Meer dan 5,4 miljoen beoordelingen en recensies Organiseer de boeken die je wilt lezen of gelezen hebt Het laatste boekennieuws Word gratis lid
×
Lezersrecensie

Afkrabben van de tijd

Jan Stoel 22 maart 2024
De Westhoek in Vlaanderen laat de waanzin van oorlog zien. Overal zie je er begraafplaatsen uit de Eerste Wereldoorlog. Het zijn er honderden. Er zijn ook vier Duitse begraafplaatsen. Een ervan is die van Vladslo, vlakbij Diksmuide. Daar liggen ruim 25.000 gesneuvelde Duitse militairen. Op die plek, in het Praetbos, staat het Treurend Ouderpaar. De indrukwekkende sculpturen zijn gemaakt door de Berlijnse kunstenares Käthe Kollwitz (1867-1945) ter herinnering aan haar achttienjarige zoon Peter. Hij nam als vrijwilliger dienst en werd meegesleurd in de euforie van de oorlog, zoals die in het begin heerste. Peter sneuvelde in 1914 in Beerst, vlakbij Vladslo. Het ouderpaar bestaat uit een portret van Käthe en haar echtgenoot Karl. De beelden drukken het verdriet van hen beide uit. Vader is geknield en staart naar het graf van zijn zoon, de armen voor de borst gekruist. De moeder knielt met gebogen hoofd en drukt met rechterhand de wijde mantel tegen haar wang. Gemis, rouw, verdriet en liefde stralen deze beelden uit. Er is ook een andere kant aan de Westhoek. Het is een toeristische trekpleister. “In dit Theater der Gedachtenis doen vooral de kransen met plastic klaprozen het goed,” zo schrijft Peter Lenssen in zijn roman Het Theater der herinneringen.

Dubbele zoektocht

De roman is het enerzijds het verhaal van Käthe en Karl Kollwitz en hun zoon Peter, en anderzijds het verhaal van Meryem Yildiz. Meryem, geboren in Istanbul, is verhuisd naar Berlijn toen ze zes jaar was en uiteindelijk in Heerlen beland. Daar woonde ze met Erik. “Voor haar is het bestaan na de geboorte van de kinderen ingezakt tot de rol van echtgenote en moeder.” Ze is midden dertig als ze bij hem weggaat is. Ze wil vrij zijn (een thema dat door de hele roman heen meandert). Ze kan nu een lang gekoesterde wens in vervulling doen gaan, het spoor van Käthe Kollwitz volgen van wie ze op een uitstapje met haar ouders in Keulen in de Sankt Albankerk een kopie van het Treurend Ouderpaar had gezien: “Twee nietige mensen weggemoffeld tussen enorme pilaren, omhuld door een schrikaanjagende ruïne. Niet eerder was het contrast tussen wat ze zag en in imaginatie verbeeld werd […] zó groot.” Ze wil het origineel in Vladslo zien, ruim honderd jaar na de Grote Oorlog. Ze gaat op zoek naar het verhaal achter het drama dat Käthe en Karl Kollwitz trof. Ze wordt tijdens die zoektocht ook nieuwsgierig naar haar eigen verleden. Ze wil terug naar Istanbul om haar familie op te zoeken waar ze geen contact mee heeft gehad sinds ze plotsklaps naar Berlijn verhuisden. “Er waren teveel uitvluchten” om terug te gaan naar Turkije. En ze zag dat haar ouders in Berlijn niet echt gelukkig waren.

Het engagement van Käthe
Lenssen heeft een meeslepende roman geschreven die je helemaal onderdompelt in het leven van Käthe Kollwitz, haar engagement met de sociaaldemocratie, haar ijveren voor mensenrechten, de vrijheid om Peter een eigen keuze te laten maken in zijn leven, haar werk als kunstenares, haar herinneringen en haar leven ten tijde van de nazi’s. We volgen haar tot aan haar dood. Maar we volgen ook de verschrikkingen van de Grote Oorlog, “de mensenvleesverwerkende industrie”, krijgen een beeld van de slagvelden, de modder, de gasaanvallen en de eindeloze bombardementen. De verwerking van de dood van haar zoon Peter is een mooie verhaallijn in de roman. Er lag achttien jaar tussen de dood van Peter en het plaatsen van het beeld in Vladslo. Eindeloos nadenken over de juiste houding, de expressie en de verbeelding. Lenssen laat zien dat hij zich ongelofelijk verdiept heeft in de materie, tot aan de kleinste details toe en het is allemaal te verifiëren. Zoals de foto van Adolf Hitler te midden van soldaten bij de slag om Langemark, waarbij zijn regiment voor driekwart werd weggevaagd. Hitler raakte gewond bij Komen. Of de passage over Ellen Newbold La Motte, Mary Borden en Enid Bagnold, verpleegkundigen die schreven over de verschrikkingen die zij zagen en van wie de romans werden vertaald door Erwin Mortier. “De glorie van volwassenheid, gesmoord op Vlaamse velden”.

