Lezersrecensie
Eenentwintig verhalende juwelen
Dat het korte verhaal in ons taalgebied nog altijd niet helemaal serieus wordt genomen wordt duidelijk wanneer je bijvoorbeeld de Engelstalige en Nederlandstalige Wikipedia pagina’s over Truman Capote (1924 – 1984) vergelijkt. Afgaande op dit ene voorbeeld is het bijna een wonder dat een Nederlandstalige versie van “Alle verhalen” het daglicht heeft gezien. In deze bundel staan 21 juweeltjes van vertelkunst chronologisch gerangschikt. Na ze allemaal minstens twee keer in willekeurige volgorde te hebben gelezen is het meest opvallende, de constante hoge kwaliteit van deze verhalen. Er zit geen mindere tussen, waardoor een favoriet kiezen niet te doen is. Het maken van een keuze tussen deze 21 verhalen zoals een ‘echte’ recensent hoort te doen, laat ik dan ook over aan die ‘echte’ recensenten.
Ik beperk mij tot het aanstippen van een aantal verhalen die belangrijk zijn geweest in de schrijverscarrière van Capote. Zonder deze verhalen had hij misschien wel niet de mogelijkheid gekregen om zijn roman “Andere stemmen andere kamers” (1948) te publiceren. De publicatie in 1945 van en de positieve reacties op zijn verhaal “Miriam” leverde hem een contract op bij uitgeverij Random House en de mogelijkheid om zijn debuutroman uit te geven. Voor “Miriam” kreeg hij de jaarlijkse O. Henry award voor beste in een tijdschrift gepubliceerd verhaal in 1946. In 1948 ontving Capote voor het verhaal “Sluit een laatste deur” de O. Henry award voor het beste Amerikaanse korte verhaal. Is de O. Henry award in de Lage Landen een zo goed als onbekende prijs, in Amerika is het een bekende literaire prijs en dé prijs voor het korte verhaal die er toe doet. Een aantal van zijn verhalen werden ook nog genomineerd voor de O. Henry award. “Miriam” en “Sluit een laatste deur” zijn dan de meest gelauwerde verhalen van Capote, zijn “Een kerstherinnering” en “Kerst in New Orleans” zijn de meest bekende en vaakst gebloemleesde verhalen.
‘En wat maakt deze 21 verhalen dan zo goed?’ hoor ik de lezer van deze recensie al vragen. Capote weet het ongewone gewoon te maken en het gewone ongewoon. Dit verduidelijkt niet veel, maar alle hoofdpersonages in de verhalen van Capote hebben een eigen kijk op de wereld met een daarbij passende eigen logica die net iets afwijkt van het gewone vanzelfsprekende en gemiddelde. Capote slaagt er keer op keer in om dit (licht) excentrieke en buitenissige zo vanzelfsprekend te zijn dat je als lezer pas na lezing afvraagt ‘maar dat kan toch helemaal niet, dat is toch niet logisch?'. Hierdoor daagt Capote ons ongemerkt uit om onszelf en de wereld om ons heen anders te beschouwen en te beoordelen.