Lezersrecensie
Heerlijke Amerikaanse zelfspot
Bill Bryson is een Brits/Amerikaanse auteur. Hij bracht zijn jeugd door in Amerika en verhuisde als 26-jarige voor bijna 20 jaar naar Groot-Brittannië. In 'Notes from a big country' beschrijft hij zijn hernieuwde kennismaking met Amerika nadat hij 20 jaar lang weg was geweest.
Eerder las ik 'Notes from a small island' waarin hij net voor vertrek terug naar Amerika nog één keer een reis door Groot-Brittannië maakt. Hoewel Bryson een begenadigd en hurmorvolle verteller is, viel dit boek tegen vanwege de eindeloze herhalingen. In 'Notes from a big country' maakt hij dit echter ruimschoots goed. Hij neemt geen blad voor mond om de mindere kanten van zijn eigen geboorteland feilloos aan de kaak te stellen. Het boek is feitelijk een bundeling van ca. 80 columns die hij na zijn terugkeer voor een Britse krant schreef. Dit maakt het lezen plezierig; elke verhaaltje omvat zo'n 5 pagina's en de verhalen kunnen in willekeurige volgorde gelezen worden, dus daarmee is het boek zeer geschikt om af en toe een stukje uit te lezen. In het boek richt hij zich regelmatig direct tot het Britse volk. Dat komt soms wat raar over (alsof het boek alleen in Groot-Brittannië verkocht zou worden) maar went al snel. Omdat hij met een Britse vrouw getrouwd is en daar gewoond heeft, is de band met dit land logisch.
In het boek komen alle (voor)oordelen die we over Amerika hebben, en die in veel gevallen nog kloppen ook, voorbij. Om er maar een paar te noemen: de ongezonde leefstijl en het daaruit voortvloeiende overgewicht van veel Amerikanen, de wereldvreemdheid (in een onderzoek onder 8.000 Amerikan kon 42% geen enkel land in Azië benoemen), de overconsumptie, de eindeloze reclames op tv, of de gemaakte klantvriendelijkheid (.. when a waiter tells me his name is Bob and and that he'll be my server this evening, I still have to resist an impulse to say "I just want a cheeseburger Bob, I'm not looking for a relationship"). Sommige verhalen zijn weliswaar niet specifiek voor Amerika (zoals een eindeloze discussie met een computer-helpdesk-medewerker of een onbegrijpelijk belastingformulier) maar daarom niet minder vermakelijk. Opvallend is dat wat hij over Amerika schrijft, niet alleen maar kwinkslagen zijn (zoals wij met een knipoog Belgenmoppen vertellen), maar dat er een oprechte afkeer van genoemde aspecten van de Amerikaanse samenleving uit zijn verhalen blijkt. Veelzeggend in dit verband is dat Bryson in 2003 toch besloten heeft weer terug te keren naar Groot-Brittannië met zijn gezin en ook de Britse nationaliteit heeft aangenomen.
Aangezien het boek uit 1998 is, is het inmiddels wat gedateerd, en dat merk je aan kleine zaken zoals verhalen over een fax, computers met een cd-lade en het ontbreken van mobiele telefoons, maar ook dit mag de leespret niet bederven.
Als een boek mij regelmatig hardop aan het lachen maakt, is dat voor mij al reden genoeg om het een dikke voldoende te geven, en dat gebeurt met dit boek regelmatig. Bryson heeft een unieke schrijfstijl, die doordrenkt is met die typisch Britse humor en uniek taalgebruik. Van harte aanbevolen dus, en tevens een feest van herkenning voor iedereen die wel eens tijd in Amerika heeft doorgebracht.