Lezersrecensie
Heerlijke droge humor!
Vertaler “twee boeken per jaar” Philip Horst woont al ruim twee decennia op een Grieks eiland. Daar ontmoet hij Annie Verschure-Plats, een vrouw die met haar man naar het eiland is gevlucht om een dubieus verkregen kapitaal veilig te stellen. Die man is echter niet in beeld, hij is er vandoor met zijn minnares. Waar hij exact verblijft is voor Annie een raadsel, ook al laat hij af en toe telefonisch van zich horen. Intussen slijt Annie haar dagen met de fles.
“Meer om haar monoloog te onderbreken, leek het, dan om alcohol naar haar brein, vocht naar haar keel te brengen. ‘Hoogmoed en dronkenschap’ dacht Philip Horst, en dat verbaasde hem.”
Annie is gecharmeerd van de lange, slanke Philip en de vrouw intrigeert de vertaler. De hele dag door is hij verliefd, zo bekent hij. “Het kan op een jonge vrouw zijn, heel gewoon, maar ook op een jongen, of op een boom of op een berg.” Al heel lang leeft hij zonder vrouw(en), maar Annie maakt iets in hem los, ondanks haar mateloze gedrag. Philip huurt een kamer in een huisje waar de andere bewoner, de Amerikaan George, hem irriteert, terwijl hij beseft dat hij zich een leven zonder die dertiger niet kan voorstellen. George werkt aan een boek, een ‘bestseller’, daarbij aangezet door zijn rijke Duitse geliefde die in de Verenigde Staten verblijft. Zijn productie stelt niet veel voor en wat hij schrijft kan direct de prullenbak in. Uiteindelijk verschijnt ook de vijftigjarige Duitse op ten tonele en de onderlinge relaties raken aan het schuiven.
Annie en haar man ir. Hans Verschure hebben een twintigjarige dochter, Mary, of ‘Sprotje’ zoals Philip haar noemt. Zij woont in een Amsterdams kraakpand. Uit dwarsheid heeft zij zich laten bezwangeren door een zwarte onenightstand. Diep verontwaardigd is Hans daarover. Niets moet hij hebben van dat kleine ‘negertje’. Sprotje omschrijft dat als volgt:
“Hij wil het kind niet in de kamer hebben. Mike ziet eruit als een drol, zegt hij, en een drol hoort niet in een bed. Een drol hoort in het riool.”
Mike is het resultaat van een weddenschap tussen Mary en twee van haar vriendinnen.
“We zouden alle drie een kind nemen. De een van een Chinees, de ander van een Turk, en ik van een Surinamer. We legden er een eed op af, weet je wel, met twee vingers in de lucht.”
Kossmann werd geboren in 1922 in Leiden. Hij stierf op 76-jarige leeftijd in Amsterdam. In 1973 werd hij invalide ten gevolge van een zwaar auto-ongeluk. Daarna woonde hij enkele jaren in Griekenland. Zijn werk kenmerkt zich door droge humor en satire, gelardeerd met sterke metaforen.
“Achter haar zat een oude man zijn keel te schrapen of hij een aangebrande pan schoonkrabde en haalde daarbij zijn neus op.”
Hoogmoed en dronkenschap verscheen in 1981. Meer dan dertig romans schreef Kossmann, evenals een tiental gedichtenbundels. Meerdere keren werden zijn werken bekroond. In 1980 won hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. En toch, evenals zovele andere schrijvers van zijn generatie, is hij in de vergetelheid geraakt. Onterecht.
“Meer om haar monoloog te onderbreken, leek het, dan om alcohol naar haar brein, vocht naar haar keel te brengen. ‘Hoogmoed en dronkenschap’ dacht Philip Horst, en dat verbaasde hem.”
Annie is gecharmeerd van de lange, slanke Philip en de vrouw intrigeert de vertaler. De hele dag door is hij verliefd, zo bekent hij. “Het kan op een jonge vrouw zijn, heel gewoon, maar ook op een jongen, of op een boom of op een berg.” Al heel lang leeft hij zonder vrouw(en), maar Annie maakt iets in hem los, ondanks haar mateloze gedrag. Philip huurt een kamer in een huisje waar de andere bewoner, de Amerikaan George, hem irriteert, terwijl hij beseft dat hij zich een leven zonder die dertiger niet kan voorstellen. George werkt aan een boek, een ‘bestseller’, daarbij aangezet door zijn rijke Duitse geliefde die in de Verenigde Staten verblijft. Zijn productie stelt niet veel voor en wat hij schrijft kan direct de prullenbak in. Uiteindelijk verschijnt ook de vijftigjarige Duitse op ten tonele en de onderlinge relaties raken aan het schuiven.
Annie en haar man ir. Hans Verschure hebben een twintigjarige dochter, Mary, of ‘Sprotje’ zoals Philip haar noemt. Zij woont in een Amsterdams kraakpand. Uit dwarsheid heeft zij zich laten bezwangeren door een zwarte onenightstand. Diep verontwaardigd is Hans daarover. Niets moet hij hebben van dat kleine ‘negertje’. Sprotje omschrijft dat als volgt:
“Hij wil het kind niet in de kamer hebben. Mike ziet eruit als een drol, zegt hij, en een drol hoort niet in een bed. Een drol hoort in het riool.”
Mike is het resultaat van een weddenschap tussen Mary en twee van haar vriendinnen.
“We zouden alle drie een kind nemen. De een van een Chinees, de ander van een Turk, en ik van een Surinamer. We legden er een eed op af, weet je wel, met twee vingers in de lucht.”
Kossmann werd geboren in 1922 in Leiden. Hij stierf op 76-jarige leeftijd in Amsterdam. In 1973 werd hij invalide ten gevolge van een zwaar auto-ongeluk. Daarna woonde hij enkele jaren in Griekenland. Zijn werk kenmerkt zich door droge humor en satire, gelardeerd met sterke metaforen.
“Achter haar zat een oude man zijn keel te schrapen of hij een aangebrande pan schoonkrabde en haalde daarbij zijn neus op.”
Hoogmoed en dronkenschap verscheen in 1981. Meer dan dertig romans schreef Kossmann, evenals een tiental gedichtenbundels. Meerdere keren werden zijn werken bekroond. In 1980 won hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. En toch, evenals zovele andere schrijvers van zijn generatie, is hij in de vergetelheid geraakt. Onterecht.
1
Reageer op deze recensie
