Lezersrecensie
Een leven lang strijden voor vrijheid
"Ik zeg dat ik geen minnaar wil, want ik kan niet werken als mijn leven weer rommelig en ingewikkeld wordt. Ik besef steeds beter dat het enige waar ik echt goed in ben, het enige waar ik me met hart en ziel mee bezig wil houden het creëren van zinnen is, het in een bepaalde volgorde van woorden zetten of het schrijven van eenvoudige, vierregelige gedichten. Om dat te kunnen moet ik mensen op een uitzonderlijke manier observeren, ongeveer alsof ik ze wil archiveren voor later gebruik." (p. 68).
In het derde deel van haar autobiografie is Tove Ditlevsen een gevierde auteur en leeft ze van de opbrengst van haar boeken. Ze scheidt van haar man en zoekt contact met vrienden die als een soort bohémiens samen leven. Trouwen, kinderen krijgen en scheiden zijn hier hele gewone stadia om een bepaalde vrijheid te verkrijgen. Intussen zitten we volop in de Tweede Wereldoorlog (hoewel de oorlog nogal op de achtergrond blijft). Maar Tove kan zich niet vinden in deze grillige wereld. Nog steeds snakt ze naar een vaste, hechte band met iemand en dit lijkt in strijd met de vrijheid die ze wenst om volop schrijfster te zijn. Met haar voorlaatste echtgenoot loopt het fout en raakt ze verslaafd, deel door de bijna criminele inbreng van haar man. Ze zal nooit echt van die verslaving afraken, zo lezen we in haar biografie. Het einde van haar leven is tragisch. Waar moet je de oorzaak zoeken van haar ellende, van haar verdriet? Zijn het de kinderjaren, waarin ze nood had aan een begrijpend iemand, naar iemand die haar ernstig nam? Of is het de frustratie uit de jeugdjaren, toen ze niet naar het gymnasium kon, maar als dienstmeid of secretaresse moest gaan werken? Haar leven lijkt een gemiste roeping. Hoewel ze succes had als auteur, heeft ze daar nooit echt veel van genoten. Haar leven miste de balans tussen wat evenwicht (een hechte relatie, kinderen, ...) en artistieke vrijheid...