Lezersrecensie
Liefde, ouderdom en vergankelijkheid
OVER DE INHOUD:
Deze novelle gaat over liefde, ouderdom en vergankelijkheid.
De auteur logeerde in 2006, als eerste 35-jarige jonge vrouw in Nederland, twee weken in een bejaardenhuis. Dit deed ze voor haar werk als journaliste. Ze moest een reportageserie maken voor haar werk. In deze novelle beschrijft ze haar ervaringen in het bejaardenhuis en vult deze aan met fictie.
Voor alle jonge en oude(re) mensen die aan vergankelijkheid proberen te wennen.
In het bijzonder voor oma.
Tamar is journaliste en voor haar werk heeft ze de opdracht gekregen een reportageserie te maken over het wel en wee in een bejaardenhuis. Ze kiest voor het Sint Antonius bejaardenhuis. Dit doet ze niet zomaar. Ze wil graag haar oudtante Cecile van Kraenendonck ontmoeten, die daar ook verblijft, een zus van haar overleden oma.
Tamar krijgt een ruime kamer met badkamer in het bejaardenhuis en probeert aan alle activiteiten mee te doen. Ze gaat naar de spelletjesavond, zit & fit, jubileumconcert, drinkt een paar keer per dag koffie of thee met de bewoners en maakt gebruik van de gezamenlijke maaltijden. Hierdoor ontmoet ze veel mensen en is de kans dat ze meer te weten komt over het leven in het bejaardenhuis groter. Met meneer Bosboom werkt ze graag in de tuin.
Ze gaat op zoek naar haar oudtante en vindt haar. Ze blijkt het evenbeeld van haar oma te zijn. Tamar en haar oudtante hebben elkaar nooit eerder ontmoet. Als Tamar bij de kamer van haar oudtante aanbelt verloopt het contact niet echt soepel. Tamar besluit om niet meteen te vertellen wie ze echt is, maar vertelt dat ze journaliste is en over haar opdracht. Ze zegt tegen mevrouw Kraenendock ‘De verzorgers zeggen dat u zo’n mooie levensgeschiedenis heeft’.
Waarop haar oudtante antwoordt ‘Dan weet je van het essenhouten kistje?’ Tamar heeft echter geen flauw idee waar haar oudtante het over heeft. Ze negeert het essenhouten kistje en antwoordt ‘Nee, ik ben op zoek naar vergeten verhalen’.
Mevrouw Kraenendonck zegt dat ze op het punt staat om weg te gaan en geen tijd heeft. Het blijkt een belezen vrouw te zijn. In haar kamer staan kasten geheel gevuld met boeken. Mevrouw Kraenendonk zegt uit het niets ‘Wie leest wordt gelezen. Wie praat wordt besproken’. Ze sluit de deur af en knikt naar Tamar ter afscheid.
Krijgt Tamar de kans om haar oudtante te vertellen wie ze echt is? Wat is de levensgeschiedenis van mevrouw Kraenendonck? Welke rol speelt het essenhouten kistje?
Tom, Tamar’s vriend komt haar opzoeken en heeft meteen de aandacht van de vrouwen. Waarom Tamar die aandacht niet leuk vindt wordt gaandeweg duidelijk.
Tamar mijmert vaak over haar overleden ouders. Doet alsof haar ouders ook in dit bejaardenhuis wonen en voert gesprekken met ze. Waarom?
Zijn er ook passionele ontmoetingen tussen de bewoners?
Wat betekent ouder worden voor de bewoners, maar ook voor Tamar?
Mijn ziel is stil. Mijn ego geraakt. Alleen of eenzaam.
MIJN MENING:
De auteur heeft een eenvoudige aansprekende schrijfstijl, die hier en daar doorspekt is met humor. Ze weet een goed beeld te creëren van het dagelijkse leven in een bejaardenhuis en doet dit op een realistische en objectieve wijze. De bewoners weet ze goed te omschrijven, waardoor deze levendig worden. Situaties worden goed verwoord, daardoor ontstaat vanzelf beeldvorming.
Waarom Tamar haar oudtante nooit eerder heeft ontmoet, wordt niet expliciet verteld, maar voor de lezer is wel een conclusie te trekken.
Docters van Leeuwen laat zien, dat bewoners vaak tevreden zijn met wat ze hebben. Hechten aan rust en regelmaat. Dit in tegenstelling wat jongeren er vaker van denken.
Met genoegen gelezen.
Een beroep geeft je een identiteit, een functie waarmee je iets voor de ander kunt betekenen.