Lezersrecensie
Intens bewogen levens… raken je!
Geboren tussen de apen - Tiny Mazereeuw
Een prachtige cover siert deze familiegeschiedenis; een stapeltje foto’s. De bovenste toont ons Serah met Dahlia op haar arm, twee van de hoofdpersonen uit deze roman, gebaseerd op de familiegeschiedenis Van Gunnar Schultze. Verwacht geen romantiek, het is een roman die je confronteert met de relaties tussen de plantage-eigenaren en hun werknemers, met de gebeurtenissen tijdens de Nederlandse overheersing, tijdens de 2e wereldoorlog de Japanse overheersing en de hartverscheurende tafrelen tijdens de onafhankelijkheids-strijd tijdens de bersiap door de Indonesische pemuda’s.
Het verhaal leest in een vlot tempo, er zit vaart in de beschrijvingen. Het boeit je en blijft je boeien. Je kunt je de omstandigheden goed voorstellen, je kunt je erin verplaatsen door de beschrijvende stijl.
Deze intense roman begint in 1880 met Gunnar Schultze. Hij groeit als boerenzoon op in Beieren, ervaart weinig plezier in het leven, eenzaam en onbegrepen. Nadat zijn vader is gestorven, vlucht hij met de stoomtrein… weg…
“… Einmal Nürnberg, einfach…”(blz 17)
Daar ontmoet hij Hartwig , er ontwikkelt zich een vriendschap.
Ze melden zich aan bij het leger, Gunnar ruilt het ene keurslijf in voor het andere.
“… het leven loopt zoals het loopt…”( blz 32)
Dit lijkt een voorspelling van wat er op zijn pad zal komen. Voor de lezer vallen dit soort verwijzingen op. Het effect is dat je geïnteresseerd blijft, je wilt doorlezen, je wilt weten hoe het Gunnar vergaat.
In Neurenberg vormt zich een hecht vriendenclubje om Gunnar: Hartwig, Hans en Frits. Ze vertrekken naar Harderwijk, met als doel te worden uitgezonden naar Nederlands-Indië.
De reis naar Nederlands-Indië is een verschrikking. Tussendeks, hutje mutje op elkaar, geen frisse lucht, kortom één doffe ellende. Na een hevige storm worden twee vrienden vermist: Hartwig en Frits… zijn ze overboord geslagen?
Hans en Gunnar moeten het nu samen rooien.
Ze worden, vanuit Batavia, gedetacheerd in Padang.
“… met zijn verzengende hitte en dicht begroeide hoogteverschillen… wondermooi, maar soms ook beklemmend… een oerbos dat zich in de verte zwart aftekent… waar niemand zich graag waagt… onbekend, vol leven waarvan de Europeaan geen weet heeft… angstaanjagend als je er mee wordt geconfronteerd…”( blz 76)
Hans vindt geen rust, geen voldoening, ervaart een diepe frustratie. Een gesprek tussen beide mannen toont diepgang in de communicatie (blz 82-83) Helaas in 1891 deserteert Hans, hij is voorgoed verdwenen. Gunnar staat er nu echt alleen voor. Bovendien, als vriend van Hans, wordt hij gestraft. Hij wordt naar Atjeh gezonden.
Het eerste wachtlopen in Ned. Indië kan Gunnar niet vergeten. In Atjeh is het vele malen zwaarder. Het wachtlopen in een dicht woud met overal de vijand: de Atjehse onafhankelijkheidsstrijders.
“… in dichte begroeiing loert overal gevaar… er klinkt een roffelend gedonder… een wand van water trekt zich voor hem op… het woud lijkt vol waanzinnigen te zitten… de aanval… om hem heen vallen maten.. neergestoken, neergeschoten…”(blz 92)
Gunnar komt in een fase waarin hij zich niets meer afvraagt.
De herhaling ‘geen vragen’ (blz 95) dreunt bij de lezer door:
Geen vragen – als hij gedurende de gevechten op aanvallers schiet…
Geen vragen – als de scherpschutter (Gunnar) mensen ombrengt…
Geen vragen – als de verscholen Atjehers in bomen worden neergeschoten…
De bruutheid van geweld wordt zonder vragen geïncasseerd.
Voor mij krijgt het verhaal steeds meer diepgang, het schetst de gevoelens van Gunnar, hij stompt af. Na 6 jaar dienen vertrekt hij naar Nederland, vindt niet wat hij zoekt en gaat terug. Hij raakt aan de drank, zwerft om… herpakt zich, nadat een oude vrouw zich over hem heeft bekommerd.
”… een stokoude vrouw… haar gezicht lijkt van gerimpeld perkament, omringd door zilvergrijze haren…”(blz 99)
Vanaf hier gaat het verhaal op twee sporen verder. Het perspectief van Gunnar en het perspectief van Adhir en Kapardin. Het eerste schetst het leven en werken van de plantage-eigenaar Gunnar, het tweede van de koelies, de ongeschoolde werkers, die als contractanten worden binnen gehaald op ‘loze beloftes’. Hun verhaal toont het brute leven op de plantages, werken, werken, werken. Dag in, dag uit! Accepteer het en kom niet in opstand! Weet je plaats als koelie, bemoei je alleen met je eigen soortgenoten.
Gunnar krijt een relatie met Mawa, een inlandse vrouw, een huishoudster, met dat verschil dat Gunnar van zijn Mawa houdt. Zij schenkt hem vier kinderen, Niklas en Elsa leven niet lang. Verdriet dringt diep door in hun levens.
Gunnar voelt zich niet goed. Zijn longen zijn ernstig aangetast. Hij regelt voor Mawa zekerheid, ze hoeft niet terug naar de kampong als hij sterft.
Stefan de oudste zoon, met een technische opleiding, gaat werken op een rubber- en koffieplantage. Hij ontmoet Serah, zij wordt zijn vrouw en raakt zwanger:
“… de apen zijn onrustig… zij voelen dat er deze nacht iets bijzonders staat te gebeuren… als ze de schreeuw van Serah horen… schreeuwen ze nog harder terug… ze delen in de vreugde… een volmaakt meisje…Dahlia…”(blz186)
De verschrikkingen van de 2e wereldoorlog, de onveiligheid tijdens de onafhankelijkheidsstrijd van Soekarno doen hen besluiten in 1958 naar Nederland te vluchten! Daar worden ze niet bepaald met open armen ontvangen!
Dan staat in het verhaal Dahlia centraal. Haar leven in Nederland samen met Patrick kent veel verdriet. Ze overleeft het allemaal. Gesterkt door de genen van Gunnar en Mawa, van Stefan en Serah.
Een familiegeschiedenis die ontroert, die steeds intenser wordt naarmate je de levens van de personages beter leert kennen. Een geschiedenis die voor herkenning zal zorgen en wellicht voor veel nieuwe verhalen, familieverhalen.
Een familiegeschiedenis die je je blijft herinneren, die je raakt.
Een absolute aanrader!
4 sterren.