Lezersrecensie

Boeiende inkijk in 'oude horror'


Jan59 Jan59
7 mrt 2022

"Griezelverhalen" is een bundeling van 22 verhalen. Het merendeel van de verhalen is afkomstig uit de vroege periode van Lovecraft en uit de Droomcyclus (verhalen die naar zeggen van Lovercraft gebaseerd zijn op zijn dromen). De verhalen uit de Cthulhu Mythe (een onderdeel van zijn werk dat deels op mythologie gebaseerd is) zijn bewust achterwege gelaten door de samensteller van het boek (Erik Lankester) omdat die, in zijn woorden, “in een opgeblazen stijl geschreven zijn” die veel mensen niet zal aanspreken.

De meeste verhalen zijn vrij kort (6-30 pagina's) met als opvallende uitzondering het verhaal "De zaak Charles Dexter Ward" dat ruim 120 pagina's lang is en tevens als een van Lovecraft's belangrijkste werken gezien wordt. Het zou te ver voeren om van alle verhalen de inhoud te beschrijven, maar in het boek komen alle klassieke horror-thema's aan bod: opstaan uit de dood, grafschennis, vervloekingen, satanische rituelen, geheimzinnige doorgangen naar andere, vaak afschrikwekkende werelden, waanzinnige geleerden die aan hun eigen experimenten ten onder gaan, duivelse wezens uit andere dimensies etc. Diverse verhalen doen denken aan de onaardse landschappen en wezens uit De Donkere Toren van Stephen King (die een bewonderaar van Lovecraft is). In het verhaal ‘De Buitenstaander’ beklimt de hoofdpersoon een ‘vergane, zwarte toren’. Als hij na een bijna eindeloze klim boven komt, vindt hij daar niet het verwachte uitzicht over het omringende landschap, maar stapt hij een nieuw landschap binnen. Ook dit zal Donkere Toren-fans bekend voorkomen.

Ook opvallend in het boek zijn de verhalen ‘Eryx’ en ‘De kleur uit de ruimte’. Beide zijn feitelijk sciencefiction-verhalen. ‘Eryx’ speelt zich af op Venus, maar kenschetst meteen het ontstellende gebrek aan kennis over Venus uit die tijd, omdat de planeet met bossen begroeid blijkt te zijn. In ‘De kleur uit de ruimte’ stort een meteoor neer op het landgoed van een boer, en blijken zich vervolgens allemaal vreemde verschijnselen voor te doen. Het verhaal ‘Pickman’s modellen’ gaat over een kunstschilder die taferelen schildert die meteen doen denken aan Jheronimus Bosch. Al gauw rijst echter de vraag of hij deze taferelen verzint, of dat hij misschien toegang heeft tot een wereld waarin deze taferelen echt bestaan.

Lovecraft hanteert een vrij archaïsche schrijfstijl die past bij de tijd waarin hij leefde (eind negentiende/begin twintigste eeuw). Daarmee is hij echter taal technisch al wat toegankelijker dan bijv. Edgar Allen Poe. De verhalen zijn stuk voor stuk spannend en onheilspellend. Echt eng wordt het niet, zeker niet voor de doorgewinterde liefhebber van moderne horror, maar het is boeiend om te zien hoe tijdloos bepaalde thema's in het genre zijn. Het enge van de verhalen zit vaak meer in het taalgebruik dan in de situatie. Zo gebruikt Lovecraft veel en graag bijvoeglijke naamwoordeng als vreselijk, angstaanjagend, afgrijselijk, afschrikwekkend, duister, onnoembaar etc. Hiervoor wordt hij overigens in het voorwoord van W.F. Hermans ook bekritiseerd, die dit soort taalgebruik “de laagste hulpmiddelen” noemt. Naast de 22 verhalen en deze inleiding door W.F.Hermans bevat het boek een nawoord van Erik Lankester, een verhaal van Lovecraft’s vriend en collega-schrijver August Derleth en een beknopte bronvermelding. Deze extra's maken het boek tot een zeer interessante uitgave voor degenen die niet alleen in de verhalen op zich geïnteresseerd zijn, maar ook in de persoon Lovecraft en zijn leven.

Het boek is een heruitgave van de gelijknamige editie uit 1982. Merkwaardigerwijs bevat het boek desondanks opvallend veel typ- en zetfouten. Dit doet echter geen afbreuk aan het leesplezier.

Reacties

Meer recensies van Jan59

Boeken van dezelfde auteur