Lezersrecensie
Begint als waakvlammetje, maar gaat als nachtkaars uit
De Zweedse scenario- en toneelschrijfster Sara Bergmark Elfgren is als auteur vooral bekend geworden door haar fantasyboeken voor jongvolwassenen, maar voor de radio schreef ze eveneens een veelgeprezen mockumentary-thriller. Medio februari 2026 verscheen Het eiland, dat wordt beschouwd als een psychologische thriller met een gotische sfeer en omdat Elfgren een sterke band met de archipel van Stockholm heeft, speelt het verhaal zich in die omgeving af.
Op een zonovergoten middag in augustus ontvangt Mirjam een uitnodiging van haar halfzus Nia om haar verjaardag op het eiland Tallholmen, waar ze in hun jeugd vaak kwamen, te komen vieren. Omdat ze haar zus al een ruim jaar niet meer gezien of gesproken heeft, gaat ze hierop in en hoopt dat hun onderlinge contact daardoor verbetert. Als ze op het eiland is, heerst er een ongemakkelijke ambiance, want Nia’s controlerende echtgenoot Konrad drukt een behoorlijk stempel op de dag en avond, met gevolg dat het gevaar niet ver weg is.
Het had zo mooi kunnen zijn, vooral omdat de korte proloog ervoor zorgt dat je enigszins nieuwsgierig wordt naar toedracht van de scène die daarin beschreven wordt. Deze inleiding krijgt echter geen passend vervolg, want nadat de lezer in het begin kennismaakt met protagonist Mirjam zakt het verhaal al tamelijk snel volledig in en verzandt het vervolgens in een aaneenschakeling van herinneringen, diverse uiteenzettingen van persoonlijke (relatie)problematiek, normale huis- tuin- en keukenpraat en het vieren van een alcoholrijke verjaardag. Door middel van talloze flashbacks doet de auteur er alles aan om zowel Mirjam als Nia – overigens niet geheel zonder succes – een gezicht te geven. Het probleem is echter dat al die terugblikken niet alleen voor een enorme vertraging zorgen, maar eveneens veroorzaken dat de eventueel aanwezige spanning zo goed als in zijn geheel verdwijnt.
Zoals hiervoor al even benoemd, is Mirjam het belangrijkste personage en daarom wordt de plot voornamelijk vanuit haar perspectief verteld. Je komt derhalve ruim voldoende over haar te weten, maar ook de achtergrond van haar halfzus blijft niet onbelicht. Het valt daarbij op dat hetgeen beiden tot dusver in hun leven hebben meegemaakt min of meer parallel loopt, met dien verstande dat Nia, sinds ze met Konrad is getrouwd, met aanzienlijk meer extremiteiten te maken heeft gekregen. Toch houd je aan beide vrouwen een dubbel gevoel over. Als ze nog onschuldige tieners zijn, kun je nog wel sympathie voor hen opbrengen, maar vele jaren later – ze zijn inmiddels volwassen vrouwen – hebben ze een houding die tegen gaat staan. Het tweetal komt dan, ongetwijfeld gevoed door enkele negatieve ervaringen, minder standvastig en zelfverzekerder over.
Het verhaal bevat thema’s als huiselijk geweld, een controlerende echtgenoot en met een beetje fantasie het niet kunnen verlaten van een eiland. Elfgren probeert hier een eigen draai aan te geven, maar de genoemde onderwerpen, alsmede de barre weersomstandigheden, zijn – voornamelijk omdat hier al zoveel thrillers over zijn geschreven – dermate uitgekauwd dat van iedere vorm van originaliteit zo goed als geen sprake meer is. Ook dit is een van de oorzaken dat het met de spanning absoluut niet wil vlotten. Er zijn slechts enkele momenten, met name in de ontknoping (het beste deel van het boek), dat er sprake is van een vleugje opwinding. Voor het overige is het in feite een behoorlijk tamme en eentonige bedoening.
