Lezersrecensie
Mooi vervolg op Hoop en Rood
Grim en Schaduw is het vervolg op Hoop en Rood. Dit boek beoordeelde ik eerder als een veelbelovend maar nog wat oppervlakkig fantasy-debuut van Jon Skovron. In deel 2, Grim en Schaduw, laat Skovron zien dat hij niet stil heeft gezeten qua ontwikkeling. Het boek heeft een vele meer volwassen toon, wat waarschijnlijk mede veroorzaakt wordt doordat ook de twee hoofdpersonen, Hoop en Rood, inmiddels een stuk volwassener zijn. Daarover zo meteen meer.
Nadat Rood aan het einde van boek 1 gevangen is genomen door de biospinners in het Keizerlijke paleis, wordt hij tegen zijn zin omgevormd tot een meedogenloze huurmoordenaar. Als persoonlijke vriend en bodyguard van prins Leston, zoon van de Keizer, raakt hij steeds meer betrokken bij de politiek van het paleis, en daardoor leert hij al snel dat het leven tussen de adel net zo dodelijk kan zijn als dat in de straten van zijn geboorteplaats Nieuw Laven.
Ondertussen terroriseert Hoop de schepen van het Keizerrijk terwijl ze zich voordoet als de gevreesde piraat Torment Grim. Als ze een complot van de biospinners op het spoor komt waarbij het bloedbad in het dorp van haar jeugd niet meer dan een spelletje lijkt, besluit ze eens en voor altijd een einde te maken aan de wandaden van de biospinners. Met hulp van haar oude vrienden uit Nieuw Laven trekt ze ten strijde. Hoop en Rood worstelen echter steeds meer met hun nieuwe rollen en verantwoordelijkheden, en nu de biospinners hun macht over de keizer versterken, begint de tijd te dringen. Niet alleen hun eigen lot staat op het spel, maar dat van het hele keizerrijk. Daar waar Rood vanuit zijn nieuwe rol mogelijkheden ziet om de biospinners te verslaan, vraagt Hoop zich na een lange strijd, waarbij ze veel vrienden verliest, af of ze wel op de goede weg is.
Ondertussen leren we dat er naast het Keizerrijk der Stromen nog twee landen zijn die zo hun geheimen lijken te hebben: allereerst het technologisch gevorderde rijk Aukbontar, waarvan de ambassadrice die opeens opduikt een dubieuze rol lijkt te spelen, en het nog geheimzinnigere triumviraat Haeventon, thuisland van de necrospinner, die beweert dat ook Hoop daar vandaan komt.
Zoals ik al aangaf, lijkt Skovron tussen deel 1 en 2 een flinke ontwikkeling doorgemaakt te hebben. Waar deel 1 nog duidelijke trekken van Young Adult fantasy vertoonde, is deel 2 een veel volwassener boek. De toon is wat minder jolig, de karakters hebben een duidelijke en geloofwaardige ontwikkeling doorgemaakt en er komt ook een diepere laag in het verhaal naar boven. Het gaat niet meer alleen om twee stoere jongeren die de wereld willen redden, maar het gaat ook om politieke intriges en machtsspellen. Een mooi voorbeeld daarvan is het karakter Merivale Hempist, die aanvankelijk ‘slechts’ een wat vrijpostige royalty-dame lijkt maar een volkomen onverwachte dubbelrol blijkt te spelen. Ook de andere belangrijke karakters uit het boek (waarop Hoop en Rood zelf) laten meer van hun karakter zien en krijgen daarmee meer ‘body’.
De hoofdstukken gaan om en om over de hoofdkarakters, Hoop en Rood. Dat is inherent aan het verhaal, aangezien beiden zich op verschillende plekken bevinden. De hoofdstukken zijn ook duidelijk langer dan in boek 1, wat een uitvloeisel is van een meer gedetailleerde schrijfstijl en meer diepgang in de verhaallijnen. Onveranderd is het gebruik van typische woorden uit Nieuw Laven (gap, smieren, zonvol). Het gebruik hiervan komt nog steeds wat gekunsteld over. Mogelijk heeft Skovron naar analogie van Tolkien bedacht dat zijn wereld aan geloofwaardigheid wint met een eigen taal, maar dat is dan niet echt gelukt. Jammer is dat de woordenlijst die hiervoor in deel 1 was opgenomen, niet terugkomt. Een lezer die bijv. boeken uit de bibliotheek haalt en deel 1 weer heeft ingeleverd, kan die dus niet meer terugzoeken. Op zich geen groot probleem, aangezien de meeste termen in deel 1 zo vaak gebruikt werden dat de betekenis waarschijnlijk wel bekend is. Het boek eindigt met een fragment uit deel 3, Bloed en Storm.
Mijn recensie van deel 1 sloot ik af met de opmerking dat ik zeer benieuwd was naar deel 2. Daar kan ik nu aan toevoegen dat ik nauwelijks kan wachten op deel 3!