Dit boek biedt een keur aan verhalen en enkele gedichten. Het zijn niet de minste schrijvers die gebloemleesd zijn. Er is wel een grote variatie, want er is niets dat de verhalen (en gedichten) bindt, geen thema, geen stijl of wat dan ook. Het is daarom lastig iets te zeggen over de bundel als geheel.

Het is de bedoeling dat dit boek mee zou gaan op vakantie (vandaar de titel) maar ik vraag me af of de verhalen daar echt geschikt voor zijn. Het gaat toch vooral om oude, zieke en zeurende mensen (uiteraard uitzonderingen daargelaten), vandaar mijn lage score, hoewel het boek verder prettig leesbaar is.

De beste verhalen vond ik die van L.H. Wiener, ik ga kijken of ik daar meer van kan vinden. Hans van Wetering is interessant, maar ik vraag me af of in andere verhalen zijn stijl hetzelfde is, want het past nu perfect bij het verhaal en ik neem aan dat hij ook andere verhalen schrijft.

Het slechtste stuk bij uitstek was iGelul dor Paulien Cornelisse. Ik heb er niets op tegen dat mensen dingen belachelijk maken, maar laten ze dat dan wel op de juiste gronden doen. En dat doet Paulien hier niet (net zo min als het gros van de columnisten in de Metro dat doet).
Het gaat in deze column om het voorvoegsel "i". Paulien beweert dat Apple ermee is begonnen en noemt onder meer iPod, maar niet waarmee het echt is begonnen: de iMac. In het stuk wordt niet duidelijk waarom die i voor Mac staat, wat het betekent, en al helemaal niet hoe relevant die i is.
De i staat voor "internet". In 1998 was de iMac (de zoveelste in een lange lijn van Macintoshes/Macs) de eerste computer sinds het mainframe tijdperk die geen manier had om documenten extern op te slaan. Je kon kiezen uit de harde schijf, en, revolutionair, internet (wat we tegenwoordig "de cloud" zouden noemen). Er zat een ingebouwde modem in. Er was ook een cd-lezer (om de software te installeren), maar geen cd-schrijver. Gelukkig was het mogelijk een extern diskette-station te koppelen, al was dat lastig, want de iMac was ook als een van de eerste computers helemaal op USB gericht en de rest van de markt nog niet.
Naast de kekke iMac ("sorry, no beige") kwam er al snel een laptop op de markt met hetzelfde concept, de iBook (in bondi blue en oranje). iTunes was het idee dat je muziek niet op je harde schijf zetten, maar van internet liet streamen (hoewel dat toen niet van de grond kwam, want te revolutionair). Met de eerste iPods kon je muziek van je iMac via iTunes op je iPod zetten.
Pas daarna ging het los, eerst bij Apple zelf, iMovie, iPad, iPhone, etc, met het idee dat je dingen via internet deed. De commercie buiten Apple dook erop en toen werd de band met internet losgelaten, waar je de draak mee kunt steken, maar zorg dan ook dat je de echte oorsprong kent, Paulien.

Reacties op: Voor allen wat