Lezersrecensie
Geloven in je ideaal
Na zijn debuut, "Hotel Solitude", schrijft Koen Strobbe alweer een geniale roman. De "held" in dit verhaal is Jeroom Claassen. Hij lijkt cum laude te doctoreren met een dissertatie over de cult-dichter Nico Den Donder, met wie hij een persoonlijk contact heeft. Wanneer Claassen zich echter in een waanzinnige opdracht vastbijt, loopt het volledig fout met zijn leven. Ook zijn relatie met andere mensen - zijn ouders, zijn vrienden - ontspoort. Hij lijkt zich alleen te bevinden in de waan van zijn idee. "Hij sluit zijn ogen en krijgt de indruk dat hij begint te zweven. Hij wordt een horizontaal lichaam van sterrenstof, dat boven de zieltogende dichter hangt in wie het geheim van dit alles verscholen ligt. En plots, terwijl hij alsmaar nader bij hem komt te hangen, lacht Den Donder naar hem, gelukkig omdat hij ziet dat hij het mysterie eindelijk ontrafeld heeft. Hun neuzen raken elkaar en zijn astrale lichaam dringt binnen, versmelt, wordt een. Hij denkt al Den Donder, hij is Den Donder." (p. 185). Of: hoe ver kan je gaan geloven in je ideaal? En hoe ver ben je dan gedwaald van de realiteit, van het échte leven? Claassen leeft de hele tijd door in een bedrieglijke, zelf gecreëerde wereld. En er is blijkbaar geen weg meer terug... Zoals bij de vorige roman, schrijft Strobbe in een heel vlotte taal: je leest het boek in één ruk door, je blijft ook geboeid door het ongelofelijke verhaal. Heel knappe literatuur.