Lezersrecensie

De literaire dochter van Döblin’s Alexanderplatz


Cies Cies
7 mrt 2021

Van Irmgard Keun (1905 – 1982) geniet in ons taalgebied alleen “Kind van alle landen” uit 1938 enige bekendheid. Daarmee is zeker niet gezegd dat de rest van haar oeuvre niet de moeite waard is om te lezen. Integendeel. “Het kunstzijden meisje” uit 1932, haar tweede roman, verdient zeker meer lezers. Met name lezers die “Berlijn Alexanderplatz” van Alfred Döblin met plezier hebben gelezen zullen aan hun trekken komen bij het lezen van “Het kunstzijden meisje”. Dat is op zich niet zo heel vreemd, want het was Döblin die Keun motiveerde om haar beginnende carrière als toneelspeelster op te geven om te gaan schrijven én “Het kunstzijden meisje” speelt zich grotendeels af in het zelfde Berlijn in dezelfde periode als dat van Döblin’s “Berlijn Alexanderplatz”. Ook wat betreft de stijl zijn er parallellen. Ze maken alle twee gebruik van ‘stream of consciousness’ en in beide romans zitten stijl elementen die rechtstreeks ontleend zijn aan de nieuwe zakelijkheid.

In “Het kunstzijden meisje” vertelt Keun het deels autobiografische verhaal van de achttienjarige Doris die in een provinciestad werkt als typiste/secretaresse en de ambitie heeft om een beroemde ster te worden. Om ster te worden moet ze naar Berlijn en moet ze met de ‘juiste’ mannen aanpappen en moet ze er mooi uitzien.
Aangekomen in Berlijn merkt Doris al snel dat niemand, maar dan ook niemand, op haar zit te wachten en dat er nog honderden jonge vrouwen zijn die hetzelfde willen bereiken als haar. In de sterke interne monologen is Doris het ene moment een nog naïef jong provinciaals meisje om twee zinnen verder als een gehaaide tante zichzelf toe te spreken. Doris beseft dat de ware Doris ergens tussen die twee in zit, maar net als de meeste anderen die ze ontmoet in Berlijn lukt het haar ook niet om het evenwicht tussen die twee te vinden. Van haar ambitie om een ster te worden komt niets terecht, Doris glijdt langzaam af richting straatprostitutie en ze denkt er dan ook regelmatig aan om met hangende pootjes terug te gaan naar haar moeder in de provincie. Teruggaan doet ze niet, Doris stelt haar ambities bij en Keun laat de lezer achter met de vraag of Doris zelf wel geloofd in die bijgestelde ambities.

Het verhaal van Doris is al tig keer verteld; ambitieus meisje uit de provincie wil het maken in de grote stad, maar slaagt daar al dan niet in. Toch weet Keun dit verhaal op een frisse en literair interessante manier te vertellen door het grootstedelijk avontuur van Doris zonder sentimentele en romantische opmerkingen te becommentariëren. Doordat Keun het niet al te autobiografisch heeft gemaakt blijft Doris model staan voor de vele honderden, duizenden jonge vrouwen die in de jaren tussen de twee wereldoorlogen naar Berlijn trokken met de ambitie om het te gaan maken. Slechts een enkeling slaagde daarin. De falende Doris van Keun vraagt niet om medeleven en toch weet Doris met al haar onhebbelijkheden de sympathie van de lezer voor zich te winnen. Dit is de verdienste van Keun die met “Het kunstzijden meisje” een boeiende inkijk geeft in het leven van een jonge vrouw in interbellum Berlijn.

Reacties

Meer recensies van Cies

Boeken van dezelfde auteur