Lezersrecensie
Wereldopbouw van topklasse, verhaallijn verzandt wat naar het einde toe
- Yuri Jones opent de ogen. Ik ben weer op de aarde, denkt hij. Maar niets is minder waar. Hij bevindt zich op een schip dat op weg is naar Proxima Centauri c, een min of meer leefbare planeet op vier lichtjaar van de aarde. Yuri is wat speciaal. Hij werd op aarde geboren in 2067, vervolgens in een cryotank gestopt om tachtig jaar later pas weer wakker te worden op Mars. Zijn ouders behoorden tot de verliezende partij in een wereldoorlog en daarom kan Yuri nooit meer naar de aarde terugkeren. De mensheid besluit om Proxima Centauri c, waar nog niemand woont, te gebruiken om mensen die niet in de maatschappij thuishoren, zoals misdadigers of outcasts zoals Yuri, te dumpen. Een nieuwe aandrijving op basis van zogenaamde ‘kernels’ die recent werden gevonden op Mercurius, maakt die optie mogelijk. Een terugreis is niet voorzien…
Stephen Baxter, op dit ogenblik een van de belangrijkste sciencefictionschrijvers van Groot-Brittannië, opende in 2014 met ‘Proxima’ de deuren naar een nieuwe sciencefictionreeks. De ster Proxima Centauri bestaat echt en bevindt zich ook waar Baxter ze positioneert. Ze gedraagt zich in het boek precies zoals in het echt: onstabiel. Planeten rond deze ster zouden te maken krijgen met regelmatige uitbarstingen van zonnevlammen waardoor alles bestraald wordt met röntgenstralen. Dat was bekend toen Baxter dit boek schreef. Wat toen nog niet bekend was, was of er planeten rond de ster cirkelen, al bestond een vermoeden van wel. Baxter vond dus Proxima Centauri c uit. Twee jaar na verschijnen van het boek werd het bestaan van een eerste planeet, Proxima Centauri b, bevestigd, inclusief de periodieke uitbarstingen van röntgenstralen die ze moet ondergaan.
Proxima Centauri c wordt door de mensen die erop gedropt worden, Per Ardua gedoopt. Baxter toont zich een meester in het opbouwen van deze totaal nieuwe wereld. De ideeën die hij lanceert, zijn van topklasse, heel origineel, en voor zover mogelijk ook wetenschappelijk onderbouwd. Fans van futuristische planeten met vreemde maar perfect mogelijke fauna en flora, kunnen met dit boek hun hart ophalen. Er worden wat wetenschappelijke verklaringen over de hoofden van de lezers gesproeid maar Baxter houdt het nog voldoende eenvoudig en vermijdt grotendeels de val van de infodump. Bovendien slaagt de schrijver er ook goed in om het ongemak en de moeilijkheden van de pioniers op de planeet, weer te geven. Het is een verhaallijn die zich langzaam ontplooit, en dat op een onderhoudende manier.
Maar Per Ardua is niet de enige verhaallijn. Op Mercurius wordt ondertussen een vreemd luik gevonden met een holte eronder die niet kan bestaan. Wie dit creëerde, weet men niet, maar na opening blijken er een paar minieme veranderingen te zijn gebeurd in de geschiedenis. Niemand die het merkt, behalve Stef Kalinski, die het luik opende en plots merkt dat ze er een tweelingzus bij heeft. Logisch voor iedereen behalve haarzelf die wél herinneringen heeft aan haar tijd zonder zus. Het luik zelf blijkt bovendien een directe poort naar elders te zijn. Maar luik en ‘kernels’ blijken echter een vergiftigd geschenk want in de jaren die volgen lopen de spanningen tussen de Westerse en de Chinese wereld steeds hoger op, en dat heeft alles te maken met het recht op gebruik van de ‘kernels’ en het luik, dat de Chinezen ontzegd wordt. Een interplanetaire oorlog lijkt onafwendbaar.
Zolang Baxter het klein houdt, is dit een heel boeiend boek. Het doet bij momenten wel sterk aan de serie ‘The Long Earth’ denken, die hij samen met Terry Pratchett schreef. De parallellen tussen Yuri Jones en Joshua Valienté uit ‘The Long Earth’ zijn duidelijk, en ook Earthshine, een artificiële intelligentie in ‘Proxima’, en Lobsang uit ‘The Long Earth’, lijken sterk op elkaar. Ook in de details waarmee de werelden worden opgebouwd, is in beide gevallen heel sterk de hand van Baxter te ontdekken. Op een gegeven moment breekt Baxter de wereld open, maakt het verhaal grootser en epischer, harder en gevoellozer ook. Dat openbreken is ook precies wat in ‘The Long Earth’ gebeurde. In plaats van zich te richten op mensen die proberen te overleven of nieuwe ontdekkingen onderzoeken, komt politiek gekonkelfoes steeds meer het verhaal binnensluipen en verdwijnt de gewone mens met zijn problemen en twijfels naar de achtergrond. Dan wordt het wat minder boeiend en verzandt de verhaallijn op een aantal momenten. Opnieuw: in ‘The Long Earth’ ging het precies zo. Afhankelijk van welk verhaal men eerst leest, zal ofwel ‘Proxima’, ofwel ‘The Long Earth’-serie aanvoelen als voor een stuk al een keer eerder geschreven.
‘Proxima’ eindigt niet af. Nogal wat verhaallijnen hebben een open einde. Het allerlaatste hoofdstuk is zelfs zo bizar dat menig lezer een WTF-kreet zal slaken. Het boek vraagt om een vervolg. Dat vervolg heeft Baxter met ‘Ultima’ ondertussen ook geschreven. Voor de liefhebbers is er ook nog ‘Obelisk’, een bundel korte verhalen waarvan een aantal ervan zich afspelen in het universum van ‘Proxima’.