Lezersrecensie
Hypocriete eerlijkheid aan de Franse Riviera
“Teder is de nacht” uit 1934 is de vierde roman van de Amerikaanse schrijver F. Scott Fitzgerald (1896 – 1940). De roman werd niet echt goed ontvangen bij publicatie. Critici waren allesbehalve enthousiast en de verkoopcijfers vielen tegen. Dit laatste was een probleem voor Scott Fitzgerald die er en een dure levensstijl op na hield en de kosten voor de zorg van zijn schizofrene vrouw Zelda moest betalen. De dure hedonistische levensstijl en het leven met een schizofrene echtgenote zijn twee belangrijke autobiografische elementen die terugkomen in “Teder is de nacht”. Toch is het niet helemaal een autobiografische roman.
Niet alleen de recensenten waren ontevreden over “Teder is de nacht”, Scott Fitzgerald was ook niet helemaal tevreden met het eindresultaat. Met grote regelmaat bleef hij werken aan het herschrijven van “Teder is de nacht”. Dit proces van herschrijven was nog niet helemaal afgerond toen hij overleed in 1940. Toch was het zijn vriend en literatuur criticus Malcolm Cowley die aan de hand van wat Scott Fitzgerald al had herschreven en zijn aantekeningen, die in 1951 een herziene versie van “Teder is de nacht” publiceerde. In deze herziene versie zijn de ‘flash backs’ uit de oorspronkelijke versie verplaatst waardoor het verhaal in de 2e versie chronologisch verloopt. Het is deze 2e versie die in 2000 voor het eerst in vertaling van Henne van der Kooy werd gepubliceerd. In 1969 was er al een vertaling, ook van de 2e editie, verschenen van H.W.J. Schaap. Het is de door Van der Kooy vertaalde 2e versie die ik hier bespreek.
De jonge veelbelovende Amerikaanse psychiater Dick Diver leert tijdens een werkbezoek aan een psychiatrische kliniek in Zürich de rijke Amerikaanse patiënte Nicole Warren kennen. Ze worden verliefd op elkaar, al is er sprake van meer dan liefde alleen. Nicole, aangemoedigd door haar zus Beth Warren, beseft dat ze de keuze heeft tussen nog jarenlang in psychiatrische klinieken verblijven of een ter zake deskundige privé verzorger inhuren die dag en nacht bezig is met haar psychisch welzijn. Beth ziet een huwelijk tussen Dick en Nicole niet zitten, ze ziet in hem wel een goede privé verzorger voor haar zus Nicole. Dick is niet alleen verliefd op Nicole. Hij heeft ook last van het ‘Florence Nightingale syndroom’, waarbij een verzorger niet zozeer verliefd wordt op zijn/haar patiënt(e), maar ook het idee heeft dat hij/zij de enige is die echt goed voor de patiënt(e) kan zorgen. De twee trouwen, ondanks de bezwaren van Beth, en settelen zich aan de Franse Riviera waar ze grotendeels met het geld van Nicole een zeer goed leven leiden omringd door hoofdzakelijk andere Amerikanen die al even hedonistisch zijn als het ‘glamour koppel’ Dick en Nicole. Pais en vree aan de Middellandse Zee?
Dick, die terdege beseft dat hij niet alleen de echtgenoot is van Nicole, maar ook haar dokter/verzorger, stelt zich met enige regelmaat de vraag in hoeverre hun relaties duurzaam zijn en apart van elkaar te beschouwen. De eerste grote twijfels komen op het moment dat Nicole en Dick de 17-jarige Amerikaanse actrice Rosemary Hoyt leren kennen. Rosemary wordt al snel verliefd op Dick en al duurt het een paar jaar, uiteindelijk zwicht Dick voor de avances van Rosemary. Of is het geen zwichten, maar is hij gaan beseffen dat wat hij en Nicole hebben geen liefde (meer) is? In de loop der jaren knapt Nicole meer en meer op en wordt de privé arts Dick minder noodzakelijk in haar leven. Dit knaagt bij Dick die steeds meer gaat drinken en steeds vervelender en onbeschofter wordt in gezelschap. Het huwelijk is niet meer te redden, ze doen alle twee ook niet echt meer hun best om er nog iets van te maken. Nog voordat ze scheiden is Nicole een relatie begonnen met Tommy Barban, een gemeenschappelijke vriend van het koppel. Dick weet dan hoe laat het is, hij is overbodig geworden en keert gedesillusioneerd terug naar de Verenigde Staten.
Scott Fitzgerald vertelt het verhaal in korte hoofdstukken, wisselt regelmatig van vertelperspectief tussen Dick, Nicole, Rosemary en anderen, maakt zonder het in de eerste regels aan te geven regelmatig sprongen of sprongetjes in de tijd (altijd naar voren, geen flashbacks meer in deze 2e versie) waardoor de lezer een meerzijdig maar gefragmenteerd beeld krijgt. Het is dit meerzijdige en gefragmenteerde beeld dat “Teder is de nacht” zo sterk en tegelijkertijd ook (ietwat) ongemakkelijk maakt. Ongemakkelijk doordat de hoofdpersonages door zichzelf als sympathiek en goedwillend worden neergezet, terwijl overige personages het vertellende hoofdpersonage helemaal niet zo positief ervaren. Het is deze hypocrisie, deze oneerlijkheid ten opzichte van zichzelf, die Scott Fitzgerald door de stijl en vorm van schrijven en de inhoud van het verhaal fraai weet te verbinden.