De auteur laat zonder meer zien dat ze een verhaal kan schrijven, maar een thriller vergt andere capaciteiten en kwaliteiten dat een jeugdboek. Deze twee elementen zijn niet afdoende benut, met tot gevolg dat Het eiland, keurig vertaald door Corry van Bree, als een waakvlammetje begint, maar als een nachtkaars uitgaat.
Op een zonovergoten middag in augustus ontvangt Mirjam een uitnodiging van haar halfzus Nia om haar verjaardag op het eiland Tallholmen, waar ze in hun jeugd vaak kwamen, te komen vieren. Omdat ze haar zus al een ruim jaar niet meer gezien of gesproken heeft, gaat ze hierop in en hoopt dat hun onderlinge contact daardoor verbetert. Als ze op het eiland is, heerst er een ongemakkelijke ambiance, want Nia’s controlerende echtgenoot Konrad drukt een behoorlijk stempel op de dag en avond, met gevolg dat het gevaar niet ver weg is.
Het had zo mooi kunnen zijn, vooral omdat de korte proloog ervoor zorgt dat je enigszins nieuwsgierig wordt naar toedracht van de scène die daarin beschreven wordt. Deze inleiding krijgt echter geen passend vervolg, want nadat de lezer in het begin kennismaakt met protagonist Mirjam zakt het verhaal al tamelijk snel volledig in en verzandt het vervolgens in een aaneenschakeling van herinneringen, diverse uiteenzettingen van persoonlijke (relatie)problematiek, normale huis- tuin- en keukenpraat en het vieren van een alcoholrijke verjaardag. Door middel van talloze flashbacks doet de auteur er alles aan om zowel Mirjam als Nia – overigens niet geheel zonder succes – een gezicht te geven. Het probleem is echter dat al die terugblikken niet alleen voor een enorme vertraging zorgen, maar eveneens veroorzaken dat de eventueel aanwezige spanning zo goed als in zijn geheel verdwijnt.
Zoals hiervoor al even benoemd, is Mirjam het belangrijkste personage en daarom wordt de plot voornamelijk vanuit haar perspectief verteld. Je komt derhalve ruim voldoende over haar te weten, maar ook de achtergrond van haar halfzus blijft niet onbelicht. Het valt daarbij op dat hetgeen beiden tot dusver in hun leven hebben meegemaakt min of meer parallel loopt, met dien verstande dat Nia, sinds ze met Konrad is getrouwd, met aanzienlijk meer extremiteiten te maken heeft gekregen. Toch houd je aan beide vrouwen een dubbel gevoel over. Als ze nog onschuldige tieners zijn, kun je nog wel sympathie voor hen opbrengen, maar vele jaren later – ze zijn inmiddels volwassen vrouwen – hebben ze een houding die tegen gaat staan. Het tweetal komt dan, ongetwijfeld gevoed door enkele negatieve ervaringen, minder standvastig en zelfverzekerder over.
Het verhaal bevat thema’s als huiselijk geweld, een controlerende echtgenoot en met een beetje fantasie het niet kunnen verlaten van een eiland. Elfgren probeert hier een eigen draai aan te geven, maar de genoemde onderwerpen, alsmede de barre weersomstandigheden, zijn – voornamelijk omdat hier al zoveel thrillers over zijn geschreven – dermate uitgekauwd dat van iedere vorm van originaliteit zo goed als geen sprake meer is. Ook dit is een van de oorzaken dat het met de spanning absoluut niet wil vlotten. Er zijn slechts enkele momenten, met name in de ontknoping (het beste deel van het boek), dat er sprake is van een vleugje opwinding. Voor het overige is het in feite een behoorlijk tamme en eentonige bedoening.
De auteur laat zonder meer zien dat ze een verhaal kan schrijven, maar een thriller vergt andere capaciteiten en kwaliteiten dat een jeugdboek. Deze twee elementen zijn niet afdoende benut, met tot gevolg dat Het eiland, keurig vertaald door Corry van Bree, als een waakvlammetje begint, maar als een nachtkaars uitgaat.
1
Reageer op deze recensie
