Lezersrecensie
Veelbelovende première als thrillerschrijver
Frank, een midden-vijftiger, woont helemaal alleen in the outback van Australië, waar hij een klein tankstation runt, ver van de bewoonde wereld. Aan het begin van het verhaal heeft hij gezelschap gekregen van zijn 14-jarige kleindochter Allie. Zij is door zijn zoon, die in scheiding ligt, tijdelijk bij hem ‘gedumpt’. Op een dag is Frank net twee van de zeldzame klanten aan het helpen als er een flink gehavende auto bij zijn tankstation stopt. Achter het stuur zit de zwaar gewonde jonge vrouw Maggie, die Frank nadrukkelijk vraagt niet de politie te waarschuwen. Voor Frank, Allie en de andere klanten het goed en wel in de gaten hebben, zitten ze tot over hun oren in de shit. Er ontspant zich rond het tankstation letterlijk een strijd op leven en dood met de bloeddorstige, niets ontziende bewoners van een naburig dorp, die er wel heel vreemde gewoontes op na houden …
Zonder overdrijven kun je stellen dat Opgejaagd een bloedstollend spannend boek is. Het bloed druipt figuurlijk van de kaft af, maar ook het verhaal is niet bepaald voor teerhartige lezers geschikt.
De eerste 160 bladzijden zijn ingedeeld in ‘toen’ en ‘nu’ hoofdstukken, die ook letterlijk zo heten. De ‘nu’ hoofdstukken spelen zich af op en rond het tankstation. In de ‘toen’-hoofdstukken leren we wat er met Maggie gebeurd is, waarom zij op de vlucht is en voor wie. Dat is een mooie opzet, want zo heb je als lezer dus al een hoop achtergrond-informatie die Frank en Allie niet hebben (en deels ook helemaal niet te weten komen). Bergmoser heeft een prettige schrijfstijl. Zijn Young Adult-ervaring klinkt er nog wel een beetje in door, maar hij heeft overduidelijk al flinke en veelbelovende stappen naar ‘volwassen boeken’ gezet. Hij weet een beklemmende sfeer neer te zetten. Dat begint al bij de introductie, als we ontdekken dat Frank en Allie elkaar eigenlijk niets te zeggen hebben en alleen maar tot elkaars gezelschap veroordeeld zijn. Tegelijkertijd leren we Maggie en haar reisgenoot Simon kennen, die ook zo elk hun mysterieuze verleden hebben en grote delen van de dag zwijgend doorbrengen. Daarmee broeit het verhaal bijna letterlijk. Wat hier ook aan bijdraagt, is dat we van geen enkel personage in het boek een achternaam te horen krijgen. De karakters komen door deze aanpak af en toe naar mijn gevoel net wat te tweedimensionaal over, het zijn geen fraai uitgewerkte personages. Hier ligt voor Berghauser misschien nog een puntje van aandacht. Als eenmaal alle karakters bij elkaar zijn op het tankstation, brandt de strijd letterlijk en figuurlijk los. Het verhaal zit bomvol actie en eigenlijk kun je op dat moment het boek niet meer wegleggen. Aan het einde zit er nog een mooie wending, die ik wel had zien aankomen maar het verhaal toch op een mooie manier afmaakt.
Berghauser is, zeker gezien zijn leeftijd, een veelbelovend talent op allerlei vlakken, dat ik zeker in de gaten ga houden. Vier dik verdiende sterren!