Lezersrecensie
Ontluisterende kijk op het studentenleven
In een recent nieuwsbericht over het Amsterdamse Studenten Corps kwam een verwijzing naar het boek ‘Niemand in de stad’ voorbij. Hierdoor geïntrigeerd besloot ik het boek maar eens te lezen.
In het boek maken we kennis met Philip Hofman (niet toevallig een bijna-synoniem van schrijver Philip Huff). Philip studeert geschiedenis in Amsterdam, is lid van het ASC en woont in een van de huizen van de studentenvereniging, het Vondelhuis (meestal het Weeshuis genoemd). Ook maken we kennis met de twee beste vrienden en huisgenoten van Philip, Jacob en Matt.
Het boek heeft een bijzondere opbouw. Al op de eerste pagina, in de proloog, lezen we dat Philip’s vriend Jacob blijkbaar dood is. Hoe of waarom is nog onduidelijk. Daarna gaat het verhaal terug in de tijd, en pas 300 pagina’s verderop wordt duidelijk wat er precies gebeurd is. Natuurlijk een mooie cliffhanger, in een stijl die schrijvers wel vaker hanteren. Wie nu echter denkt dat de plot van het verhaal een logische lijn naar de ontknoping is, komt bedrogen uit. Een groot deel van het boek is eigenlijk een soort sfeerbeeld van het leven in de roemruchte studentenvereniging, waar schrijver Huff ook daadwerkelijk zelf lid van was. Het verhaal leest vlot weg en kabbelt vrolijk voort, maar onderweg komen er wel een aantal diepere verhaallijnen tot ontwikkeling.
Zo leren we dat zowel Philip zelf als zijn vrienden Jacob en Matt ‘issues’ hebben in de relatie met hun vader. Alle drie komen uit gebroken gezinnen, en Philip heeft al op jongere leeftijd zijn vader te kennen gegeven dat hij nooit meer iets met hem te maken wil hebben. In zijn vriendschap met Jacob lijkt Philip hiervoor compensatie te willen zoeken.
En dan is er de relatie van Philip met zijn vriendin Elisabeth, die hij al sinds de middelbare school kent. In zijn tijd als student ontdekt hij, deels onder druk van vrienden, dat er meer in het leven is dan je je leven lang aan je eerste liefde binden. Na veel twijfel geeft Philip hier aan toe, met alle gevolgen van dien.
Ook al in de proloog plaatst Philip zijn vraagteken bij vriendschap: “Wij waren niet langer de vrienden die we in onze eerste jaren in Amsterdam waren geweest. Of, misschien juist wel. Misschien waren wij precies de vrienden die we toen ook waren.” Daar waar studentenverenigingen er vaak om bekend staan vriendschappen voor het leven te smeden, schetst Huff treffend de oppervlakkigheid die achter deze vriendschappen schuil gaat.
In het boek wordt een studentenleven geschetst dat hoofdzakelijk draait om drank en seks, en daarmee alle vooroordelen over het studentcorps bevestigt. Feitelijke studie-activiteiten komen nauwelijks in het boek voor. Tegelijkertijd hangt er echter door het hele boek heen ook een ontluisterende sfeer van leegte, alsof de schrijver daarmee duidelijk wil maken hoe inhoudsloos een leven is dat alleen maar om dit soort zaken draait. Al vroeg in het verhaal hoort Philip het zogenaamde vissersdilemma van zijn vriend Jacob: kies je voor de veilige haven, of voor de onstuimige zee? Voor de zekerheid van het vaste land, of de onzekerheid en spanning van het leven op zee? En als Philip op zeker moment boven de beur van de sociëteit de leuze ‘Vriendschap verenigt ons’ leest, is zijn reactie “Bullshit, denk ik. De twee pijlers van onze vereniging zijn drinken en neuken. Liegen en bedriegen. Dat verenigt ons.”
Huff schetst de studententijd als een laatste kans om zich aan de verantwoordelijkheden en verplichtingen van het volwassen leven te onttrekken. Als Jacob aan Philip uitlegt waarom het sociëteitsgebouw geen ramen heeft, zegt hij: “Mensen denken dat er geen ramen zijn zodat zij niet van buiten naar binnen kunnen kijken. Maar dat is niet zo … De sociëteit heeft geen ramen zodat wij niet naar buiten hoeven te kijken.”
Het is knap hoe Huff de lichtvoetigheid van het verhaal weet te combineren met deze sombere, vaak zelfs deprimerende inzichten. De strijd van Philip om te kiezen voor ‘de haven of de zee’, is voelbaar. De soms zeer expliciete seksscènes zijn grof, maar nooit echt platvloers, omdat je voelt dat Philip zoekende is naar wat het met hem doet. Dit maakt het boek tot een boeiend leesavontuur.