Lezersrecensie

Meesterlijk portret in decadent Londen tijdens ‘fin de siècle’


Cies Cies
12 mrt 2023

“Het portret van Dorian Gray” (1891) van Oscar Wilde (1854-1900) vormt samen met “Tegen de Keer” van J-K Huysmans dé canon van het literair decadentisme aan het eind van de negentiende eeuw. Terecht. Het grote verschil tussen deze twee romans is dat “Het portret van Dorian Gray” veel vlotter leest dan het af en toe wat essayistische “Tegen de keer”. Wilde is ontegenzeggelijk beinvloed door Huysmans en “Tegen de keer” (1884) maakt zelfs een ‘gastoptreden’ in “Het portret van Dorian Gray”. Dit compliment is een niet eens zo heel subtiel eerbetoon aan Huysmans en aan “Tegen de keer”.

Het verhaal is bekend. De jonge Dorian Gray is zo onder de indruk van zijn eigen portret geschilderd door Basil Hallward dat hij bij de onthulling van het portret de wens, het gebed uitspreekt heel zijn leven er uit te mogen zien als zijn jonge ik en dat het portret oud mag worden. Dit is het klassieke Faustiaanse pact met de duivel. Het enige lastige hier is wie is de duivel of de handlanger van de duivel? Meest voor de hand ligt is Harry Wolton, een edelman die ook aanwezig is bij de onthulling van het portret en die Dorian Gray introduceert in de wereld van het decadente hedonisme. Alleen krijgt Harry Wolton er niets voor terug. Minder voor de hand liggend is om er van uit te gaan dat in ieder van ons ook een duivel zit en dat Dorian Gray dus een afspraak maakt met zijn eigen innerlijke duivel. Deze interpretatie is goed vol te houden wanneer we rekening houden met de onder (literaire) decadenten grote fascinatie voor de duivel die als gevallen aartsengel in de Bijbel voorkomt. Tel daar bij op de overduidelijk aanwezige paradoxen en aforistische uitspraken over ‘goed’ en ‘kwaad’ in “Het portret van Dorian Gray” en deze interpretatie houdt goed stand.

Het spelen met ‘goed’ en ‘kwaad’, ‘schijn’ en ‘werkelijkheid’, ‘goede reputatie’ en ‘slechte reputatie’, moraliteit, amoraliteit en immoraliteit enzovoorts is hetgeen Wilde doorheen het boek steeds doet. Dat dit niet ‘tot vervelens toe’ gebeurt is de grote verdienste van Oscar Wilde. Ook wanneer je als lezer al lang ziet aankomen hoe het verhaal gaat eindigen blijf je geboeid lezen.

Vanaf het moment dat de roman, eerst gepubliceerd in een Amerikaans tijdschrift daarna als roman in Groot-Brittannië, op de markt kwam is er ‘gedoe’ over het (vermeende) homo-erotische karakter van de roman en andere vormen van schending van de goede zeden. Over de ‘moral panic’ bij puriteinse Amerikaanse en Victoriaanse Britse recensenten, lezers en autoriteiten kan een hedendaagse lezer alleen maar glimlachen. Al moeten we niet hard gaan lachen, want er zijn nog steeds conservatieve en religieuze fundamentalisten die boeken als “Het portret van Dorian Gray” willen verbieden.

Reacties

Meer recensies van Cies

Boeken van dezelfde auteur