent. Alsof de buurman bij het dier had gestaan, zwegen de ganzen onmiddellijk. De deur ging dicht en de stilte keerde weer.”

Door de afwisseling tussen de personages en de terugblik naar hun verleden, leer je ze beter kennen en voel je ook hun drang om tot handelen over te gaan. Ook de liefde, en ook het gebrek aan genegenheid, komt uitgebreid aan bod en brengen de personages tot leven.
Het verhaal is veelzijdig en er gebeurt veel op allerlei fronten waardoor je echt geboeid verder leest. De schrijfstijl is heel aangenaam, een tikkeltje oud zoals toen in die tijd, maar wel goed verstaanbaar en heel gemakkelijk te volgen.
De verschillende verhaallijnen komen op een bepaald punt met elkaar in aanraking en dan wordt alles nog eens een niveau hoger getild. De spanning stijgt, zo ook de onrust. Nachtrust wordt moeilijk want ieder moment kan de laatste zijn, alle zenuwen staan strak gespannen en dat voel je ook als lezer, de ontknoping komt er aan en die kan niet tot morgen wachten.
De historische verantwoording achteraan het boek is verhelderend en ook de reden en motivatie om dit verhaal op te schrijven is een leuke toevoeging. Dat er veel opzoekwerk aan vooraf gegaan is, staat buiten kijf. Een heerlijk boek die je in de stegen van de 16de eeuw laat verdwalen.
Voor liefhebbers van historische romans een dikke aanrader!



Reacties op: Heerlijke roman uit de 16de eeuw!

17
De heerlijkheid - Martin De Brouwer Msc
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
Gesponsorde boeken