Wanneer Meryem vanuit de Westhoek plotseling terug naar Berlijn geroepen wordt omdat haar vader is opgenomen in het ziekenhuis komt ze in zijn appartement allerlei spullen tegen die haar duidelijk maken waarom het gezin Yildiz in Berlijn is terechtgekomen. Had ze vader maar eerder allerlei belangrijke vragen gesteld. Op dat moment trekt Lenssen de lijn naar het heden door en krijgt de roman nog een extra laag.


Afkrabben van de tijd

De grote thema’s in dit boek gaan over sociale onrechtvaardigheid, vluchtelingenproblematiek, mensenrechten, dictatuur en de excessen daarvan, vrijheid (bij de opdracht in het boek staat het logo van ‘Je suis Charlie’ verwijzend naar Charlie Hebdo), de weerbaarheid van mensen. De link naar deze tijd is zonneklaar. En zijn het vaak niet ook kunstenaars/auteurs die de vinger op de zere plek leggen? Werden daarom niet ooit boeken verbrand en werd kunst als “Entartet” beschouwd? Wat Meryem opvalt is dat er niemand ter verantwoording wordt geroepen.

Het gaat Lenssen vooral om de psychologische ontwikkeling van zijn personages. Daardoor beklijft de roman. Hij vlecht de personages van Meryem en Käthe als het ware in elkaar: twee zoektochten naar wat er in het verleden is gebeurd en wat je had kunnen doen om het te “veranderen” en hoe je verder kunt leven. “Gelijk een schilder eerst oude verflagen afkrabben voordat ze nieuwe aanbrengt. Waarbij het uiteindekijk gaat om het afkrabben van de tijd. De zoektocht naar wat geweest is. Het is niet moeilijk. Iedereen kan het. Je moet het alleen willen,” zegt Meyrem.

Falls the shadow

Lenssen laat elementen in het boek steeds terugkomen, zoals het meisje met de witte jurk dat Meryem soms ziet, symbool van de onschuld, maar ook als “een wapperende witte vlag”. Hij gebruikt mooie beelden om zijn verhaal kracht bij te zetten. De verwondering van Mereyam als ze The Empty Library ziet in Berlijn. Het is het monument gewijd aan de herinnering aan de nazi boekverbrandingen die plaatsvonden op de Bebelplatz in Berlijn op 10 mei 1933. Het monument is in de kasseien van het plein geplaatst en bevat een verzameling lege ondergrondse boekenkasten. Dat verbindt Lenssen dan weer met de verbranding van de universiteitsbibliotheek in Leuven in 1914. En dan volgt zo’n zin: “Al hadden de nazi’s alle boeken verbrand. Dan nóg konden ze het licht in de mens, het menselijke, niet wegnemen. […] Ze zag in dat gat niet een monument van verloren dromen, maar een baken van hoop.” Lenssen wijst op het beeld van Helen Pollock Between the memory and the silence falls the shadow in het museum Passendaele aan het eind van een loopgraaf, symbool van duisternis: troostende handen, omhoogreikend naar het licht. En dat komt aan het eind van de roman nog eens terug: “Licht is overal.” Er is hoop.

Lenssen overtuigt in dit rijke boek, dat je nauwelijks laat ademhalen, zuigt je mee in zijn verhaal. Hij schrijft met gevoel, weet te emotioneren en te ontroeren. Laat je meevoeren in de wereld van Käthe en Meryem.



Voor het eerst gepubliceerd op Bazarow

Leesadvies voor jongeren
Het theater der herinneringen geeft gezicht aan wat oorlog en verdriet betekenen voor mensen die achterblijven.

Reageer op deze recensie

Meer recensies van Jan Stoel