Lezersrecensie
Speuren doorheen de kunstwereld bij het begin van WOII
De plot, vooral het begin, is heel sterk. Het situeren van een politieonderzoek naar een moord in de oorlogsjaren is gedurfd. Het moeizame onderzoek verloopt realistisch. Maar de ontknoping kent te veel lagen en daar verliest de auteur de spanning en daarmee de betrokkenheid van de lezer.
Het verhaal speelt in de oorlogsjaren gedurdende de eerste 2 weken van augustus 1941, grotendeels rondom Den Haag in Nederland en deels in Antwerpen en een stukje Wallonië, België. Het verloop is chronologisch.
Elk hoofdstuk(je) wordt ondrtiteld met een datum.
Het perspektief is dat van Charlie Swieninck, chef Dienst Bijzondere Delicten van de Haagse politie. De schrijver springt 80 jaar terug in de tijd en probeert die sfeer ook goed weer te geven. Niemand weet hoe de oorlog zal aflopen (de meesten denken dat de Duitsers al gewonnen zijn), de hongersnood en dergelijke moeten er nog aankomen, de Jodenvervolging staat nog in de beginschoenen (en de meeste mensen vinden dat nog niet zo slecht). Hier en daar vinden we een korte flashback over de jeugd en het privéleven van Charlie. Daarmee zijn ook de bijna 400 bladzijden samengevat: een moeizaam verlopend onderzoek dat compleet verstrengeld is met het privéleven van de speurder. Al staat van het begin buiten kijf dat die onkreukbaar is, dus geen sprake van corruptie.
Het is faction maar de auteur heeft het niet zo nauw genomen met de ware aard van de (veelal bestaande) personages. Algemeen is de kunstwereld wel heel erg slecht en puur uit op geld. Het schilderij dat het centrum van het verhaal vormt heeft eigenlijk nooit bestaan, het verhaal daarrond met de moord en de roof is dus uniek. Ik ken wel enkele films die rond dit soort gegevens gebouwd zijn, maar dan wel in Berlijn. De setting in Den Haag en Antwerpen zet het ook daarvan apart.
Elke verdachte verspreekt zich (al dan niet bewust) en dat geeft telkens een andere wending aan het verhaal en levert minstens een extra verdachte op.
Pas op het einde, wanneer ze de moordenaar op de hielen zitten, is er tijd voor echte aktie, met inbraak, huiszoeking, schietpartijen en uiteindelijk een interventie van een Duitse patrouille.
'spoiler verwijderd door de Hebbanredactie -. Losse eindjes waarvan de lezer zich waarschijnlijk zelfs niet eens bewust was.
Dat leidt een aantal keren tot het op zijn kop zetten van al het voorgaande, althans de motieven en de personen achter de schermen. Goed gevonden maar een beetje te veel van het goede, eigenlijk wordt het eerder vervelend om als lezer je opgebouwde illusies in de grond te zien boren.
Het staat buiten kijf dat John Kuipers zijn uiterste best heeft gedaan om de karakters te laten handelen en denken zoals mensen van 80 jaar geleden. Dat lukt hem meestal heel erg goed, slechts hier en daar vallen de karakters een beetje uit hun rol.
Slechts bij Charlie zien we echt diepgang. De andere personen bijven eerder oppervlakkig en soms nogal sterotiep. Niet verwonderlijk, het gaat slechts over een periode van twee weken. Wat wel opvalt is dat er van de personages telkens ze betrapt worden op leugens, onwaardheden of het achterhouden van feiten, een laag van hun zelfbeeld lijkt af te bladderen en dat er een minder fraai nieuw uitzicht te voorschijn komt. Algemeen zijn er gewoon te veel karakters die ook nog eens te veel op mekaar lijken (toch degenen die met de kunstwerld te maken hebben) om er veel diepgang aan te geven.
