Marvin O. Hebban Recensent

De opvang van Syrische vluchtelingen beroert de stad Leuven. Een inderhaast opgericht opvangcentrum zorgt voor protesten van tegenstanders en die protesten escaleren als er brand gesticht wordt in het centrum. Kort daarop wordt brood voor de vluchtelingen vergiftigd en een van de vluchtelingen sterft. Een van de slachtoffers van de eerdere brandstichting wordt vervolgens in het ziekenhuis vermoord. De Leuvense politie onder leiding van hoofdinspecteur Thomas Berg houdt een paar rabiate tegenstanders van het opvangcentrum in het vizier, maar als in de dagen erop enkele allochtone Leuvenaars worden vermoord die niets met de vluchtelingen te maken hebben, begint Berg in te zien dat het opvangcentrum slechts dient als afleiding en dat de ware reden achter de moorden elders moet gezocht worden.  

Jo Claes (1955) is ondertussen aan zijn elfde misdaadroman in de reeks Thomas Berg toe. Berg is een bij momenten wat norse vrijgezel die ooit op een blauwe maandag aan een studie theologie begon maar na enige tijd inzag dat zijn roeping elders lag. Hij begon zijn carrière in Brussel maar na relatieperikelen werd hij naar Leuven overgeplaatst. Hij zorgt consciëntieus voor een negentigtal orchideeën, is verslaafd aan espresso, houdt van koken, klassieke muziek en kunst, en weet over al deze onderwerpen heel wat te vertellen. Ook heeft hij een hekel aan foutief taalgebruik. Om een reden die de lezer maar niet te weten komt, wil hij niet met de auto rijden. Het moge duidelijk zijn dat Berg een man met een eigen stijl is.  

De gemiddelde inspecteur die in misdaadromans mag opdraven, is altijd wel een beetje speciaal. Dat maakt hem immers een interessante persoon om een reeks aan te verbinden. Thomas Berg valt zelfs in vergelijking met die gemiddelde inspecteur wat uit de toon. Hij is geen vuilbekkende cultuurbarbaar, gedraagt zich niet als een olifant in een porseleinwinkel, drinkt niet overmatig en staat al bij al vrij stabiel in het leven. Op relationeel vlak wil het maar niet lukken maar hij aanvaardt iedere mislukking doorgaans met een zekere gelatenheid. Hij is eigenlijk verre van excentriek en zijn liefhebberijen doen eerder denken aan een saaie ambtenaar dan aan een politie-inspecteur. Wat hem wel bindt aan fictieve collega’s is zijn gedrevenheid om een zaak op te lossen. Zit hij midden in een zaak dan zijn er geen weekends, geen nachten, maar blijft hij zoeken en piekeren tot de zaak zich laat oplossen. Voor de familiale besognes van zijn mensen heeft hij op dat ogenblik weinig oog.  

Al elf boeken lang bedient Jo Claes zich van deze werkwijze en dat levert geen duffe, maar net heel aangename lectuur op. Als een moderne Agatha Christie laat Claes een verhaal altijd weer langzaam groeien en zich opbouwen. De focus ligt niet op actie, maar wel op denkwerk. Net zoals Hercule Poirot is ook Thomas Berg een wat uit de toon vallende figuur wiens hersenen op de duur de stukjes van de puzzel in elkaar laten klikken, waarna hij zijn mensen samenroept om de oplossing uit de doeken te doen. Onderweg naar de oplossing kan Jo Claes het niet laten enige kennis over kunst en cultuur te etaleren. Hij verwerkt deze kennis elegant in het misdaadverhaal en dit keer slaagt Claes er zelfs in om ook Gentse bouwhistoriek in het verhaal te betrekken. Toch zit er ook steeds een verwijzing naar de actualiteit in het boek, zoals dit keer het Syrië-conflict.  

Qua stramien lijken de boeken met Berg allemaal op elkaar en er zal in de toekomst ongetwijfeld een moment komen waarop Berg-moeheid bij de lezers optreedt. Maar zo ver zijn we nog lang niet. Het gewicht van de haat leest nog net zo fris als zijn voorgangers en is opnieuw een topper. Berg kan nog wel een tijdje mee. De vraag is vooral hoelang Jo Claes er nog in zal slagen Leuvense kunstonderwerpen te vinden waarrond een misdaadverhaal te schrijven is.

Reacties op: Volgehouden kwaliteit

139
Het gewicht van de haat - Jo Claes
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners
Gesponsorde boeken