Lezersrecensie
Waterig zonnetje vanachter miezerige wolken
Emmanuel Bove (1898 – 1945) is het pseudoniem van Emmanuel Bobovnikov. Zijn vader was een joodse migrant afkomstig uit Oekraïne die in Parijs trouwde met een Luxemburgse. Pa Bobovnikov was een avonturier van het type ’12 ambachten 13 ongelukken’ die een aantal jaren na de geboorte van Emmanuel een relatie aanging met de gefortuneerde Engelse schilderes Emily Overweg. Emily wordt voor Emmanuel een tweede moeder. Zij zorgt ervoor dat Emmanuel een gedegen opvoeding op kostschool krijgt en stimuleert hem in zijn literaire ambities. In 1921 trouwt Emmanuel met Suzanne Valois, een onderwijzers. Om in het onderhoud van zijn gezin te kunnen voorzien en ook om zijn biologische moeder financieel te kunnen ondersteunen schrijft Bove onder het pseudoniem Jean Valois populaire romannetjes. Later in zijn leven schrijft Bove onder het pseudoniem Pierre Dugast een paar politie romans. Zijn carrière als literair schrijver komt goed op gang met zijn debuutroman “Mijn vrienden” in 1922. Toch zal Bove vooral een ‘schrijvers-schrijver’ blijven. Hoog gewaardeerd door collega’s, maar nooit echt doorbreken bij het grotere leespubliek. Na zijn overlijden in 1945 daalt zijn bekendheid dan ook met rasse schreden om pas in de jaren zeventig zowel in Frankrijk als in Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk weer op te krabbelen. Sindsdien verschijnen met enige regelmaat vertalingen van zijn werk in het Nederlands. “Het voorgevoel”, vertaling van “Le Pressentiment” uit 1935 is in 2015 in vertaling van Mirjam de Veth in Nederland en Vlaanderen gepubliceerd.
“Het voorgevoel” is met 123 bladzijden een korte roman (of een langere novelle, wat jij wilt), waarin Bove de laatste fase uit het leven van de ongeveer vijftigjarige Parijse advocaat Charles Benesteau beschrijft. Benesteau besluit om van de één op de andere dag zijn gezin, zijn vrienden, zijn familie, zijn praktijk als advocaat te verlaten en in een ander deel van Parijs in een goedkoop appartement te gaan wonen. Benesteau wil anoniem en onzichtbaar voor anderen zijn dagen slijten, zonder lastig te worden gevallen door mensen die iets van hem willen, die iets van hem verwachten. Geen gezeur meer van anderen aan het hoofd voor de misantroop Benesteau. Makkelijker gezegd dan gedaan. Al vrij snel weet zijn familie hem te vinden en zijn nieuwe buurtbewoners vinden ook van alles van hem en weten ook meer en meer binnen te dringen in het leven van Bensesteau. Zijn verwachting dat wanneer hij niemand meer tot last zou zijn, anderen hem ook niet meer lastig zouden vallen, draait uit op een grote teleurstelling. Het zou nog een aantal jaren duren voordat Sartre zegt: “De hel, dat zijn de anderen”, Bove toont het in “Het voorgevoel” al. De zaken waar Benesteau tegen wil en dank en eigen sociale onhandigheid wordt betrokken zijn in de beschrijving van Bove een kruising tussen menselijke tragedie en groteske. Het tragische zit in de gebeurtenis, het groteske in de wijze waarop Bove een aantal van de personages neerzet. Hoe meer Benesteau zijn best doet om belangeloos iets goeds te doen voor zijn medemens, hoe meer last hij krijgt met zijn buren, familie en vrienden. Dit kan dan ook niet goed aflopen.
In de korte roman “Het voorgevoel” geeft Bove in een ingetogen sobere stijl een aantal scherpe schetsen van ‘gewone’ Parijzenaars in de jaren dertig van de vorige eeuw. Het leven is voor deze Parijzenaars al moeilijk genoeg, samenleven met anderen maakt het er niet gemakkelijker op. Dit pessimistische wereldbeeld gecombineerd met de misantropie van Benesteau wordt in de handen van Bove opmerkelijk genoeg geen deprimerend verhaal. Bove laat heel af en toe vanachter alle grauwe wolken die in “Het voorgevoel” vaak voor (miezerige) regen zorgen, een waterig zonnetje schijnen.