Advertentie

Dit boek laat zich niet zomaar samenvatten. Vooral de ondertitel Autobiografieën zet je op het verkeerde been. Heel weinig over de schrijver zelf. Slechts enkele zinnen over zijn vader, niets over zijn moeder. Even een biootje - acht beknopte delen over de auteur zelf. Leuk om te lezen maar het neemt amper vier pagina's in beslag.

Zoals het epigram zegt:

'Om je levensverhaal te schrijven moet je in de eerste plaats hebben geleefd; het is dan ook niet het mijne dat ik hier voorleg.'

ALFRED DE MUSSET, LA CONFESSION D'UN ENFANT DU SIÈCLE

Meer over de irritante ander, dan over hemzelf. Daar is het nest waar de auteur uitkomt, niet vreemd aan. Geen doorsnee gezin. Dit blijkt uit het eerste biootje [1]:

'Verwekt op een paasochtend in 1957 en geboren in Doetinchem op 23 januari 1958 als toevallige nazaat van een oud, vrijwel uitgestorven geslacht. Vader verstrooid, moeder in de war. Groeide te midden van enkele bedienden op in het afgelegen Zaltbommel, in een gevleugeld wit landhuis met uitzicht op de horizon, dromend van het echte leven, waar hij zich geen voorstelling van kon maken. Oudste en enige zoon. Wereldvreemd. 'Ongeschikt,' werd er gezegd. Maar voor wat? Behalve allerlei diploma's, zoals het zwem- en het gymnasium-, waar hij vervolgens niets mee deed. Droomde van boeken die niet bestonden. Probeerde die te schrijven, maar het bleek iets anders te worden, iets wat hijzelf niet voorzien had.'

In zijn boek Vaderliefde dat in 2019 verscheen, blikt hij uiteindelijk terug op zijn jeugd en zijn ouders. Het staat op mijn lange 'te lezen'-lijst. Opvallend is voor mij de titel: 'Vaderliefde' in plaats van 'Moederliefde'.

Het boek De onderwaterzwemmer van hem heb ik graag gelezen. Hij schrijft heel mooie zinnen, hoewel soms wat langdradig.

Ook in dit boek groeide mijn ergernis langzaam. De auteur beschrijft zichzelf als zacht maar gewelddadig. De ander ontsnapt niet aan zijn ergernis. Het deed mij denken aan de uitspraak van Jean-Paul Sartre:

'L'enfert, c'est les Autres.'

Of 'De hel, dat zijn de Anderen'. Waarmee hij eigenlijk bedoeld dat het leven maar 'wordt gevoeld, wordt beschouwd' door middel van de anderen. Het zijn de anderen die ons bewust maken van onszelf en van de triestheid van het bestaan. We hebben de ander nodig om te bestaan.

Zoals Thomése schrijft: 'Bestaan doet men voor anderen, men bestaat in anderen.' Voor zichzelf heeft hij geen vorm nodig. Hij probeert zich uit in verhalen, personages, gebeurtenissen. Modellen waar hij instapt en er weer uit. Schrijven als therapie. Men heeft de omweg van van de ander nodig om zichzelf te zien.

Wat mij opvalt is de onthechtheid van de schrijver, de afstand, alsof hij aan de zijlijn staat en vandaar op alles kritiek heeft.

In het deel Zelfportret als ander passeren verschillende schrijvers de revue. Gelukkig heb ik enkele al gelezen zoals Jan Siebelink, Herman Koch, A.F.Th. van der Heijden zodat ik de commentaren kon volgen.

Een andere schrijver die passeert en voor wie Thomése grote bewondering heeft is Thomas Mann, een schrijver naar wie hij opziet en van wie hij af en toe een lichtje krijgt aangereikt in De Toverberg, dat magistrale boek van Thomas Mann.

EEn boek vooral over taal, woorden en schrijven. Mooie zinnen, dat wel, steeds met een filosofische inslag.

Reacties op: L'enfert, c'est les Autres

4
Nergensman - P.F. Thomése
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners