Lezersrecensie

Weer een afrekening met de Romantiek en romantiek


Cies Cies
20 mrt 2021

Wie “De leerschool der liefde” (1869) van Gustave Flaubert leest in de verwachting, kijkend naar de titel, dat Flaubert in deze roman voortborduurt op het werk van Markies de Sade (1740 – 1814) die komt bedrogen uit. Flaubert borduurt voort op zijn debuutroman “Madame Bovary” uit 1857 in “De leerschool der liefde”. In beide romans heeft het hoofdpersonage in de puberteit door het lezen van romantische niemendalletjes een wel heel idealistische (romantische??) opvatting van de liefde gekregen. Emma Bovary houdt tot aan het einde vast aan deze opvattingen. Bij Frédéric Moreau komen in “De leerschool der liefde” met het ouder worden zijn opvattingen over de liefde, schone vrouwen en eeuwige trouw meer op dezelfde lijn als de praktijk van alledag in de Franse middenklasse in de eerste helft van de negentiende eeuw.

Tijdens een boottocht over de Seine wordt de jonge student Frédéric Moreau op slag verliefd op de getrouwde Marie Arnoux. Deze ruim vijfentwintig jaar durende liefde is de rode draad in de roman die zich grotendeels in Parijs afspeelt in de periode tussen 1837 en 1867. Deze periode is met de Revolutie van 1848 en andere maatschappelijke ontwikkelingen een onrustige in de Franse geschiedenis. Flaubert heeft bijna net zo veel aandacht voor de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen in die periode als voor de liefdesperikelen van Frédéric en anderen. Fréderic en de meeste andere manlijke personages in “De leerschool der liefde” zijn zowel op het terrein van de liefde als dat van de politiek even grote opportunistische draaikonten. De sterkste personages, zowel inhoudelijk als literair uitgewerkt in “De leerschool der liefde” zijn de vrouwelijke. Dat lijkt geen toeval te zijn.

Het liefdesavontuur van Frédéric is grotendeels gebaseerd op Flauberts eigen liefde voor Elisa Schlésinger. Een liefde die begon toen hij haar op 14 jarige leeftijd zag. Zo zijn er meer autobiografische overeenkomsten tussen Frédéric Moreau en Flaubert. Ook andere mannelijke personages hebben regelmatig trekjes van Flaubert en/of gelijksoortige ervaringen als Flaubert die had. Flaubert die een uitstekend observator is en zijn observaties krachtig en stijlvol verwerkt in zijn romans en verhalen is hij iets minder goed wanneer het gaat om zelfobservatie en zelfreflectie. Dit is het enige minpuntje in een verder uitstekende en goed leesbare roman.

Ondanks zijn iets mindere goede zelf observaties en zelfreflectie is Flaubert wel veel kritischer over zijn manlijke personages dan over zijn vrouwelijke. Marie Arnoux wordt (bijna) neergezet als een heilige en, als voorbeeld, ook Louise Rouque is een vrouw uit één stuk die weet wat ze wil. De mannen in “De leerschool der liefde” zijn op de punten dat hun karakter en of hun leven niet overeenkomt met dat van Flaubert twijfelaars, opportunisten die uiteindelijk bijna allemaal ten onder gaan aan deze eigen karakterzwaktes. Ze gaan failliet, eindigen alleen zonder de door hun geliefde vrouw aan hun zijde, of zien hun politieke maatschappelijke ambities gefnuikt worden door hun eigen (Romantische) opvattingen over zichzelf en de toekomst van Frankrijk. Net als “Madame Bovary” is “De leerschool der liefde” dan ook een afrekening met de Romantiek en de bourgeois opvattingen van zijn tijd.

Door de veranderde maatschappelijke omstandigheden een centrale plaats, naast de persoonlijke liefdesgeschiedenissen te geven zorgt Flaubert er voor dat “De leerschool der liefde” geen herhaling wordt van “Madame Bovary”. Juist door de maatschappelijke omstandigheden er bij te halen slaagt Flaubert er in om de “Leerschool” net zo boeiend en nog iets meer diepgang te geven dan zijn bekendste meesterwerk.

Reacties

Meer recensies van Cies

Boeken van dezelfde auteur