John Kuipers is Nederlander en geeft Den Haag tijdens de beginjaren van de tweede wereldoorlog wel heel erg authentiek weer. Ook het beeld van Antwerpen dat hij vanuit die Hollandse tijdsgeest weergeeft komt echt over. Dat hij Antwerpen vooral ziet als een plaats om naar de hoeren te gaan en minder met kunst vereenzelvigt was inderdaad een teken van die tijd. De interactie met NSB'ers, SS'ers en Nazi's lijkt wel te kloppen. Hij blijft daarbij trouwens veilig aan de oppervlakte om er geen oorlogsboek van de maken. Hoewel de ontberingen nog moeten komen, toch blijkt wel dat Charlie door zijn werk bij degenen hoort die beter af zijn dan de rest van de bevolking. Bij de bezoeken aan Antwerpen kloppen de namen van de straten en dergelijk wel, de beschrijvingen van de huizen lijken eerder uit een sfeergids uit de jaren '40 te komen dan authentiek te zijn. Maar de sfeer ademt het begin van de oorlogsjaren uit wanneer het verzet nog in zijn kinderschoenen staat en eerder meelijwekkend is. De jodenvervolging begint ook nog maar pas, van de uitroeiingskampen is nog niets bekend. Het leven van alledag lijkt door te gaan maar met een paar beperkingen wegens de nieuwe bazen en het gevaar van zich te verspreken.
Er is een constante lijn van lage spanning doorheen het hele verhaal. De bezetter die altijd op de achtergrond aanwezig is en hun marionetten (de collaborateurs) die van de macht proeven. Het onderzoek naar de moordenaar is de rode draad maar verloopt zo moeizaam dat het heel lang haast geen spanning oplevert. De individuele ondervragingen van verdachten en het in kaart brengen van hun verhalen is ook nooit genoeg om het echt spannend te maken. Wel genoeg om te blijven boeien en de lezer aktief te laten meedenken over verbanden, maar dat blijkt wel heel erg ingewikkeld te zijn, niet in het minst door het heel grote aantal deelnemers.
Pas bij de huiszoekingen en de reizen naar Antwerpen begint de spanning toe te nemen, om een toppunt te bereiken bij een aantal schietpartijen.
Het boek is vooral boeiend, de spanning is eerder constant onderhuids voelbaar. Maar bij wat de climax zou moeten zijn, wanneer Charlie de laatste motieven en leugens blootlegt lijkt alle spannig opgebruikt. Dat komt eerder als te veel en nogal vervelend over.
Het taalgebruikt is het correcte Nederlands van de betere klasse in Den Haag van zo'n 80 jaar geleden. De pogingen tot Antwerps dialect zijn niet zo erg goed, gebaseerd op de hedendaagse tussentaal. Lagere ambtenaren en dus ook de politie spraken 80 jaar geleden ABN als ze in functie waren, enkel privé werd dialect gesproken. Maar algemeen en zeker de hogere ambtenaren spraken enkel frans.
Het is nogal eenzijdig geschreven, alles vanuit het standpunt van Charlie. Er worden rapporten uitgebacht en verhoren afgenomen maar altijd met Charlie als toehoorder. Nooit aktie uit de eerste hand. Om het om te vormen tot een filmscript is toch wel heel wat extra schrijfwerk nodig. Dus eerder vlak beschreven. Enkel het fietsen en autorijden zorgen doorheen het verhaal voor aktie, naast de dialogen.
Ik heb dit boek met heel veel plezier gelezen. Het geeft een (on)frisse kijk op het kunstmilieu, heel wat actie speelt zich af in Antwerpen. Kunst, geschiedenis en Antwerpen - drie gebieden die mijn interesse hebben.
Het boek leest vlot, is chronologisch opgebouwd en de hoofdstukken zijn niet te lang. Qua perspektief hoef je je maar in 1 persoon te verdiepen.
Het grote aantal namen (van historisch echte personen) zorgde er wel voor dat ik soms moest terugbladeren om ze weer in hun context te kunnen plaatsen.
Het verhaal blijft hangen omdat het een aantal van mijn interesses bevat. Dat leverde toch wel enkele nieuwe inzichten op, met name over de houding van de Nederlanders tegen de Duitsers in '41 (ondanks typo '42 op p.63). De hele achtergrond van pas ontdekte kunstwerken van oude meesters is ook vandaag actueler dan ooit. En de verrotte wereld van kunstexperten...