Lezersrecensie
Vorm of inhoud, maakt niet uit, schijn bedriegt
“De grote Gatsby” van F. Scott Fitzgerald (1896 – 1940) wordt, zeker in de Verenigde Staten, gerekend tot een van de hoogtepunten uit de Noord-Amerikaanse literatuur. Door velen wordt “The grote Gatsby” gerekend tot de ‘Great American Novels’, een van die romans die de essentie van de Verenigde Staten goed weet te beschrijven. Dat is misschien wel heel erg pretentieus, maar Scott Fitzgerald geeft in deze roman wel een heel goed beeld van het leven in de hogere sociaaleconomische klasse halverwege de jaren twintig van de vorige eeuw in en rond New York. In dat opzicht vormt “De grote Gatsby” een mooi tweeluik met het ongeveer in dezelfde tijd in New York in de (lagere) middenklasse afspelende “Manhattan Transfer” van Dos Passos, dat ook in 1925 voor het eerst werd gepubliceerd.
Het verhaal over ‘selfmade man’ Jay Gatsby, echte naam James Gatz, wordt in de roman verteld door Nick Carraway. De twee zijn buren in West Egg, een buitenwijk van New York. Het wordt Carraway, die er net is komen wonen, al snel duidelijk dat Gatsby geen ‘gewone’ is. Bijna ieder weekend geeft Gatsby in zijn imposante woning grote feesten waarop (bijna) iedereen die er in het New Yorkse society leven toe doet met regelmaat op komt draven. Waarom Gatsby deze feesten geeft en waar hij het geld vandaan haalt om zijn uitbundige levensstijl te kunnen betalen gaan de meest rare en rake verhalen.
De manier waarop Carraway zich in zijn contact met Gatsby laat beïnvloeden door de roddels, achterklap, fantasieën en complottheorieën over wie en wat de ‘echte’ Gatsby is. Door al deze halve waarheden en hele leugens is Carraway ook een onbetrouwbare verteller van het levensverhaal van Jay Gatsby. Dit spel met vooroordelen, misleiding, vooronderstellingen, hypocrisie, onbetrouwbare verteller, verschillende kanten van een en dezelfde waarheid (of is het werkelijkheid?) speelt Scott Fitzgerald perfect. Het geeft ons een prachtige inkijk in hoe ook wij, als lezers, te snel tot oordelen en veroordelen overgaan. Scott Fitzgerald zet niet alleen Carraway, maar ook ons regelmatig op het verkeerde been.
Het levensverhaal van Gatsby, voor zover wij het via Carraway leren kennen, wordt gekenmerkt door een grote onmogelijke liefde. Onmogelijk, omdat het verschil in sociale klasse tussen de ‘nouveau riche’ en het ‘establishment’ in die jaren ook in de Verenigde Staten nog vaak onoverbrugbaar is. Een verschil dat grotendeels op vooroordelen, macht- en identiteitspolitiek is gebaseerd. In zijn beschrijving van deze onmogelijke liefde zet Scott Fitzgerald het wel erg dik aan. Hij maakt er nog net geen melodrama van, lijkend op Shakespeares ‘Romeo en Julia’.
De originaliteit, kwaliteit en tijdloosheid van “De grote Gatsby” zit dan ook niet in het verhaal, maar in de wijze waarop Scott Fitzgerald door middel van Carraway het verhaal vertelt. Net als in het verhaal is (uiterlijke) vorm belangrijker dan de inhoud.