Lezersrecensie
Ode aan een grootmoeder en een andere kijk op de geschiedenis
‘Over de radio en via het Rode Kruis was een oproep gekomen voor vrijwiligsters om een bepaalde periode te gaan helpen, ‘ergens in de archipel’.’
Dat is eind 1941 de aanleiding voor Mila Herman om samen met een groep andere Rode Kruis-helpsters op een vliegtuig te stappen, bestemming nog onbekend. Na verschillende vluchten komen ze terecht op Tarakan, in Noord-Borneo, een klein eilandje waar olie gewonnen wordt, en dat strategisch gezien heel belangrijk is.
Slechts korte tijd na hun aankomst wordt Tarakan ingenomen door de Japanners, wat de levensomstandigheden van zowel militairen, de zusters als de inlanders diepgaand verandert. Er vallen doden en gewonden, waarvoor moeten Mila en haar medevrijwilligsters moeten zorgen, hoewel ze niet altijd over alle nodige medische kennis beschikken.
We lezen over verschillende kampen, en de schrijnende omstandigheden daar, hoe de meeste mensen ondanks alles toch proberen het hoofd boven water te houden, hoe de verhoudingen onderling wisselen, en hoe sommige mensen ook boven zichzelf uitstijgen.
David Meijer hanteert een fijne schrijfstijl, korte zinnen, niet te veel tierelantijntjes, maar ook niet te droog. Hij probeert het verhaal van zijn grootmoeder op zo’n manier te brengen dat het geloofwaardig overkomt, ook al kent hij niet alle details, enkel de grote lijnen. Hij heeft dit bewust niet vanuit haar standpunt willen vertellen, maar alsof hij met haar meeliep, naast haar stond. De dialogen mogen dan niet waarheidsgetrouw zijn, ze zijn wel geloofwaardig, en dat is waar het om draait.
Dit maakt ook dat het moeilijk is om een genre op dit boek te plakken: het voelt enerzijds niet helemaal aan als een echte historische roman, omdat die vaak draait om bepaalde gebeurtenissen waarrond een fictief verhaal wordt geschreven. Anderzijds is het ook geen non-fictie, omdat niet alles zo gebeurd is zoals beschreven. Voor mij hangt het er ergens tussenin, en dat is meteen ook de waarde van het boek: het besef dat je het verhaal leest van iemand die echt bestaan heeft, gebaseerd op jarenlang onderzoek, zorgt ervoor dat je het op een andere manier leest. Laten we het een gefictionaliseerde geschiedenis noemen.
Er worden op een heel natuurlijke manier veel feiten in het boek verwerkt, vaak als uitleg in de dialogen ‘verstopt’, zeer goed gedaan, het komt nergens geforceerd over. Hierdoor krijg je een heel stukje onbekende(re) geschiedenis mee. Dat de Tweede Wereldoorlog zich ook in Indonesië afspeelt is iets waarvan ik maar een heel vaag besef had. Door dit verhaal wordt dat opengetrokken, en besef je dat er zoveel meer is dat we niet weten.
Het kaartje in het begin van het boek is een heel grote meerwaarde, zo goed als alle plaatsen die vernoemd worden staan erop vermeld, wat toch een beter idee geeft, ik heb er alleszins vaak naar teruggebladerd.
Het duizelde me soms wel van de vele namen die erin voorkwamen, ik kon de randpersonages soms moeilijk uit elkaar houden, maar aan de andere kant stoorde het ook niet echt, omdat het meestal meer om de feiten zelf ging dan om de personen erachter.
En dan volgt er nog een erg mooi nawoord. Daarin lezen we hoe David tot dit boek gekomen is, maar ook hoe het zijn grootmoeder na de oorlog vergaan is. Dat de zusters ten tijde van de oorlog zelfs dood verklaard werden is bijna ongeloofwaardig, en vooral erg pijnlijk.
Een ode aan een grootmoeder, en een andere kijk op de geschiedenis. Absoluut het lezen waard!