Advertentie

“Het leven van Henry Brulard” is de autobiografie van Stendhal (1783 – 1842). Stendhal werkte aan “Henry Brulard” tussen november 1835 en april 1836. “Henry Brulard” wordt pas in 1890 gepubliceerd. Dat het geen gewone autobiografie is wordt al duidelijk in het eerste hoofdstuk, omdat Stendhal zich rechtstreeks richt tot de lezer én zijn twijfels uit of er wel een lezer zal zijn, want zal er wel een uitgever zijn die het wel uitgeven? Bovendien maakt de tekst, door opmerkingen en voetnoten van Stendhal, niet de indruk ‘af’ te zijn. Stendhal schrijft niet alleen een autobiografie, maar schrijft vooral over de (on)mogelijkheden van het schrijven van een waarheidsgetrouwe autobiografie. De vragen die Stendhal stelt (en probeert te beantwoorden) over gaten in ons geheugen, het verschil tussen herinneringen en de emoties die de herinneringen oproepen, zorgen ervoor dat “Henry Brulard” de ‘tand des tijds’ heeft doorstaan.

Uit Stendhals voetnoten maken we op dat hij het grootste deel van “Henry Brulard” heeft geschreven in een soort van “stream of consciousness” stijl. Wat hij vertelt is uitweidend, openhartig, confronterend, zelfrelativerend, maar ook zelfkritisch en het is vooral heel erg kritisch over anderen. De stijl zelf lijkt nog het meest op wat Laurence Stern tussen 1759 en 1767 deed in “Tristram Shandy”. Stendhal was bekend met “Tristram Shandy”, hij verwijst er zelfs naar in “Henry Brulard”. De ‘onaffe indruk’ van “Henry Brulard” is ook een referentie naar “Tristram Shandy”. Stendhal heeft niet meer gewerkt aan “Henry Brulard” na maart 1836, terwijl hij er in de jaren tot aan zijn dood nog wel tijd voor heeft gehad. Het lijkt er op dat hij zijn poging om zijn autobiografie te schrijven heeft opgegeven, maar wel heeft afgemaakt. Dat “Henry Brulard” pas jaren na zijn overlijden is gepubliceerd heeft alles te maken met het feit dat Stendhal een aantal mensen die nog in leven waren niet onnodig wilde confronteren met dingen die hij over hen vertelde.

Het autobiografische deel van “Henry Brulard” is eenvoudig te vertellen. Hij wordt geboren in 1783 in de provinciestad Grenoble. Zijn familie hoort tot de betere burgerij van Grenoble en is politiek (zeer) conservatief. Het enige familielid waar hij echt van houdt is zijn moeder. Zij overlijdt, wanneer hij nog maar zeven jaar oud is. Zijn relatie met zijn vader is op de beste moment koel, maar meestal over en weer vijandig. Op jonge leeftijd krijgt Stendahl/Brulard al een grote hekel aan de clerus, de koninklijke familie, slechte literatuur, de bekrompenheid van Grenoble, kortom aan alles wat zijn vader bovenmatig waardeert. Stendahl/Brulard wil dan ook zo snel mogelijk weg uit Grenoble, weg van zijn vader. Op zestienjarige leeftijd gaat hij naar Parijs, niet om te studeren aan de Polytechische School zoals iedereen in zijn omgeving verwacht, maar om schrijver te worden. Parijs is een teleurstelling voor Stendahl/Brulard, het is niet de bevrijding van het provinciale Grenoble die hij had verwacht. Hij voelt zich pas voor het eerst vrij in 1800 wanneer als (onder) officier in het leger van Napoleon Italië binnen rijdt ter voorbereiding van de Slag bij Marengo. De autobiografische feiten zijn niet zo heel spannend, wat “Henry Brulard” een spannende leeservaring maakt is hoe Stendahl het vertelt in dialoog met zijn (on)mogelijkheid om alle feiten nog op een rijtje te hebben.

Reacties op: Het Franse neefje van Tristram Shandy

1
Het leven van Henry Brulard - Stendhal
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie E-book prijsvergelijker